Bundeling kennis over vredesmissies

TNO en het Instituut Clingendael richten samen het Clingendael Centre for Strategic Studies (CCSS) op. Dat hebben beide instituten vandaag bekend gemaakt. Het CCSS moet een onafhankelijke instelling worden, waarin de Nederlandse expertise op het gebied van vrede en veiligheid in de wereld moet worden gebundeld. Het nieuwe instituut brengt bekende Clingendael-deskundigen als Rob de Wijk, Kees Homan en Frans Osinga onder één dak met TNO-adviseurs als Frank van Kappen, voormalig senior military advisor van de Verenigde Naties.

Volgens Van Kappen was de kennis in Nederland op het gebied van vredesmissies tot nu toe verbrokkeld. Volgens hem wordt in het CCSS de ,,alfa en gamma-kennis'' van Clingendael gecombineerd met de bèta-kennis van TNO. De gebundelde expertise zal ten dienst worden gesteld van traditionele afnemers als Defensie en Buitenlandse Zaken, maar ook non-gouvernementele organisaties als Artsen zonder Grenzen.

TNO en Clingendael zijn beide semi-overheidsorganisaties, die betaald worden door de staat maar een onhankelijke adviserende functie hebben. Het CCSS, zo zegt Van Kappen, moet in de toekomst geheel financieel onafhankelijk worden: ,,we moeten straks onze eigen broek ophouden.'' Het CCSS spiegelt zich daarbij aan internationale instituten in het buitenland, zoals het Zwitserse Geneva Centre for Security Policy. Het CCSS heeft nog voor de officiële oprichting in opdracht van de Oostenrijkse regering een analyse gemaakt van de toekomst van het Oostenrijkse Defensiebeleid. Voorlopig wordt de `joint venture' overeind gehouden door geld van TNO en Clingendael, die hun deskundigen voor een bepaald aantal uren per week aan het CCSS afstaan.