`Een zekere botheid' in ruzie Slovenië en Kroatië

De relaties tussen Slovenië en Kroatië staan op de tocht: het al twaalf jaar slepende conflict over de toegang van Sloveense schepen tot de Adriatische Zee escaleert.

Slovenië heeft het even helemaal gehad, met het buurland Kroatië. Slovenië heeft Kroatië altijd ongevraagd hulp geboden bij de Kroatische integratie in de Euro-Atlantische structuren, zo zei gisteren de Sloveense minister van Buitenlandse Zaken, Dimitrij Rupel. ,,Nu bereiken we het punt waarop Slovenië zijn beleid zal moeten wijzigen.''

De inzet van het conflict tussen Ljubljana en Zagreb is al zo oud als de onafhankelijkheid van beide landen: al twaalf jaar hebben ze ruzie over de vrije toegang van Sloveense schepen tot de internationale wateren van de Adriatische Zee. Slovenië heeft een kustlijn van luttele 47 kilometer. Er liggen een havenstad van belang, Kotor, en wat vissershavens, zoals Piran, waarnaar de kustbaai is genoemd: de Baai van Piran. De territoriale wateren van Slovenië zijn ook maar beperkt: na een tijdje varen de Sloveense vissers de wateren van de buurlanden Italië en Kroatië, met hun veel grotere kustlijn, binnen. Slovenië en Kroatië controleren nu ieder de helft van de Baai van Piran. Omdat de Sloveense kustlijn zo kort is, eisen de Slovenen de controle over tachtig procent van de baai.

In 2001 parafeerden de toenmalige premiers van beide landen, Janez Drnovšek van Slovenië (inmiddels president van zijn land) en Ivica Racan van Kroatië, een akkoord over alle uitstaande conflicten tussen beide landen. Dat akkoord is nodig omdat beide landen graag de EU in willen, en de EU eist dat kandidaten alleen lid mogen worden als ze geen conflicten met hun buren hebben. In het akkoord kregen, wat de Baai van Piran betreft, de Slovenen hun zin. Maar de Kroaten bedachten zich: alle politieke partijen in Kroatië namen afstand tot het akkoord, want premier Racan had te veel weggegeven. Het Kroatische parlement heeft het akkoord van 2001 dan ook nooit geratificeerd en vorig jaar kwam het zelfs tot een mini-oorlogje op zee: elke Sloveense visser die uitvoer kreeg een boot van de Sloveense kustwacht mee, om te voorkomen dat de Kroaten de visser zouden opbrengen of hem met megafoons het leven zuur zouden maken.

De kwestie is nu in een stroomversnelling geraakt: Kroatië en Italië zijn het eens geworden over de uitroeping van zogenoemde `exclusieve economische zones' (EEZ) in de Adriatische Zee. Als die wederzijdse afbakening er komt – en eind dit jaar moet dat gebeuren – kunnen de Italianen en de Kroaten onderling uitmaken wie door `hun' EEZ mag varen en wie er mag vissen – en hoeveel. Ze willen, met andere woorden, internationale wateren buiten hun eigen territoriale wateren onder hun eigen soevereiniteit plaatsen.

Zo zien de Slovenen hun vrije doen en laten in de internationale wateren in gevaar komen. Het wil pas met de Italiaans-Kroatische plannen instemmen als eerst het probleem van de Baai van Piran wordt geregeld. En wat dàt probleem betreft geeft Kroatië niet thuis.

Een uitlating van de Kroatische minister van Buitenlandse Zaken Tonino Picula, in een vraaggesprek met het blad Slobodna Dalmacija, was zondag de druppel die in Ljubljana de emmer deed overlopen. Picula zei dat Kroatië ,,al besloten heeft dat het akkoord [van 2001] ongeldig is''.

In Ljubljana barstte de bom. De Sloveense regering riep haar ambassadeur uit Zagreb terug. Piˇ­cula's collega Rupel waarschuwde dat ,,de logica'' van de Sloveense steun voor de Europese aspiraties van Kroatië op de tocht stond. Sloveense politici wezen op het feit dat de Kroaten met verschillende stemmen spraken: tegenover de tot dialoog oproepende president Mesic stond de veel agressievere premier Racan. Dat verwijt leidde tot de Kroatische repliek dat men in Slovenië ,,kennelijk niet begrijpt dat Kroatië een pluralistische samenleving is''. De Slovenen meldden te begrijpen dat het in Kroatië verkiezingstijd is, hetgeen politici in dat land verleidt tot ,,een zekere botheid'' in het woordgebruik. Het kan echter, zo zei gisteren de voorzitter van het Sloveense parlement, niet zo zijn dat Kroatië beslist over de Sloveense toegang tot internationale wateren.

Inmiddels leidt de kwestie ook tot irritaties tussen Slovenië en het andere buurland, Italië. Riccardo Illy, de president van de Italiaanse regio Friuli-Venetië, beschuldigde Slovenië gisteren van pogingen ,,Kroatië te isoleren'' door moeilijk te doen over een snelweg van Triëst naar de Kroatische havenstad Rijeka, via Sloveens grondgebied. ,,Het isoleren van buurlanden is strijdig met de moderne Europese geest en leidt tot Middeleeuwse toestanden'', aldus Illy.