Eenmalig pardon 2.200 asielzoekers

Een groep van 2.200 asielzoekers die sinds 27 mei 1998 in een eerste asielaanvraag zitten, krijgt een voorlopige verblijfsvergunning van vijf jaar. Komen ze in die tijd niet in aanraking met justitie, dan wordt deze omgezet in een definitieve verblijfsstatus. Het kabinet ging gisteren akkoord met deze eenmalige pardonregeling, waarvan de criteria door minister Verdonk (Vreemdelingen Zaken en Integratie) zijn opgesteld.

De voorwaarden zijn ruimer dan die in het regeerakkoord van CDA, VVD en D66. Op grond daarvan kwamen alleen vluchtelingen in aanmerking die ,,vanwege inactiviteit van de overheid langer dan vijf jaar in één procedure zitten''. Volgens Verdonk zouden dan slechts een kleine achthonderd vluchtelingen mogen blijven. Grote maatschappelijke onrust heeft Verdonk doen besluiten de regels te versoepelen.

PvdA, SP en VluchtingenWerk Nederland zijn teleurgesteld. Ze hadden gehoopt op een pardon voor 6.000 tot 7.000 asielzoekers die langer dan vijf in Nederland verblijven. Volgens hen gaat de nieuwe regeling, die nog door de Kamer moet worden goedgekeurd, voorbij aan ,,de duizenden asielzoekers die om humanitaire redenen niet naar hun land van herkomst kunnen terugkeren''. Ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten had aangedrongen op een ruimhartiger regeling om te voorkomen dat gemeenten worden opgescheept met grote groepen asielzoekers die niet mogen blijven, maar ook niet kunnen worden uitgezet.

De 2.200 asielzoekers die nu mogen blijven moeten voor 27 mei 1998 een asielaanvraag hebben ingediend. Ze moeten in afwachting zijn van een eerste asielaanvraag of een voorwaardelijke vergunning tot verblijf hebben, al die tijd onafgebroken in Nederland hebben doorgebracht en er mogen geen contra-indicaties zijn, dat wil zeggen dat ze geen gevaar mogen vormen voor de openbare orde en geen onjuiste gegevens mogen hebben verstrekt.

Verdonk zal iedereen die onder de pardonregeling valt voor 2004 aanschrijven. Daarnaast kijkt ze op grond van haar `inherente afwijkingsbevoegdheid', volgens welke ze in incidentele gevallen mag afwijken van de regels, naar de schrijnende gevallen die buiten de pardonregeling vallen. [Vervolg PARDONREGELING: pagina 3]

PARDONREGELING

'Oplossen van probleem lukt niet helemaal'

[Vervolg van pagina 1] Verdonk heeft ruim 7000 aanvragen ontvangen van mensen die menen als `schrijnend geval' buiten de pardonregeling te vallen. Maar ze verwacht ,,slechts in zeer incidentele gevallen'' van haar bevoegdheid gebruik te maken.

Om haast te kunnen maken met het uitzetten van uitgeprocedeerde asielzoekers (volgend jaar naar schatting zo'n 10.000) richt Verdonk een nieuwe terugkeerorganisatie op. In de twee bestaande uitzendcentra bij Zestienhoven in Rotterdam en op Schiphol, die pas de komende maanden op volledige sterkte zijn, kunnen 300 mensen worden opgevangen.

Al enkele jaren wordt in Den Haag gepraat over de noodzaak van een specifieke pardonregeling. Het huidige pardon is een direct gevolg van de oproep begin dit jaar van voormalig minister Nawijn (Vreemdelingen Zaken en Integratie/LPF) op een manifestatie van Vluchtelingenwerk Nederland aan ,,schrijnende gevallen'' om zich bij hem te melden. De brieven die asielzoekers daarop stuurden, worden `14.1-brieven' genoemd, naar de datum van zijn oproep.

Nawijn kreeg geen steun van het eerste kabinet Balkenende voor een pardonregeling, maar een nipte Kamermeerderheid dwong de regering er alsnog toe.

Verdonk zegt met de regeling ,,een oplossing te hebben gevonden voor een maatschappelijk probleem'', zo zei ze tegen het NOS-Journaal. ,,Maar helemaal oplossen lukt me in dit geval niet.''

Deze maand bleek dat veel asielzoekers wiens opvang in Nederland beëindigd wordt, snel even een brief schreven aan minister Verdonk om op de `Nawijn-lijst' te worden gezet. Hun uitzetting werd dan opgeschort omdat Verdonk nog geen duidelijkheid had gegeven over de criteria.

Het ministerie van justitie dat verantwoordelijk is voor het vreemdelingenbeleid, wil dat het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) het aantal asielcentra fors inkrimpt, omdat het aantal asielzoekers dat naar Nederland komt sinds de verscherpte Vreemdelingenwet, terugloopt.

Een aantal COA-personeelsleden vindt de krimp-operatie te snel gaan, zo schrijven ze op een website waarmee ze protesteren ,,tegen de versnelde afbraak van de asielopvang''. Als gevolgen van dat beleid noemen ze ,,toenemende agressie van asielzoekers, psychische klachten, verhoogde werkdruk en verlies aan kwaliteit''.

In een brief van 14 augustus aan alle medewerkers, schrijft algemeen COA-directeur H. Janssen ,,zich vergist'' te hebben in de krimp. ,,De logistieke problemen zijn groter dan verwacht.''