Vier jaar voor leider moslims Ba'asyir

Een Indonesische rechtbank heeft vandaag de radicale moslimgeestelijke Abu Bakar Ba'asyir (65), die onder meer terecht staat wegens hoogverraad, veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf.

De rechters achtten hem schuldig aan betrokkenheid bij staatsondermijnende activiteit en aan overtreding van de immigratiewet.

De rechters achtten de hoofdmoot van de tenlastelegging, leiding geven aan een poging om de wettige regering omver te werpen en in Indonesië een islamitische staat te vestigen, niet bewezen. Ook de beschuldiging dat Ba'asyir het initiatief zou hebben genomen tot een poging president Megawati Soekarnoputri te vermoorden toen zij nog vice-president was, zou door de openbare aanklagers niet zijn aangetoond. Het openbaar ministerie had op grond van de aanklacht een gevangenisstraf van vijftien jaar geëist.

,,Er is onvoldoende bewijs dat verdachte een dergelijke samenzwering heeft geleid en georganiseerd'', aldus rechtbankvoorzitter Muhammad Saleh. De rechters achtten bewezen dat Jema'ah Islamiyah (JI), een regionaal netwerk van moslimradicalen die in Zuidoost-Azië een islamitische staat willen vestigen, bestaat, maar niet dat Ba'asyir daarvan de leider is.

Aanhangers van de godsdienstleraar barstten na voorlezing van deze zinnen uit in gejuich. Ba'asyir is voorzitter van de Majelis Mujahidin Indonesia (MMI), een koepel van radicale moslimorganisaties die ijveren voor invoering langs vreedzame weg van de islamitische wet in Indonesië.

Het OM heeft tijdens het proces, dat begon in april, voortdurend geworsteld met de bewijsvoering. Getuigen die lijfelijk in de rechtszaal aanwezig waren hebben gezegd dat zij Ba'asyir alleen kennen van zijn godsdienstlessen en hem nooit over politiek hebben horen praten. Kroongetuige van het OM was een militante moslim uit Maleisië, Faiz bin Abu Bakar Bafana. Hij wordt vastgehouden in Singapore krachtens de daar geldende Internal Security Act. Via een geluid- en beeldverbinding met de rechtszaal in Jakarta verklaarde hij op 26 juni dat Ba'asyir de amir (leider) is van JI. De verdediging tekende bezwaar aan tegen deze verklaring, omdat die onder druk tot stand zou zijn gekomen.

Het proces tegen Ba'asyir is alom beschouwd als een toetssteen voor de bereidheid van Indonesië om korte metten te maken met radicale organisaties die hun politiek-religieuze doelen willen bereiken met gewelddadige middelen en terreur. JI wordt door de VN beschouwd als een `internationale terreurorganisatie'.

De advocaten van Ba'asyir verzochten na voorlezing van het vonnis om beraad met hun cliënt. Beklaagde legde daarna een mondelinge verklaring af waarin hij het vonnis haram (in strijd met de islamitische wet) noemde. Daarom kon hij het niet aanvaarden. Hij riep zijn volgelingen op om kalm te blijven.