Fors hogere pensioenpremie in metalektro

Het bedrijfstakpensioenfonds Metalektro (PME) wil de pensioenpremie voor de 145.000 werknemers in de metaalindustrie verhogen van 20 naar 23 procent. Daarnaast wil het fonds de pensioenen nog maar verhogen met 60 procent van de inflatie, in plaats van de huidige 80 procent. Dat heeft een woordvoerder van PME vanmorgen bevestigd.

De directie van het pensioenfonds heeft de premieverhoging voorgesteld aan het bestuur. Dat neemt op 30 oktober een besluit hierover. Naar verwachting zal het bestuur het voorstel overnemen, omdat het voortvloeit uit de criteria die het pensioenfonds hanteert ten aanzien van de minimale dekkingsgraad. PME moet volgens de eigen richtlijnen een vermogen hebben dat minimaal 113 procent bedraagt van de pensioenverplichtingen.

Aan het einde van het tweede kwartaal bedroeg de dekkingsgraad 105 procent. Dat is precies de minimumeis die toezichthouder PVK (Pensioen- en Verzekeringskamer) stelt. De eigen normen van het pensioenfonds zijn echter strenger. Volledige indexatie van de pensioenen komt pas weer in beeld bij een dekkingsgraad tussen de 125 tot 140 procent.

Aan het einde van het eerste kwartaal bedroeg de dekkingsgraad nog 100 procent. ,,Doordat de beleggingsresultaten de laatste maanden zijn verbeterd, stijgt ook de dekkingsgraad weer'', aldus de PME-woordvoerder. Om het cijfer niet te veel te laten beïnvloeden door incidentele schommelingen, wordt het echter berekend over de laatste acht kwartalen. ,,De verbetering gaat dus heel geleidelijk.''

PME heeft, net als andere pensioenfondsen, de afgelopen jaren zijn vermogen zien slinken door de dalende beurskoersen. Het metaalpensioenfonds had eind juni een vermogen van 12 miljard euro en behoort tot de vijf grootste pensioenfondsen van Nederland. Onder het pensioenfonds vallen circa 640.000 werknemers, onder wie 145.000 werkenden, 370.000 `slapers' (oud-werknemers van de metaalsector die nog niet met pensioen zijn, maar elders werken) en 125.000 gepensioneerden.

PME verwacht pas over vijf jaar de financiële buffers voldoende aangezuiverd te hebben om de inflatie weer voor 100 procent te kunnen volgen en de premies – die voor driekwart door werkgevers worden betaald – weer te kunnen verlagen.