Ouderwetse clam chowder

Het Engelse woord chowder is afkomstig van het Franse woord chaudière, dat gietijzeren pan of ketel betekent. Toen de eerste Franse kolonisten begin 18de eeuw naar de oostkust van Canada trokken, hadden ze uiteraard dit keukengereedschap bij zich. Deze kolonisten visten elke dag langs de kust en elke dag ging een deel van de vangst in de chaudière. Later werd chaudière ook het woord voor de soep die in de ketel bereid werd. De Engelse kolonisten namen het woord later over, maar daarbij veranderde de spelling tot chowder.

Inmiddels wordt deze heerlijke maaltijdsoep allang niet alleen meer met vis of schelpdieren gemaakt, maar ook met maïs. Melk en/of room zijn de laatste honderd jaar een vast ingrediënt van de chowder geworden. Manhattan chowder, die men met tomaten maakt, wordt door chowder-puristen als verfoeilijk beschouwd.

Snijd het ontbijtspek in kleine blokjes. Pel de ui en snipper hem. Verhit de boter in een grote, zware pan op een matig vuur. Doe er de blokjes spek in en laat ze onder af en toe omscheppen 3 tot 4 minuten bakken tot het vet eruit loopt. Schep er de ui door en laat onder af en toe omscheppen circa 10 minuten fruiten tot de ui gaar maar niet bruin is.

Schil intussen de aardappels. Snijd ze in kleine blokjes, ongeveer zo groot als de blokjes spek. Doe zodra de ui gaar is de aardappel, melk, slagroom en het nat van het potje vongole in de pan. Breng alles op smaak met zout en peper en de tijmblaadjes. Leg het deksel op de pan en breng het mengsel aan de kook. Draai het vuur laag en laat circa 15 minuten zachtjes koken tot de aardappel gaar is.

Schep de vongole (clams) door de soep, proef en breng hem zo nodig verder op smaak met zout en peper. Schep de soep in voorverwarmde soepborden, strooi er wat paprikapoeder over en doe desgewenst een klein klontje boter in de soep. Dien op. Geef er crackers en boter bij.