De stand van de emancipatie

Even waande ik me terug in de jaren zeventig toen enkele vrouwelijke Tweede-Kamerleden van GroenLinks dinsdag in de vergaderzaal verschenen in T-shirts met de tekst `Baas in eigen buik'. Dat was dertig jaar geleden de centrale eis van de tweede feministische golf (de eerste draaide om de invoering van het vrouwenkiesrecht). `Baas in eigen buik' had betrekking op legalisatie van abortus. Tot het uiterste hebben christelijke politici, met name de als lolbroek poserende fanaticus Van Agt, zich verzet tegen de verwijdering van abortus uit het Wetboek van strafrecht. Het gevecht voor de keuzevrijheid en daarmee het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen werd gevoerd buiten de Kamer (Dolle Mina, de bezetting van de Bloemenhovekliniek) en daarbinnen door dappere politici als de briljante, jong gestorven juriste Anneke Goudsmit (D66).

Het is misschien inmiddels moeilijk voorstelbaar dat er in die tijd werkelijk moed voor nodig was om de abortuskwestie aan de orde te stellen, omgeven als deze was met godsdienstige, culturele, zedelijke en strafrechtelijke taboes. De actie van de Kamerleden Femke Halsema, Ineke van Gent en Evelien Tonkens was gericht tegen het voornemen de anticonceptiepil uit het ziekenfondspakket te halen. Veel meer dan een aardig knipoogje naar de oudgediende Dolle Mina's van weleer moet je er waarschijnlijk niet achter zoeken.

Toch is het maar de vraag of de bekostiging van de pil een dermate principieel punt is dat het een parallel met de abortusstrijd rechtvaardigt. Als de regering nou had voorgesteld de verkoop van de anticonceptiepil te verbieden, ja, dan zouden vrouwen massaal in opstand moeten komen en de leuze `Baas in eigen buik' uit de mottenballen moeten halen. Ik kan me nog herinneren dat de pil voor minderjarige meisjes alleen maar als medicijn tegen 'menstruatieproblemen' kon worden voorgeschreven. Het gebruik ervan op massale schaal viel echter door de zedenmeesters niet tegen te houden. Dat is cruciaal geweest voor de vrouwenemancipatie.

Maar of vergoeding via het ziekenfonds nog altijd een voorwaarde is voor keuzevrijheid en seksuele zelfbeschikking betwijfel ik. Het lijkt me erger dat de vergoeding van de tandarts uit het ziekenfonds gaat. De principekwestie – baas in eigen buik – speelt hooguit een rol voor meisjes die afhankelijk zijn van hun ouders, in milieus waarin seks voor het huwelijk nog steeds taboe is, zoals in islamitische en streng christelijke gezinnen. Voor hen moet de pil hoe dan ook gratis beschikbaar blijven. Voor de rest is het geen emancipatie-, maar een (piepklein) financieel probleem. De duurste anticonceptiepil, Yasmin, kost per half jaar €42,48 de goedkoopste, Microgynon 30, kost voor zes maanden €16,37. Het gebruik ervan is dus zeker niet onbetaalbaar. Condooms zijn aanzienlijk duurder (drie stuks Durex naturel kosten €2,31). Uit het oogpunt van volksgezondheid – de preventie van seksueel overdraagbare aandoeningen – zou het geen gek idee zijn condooms gratis ter beschikking te stellen.

Het grappige aan het incident in de Tweede Kamer (de GroenLinks-vrouwen werden door fungerend Kamervoorzitter Gerda Verburg berispt wegens onparlementair gedrag) is dat het aantoont hoever de emancipatie is opgeschoten. Als de voorvechtsters van nu denken dat het seksuele zelfbeschikkingsrecht staat of valt met zestien euro per half jaar, betekent dit dat de algemeen aanvaarde sekseverhoudingen van dertig jaar geleden buiten hun voorstellingsvermogen zijn komen te liggen. In zekere zin: gelukkig maar.

Iets dergelijks was me al opgevallen in de commentaren op de eind juli op de televisie getoonde documentaire Town Bloody Hall, een filmverslag van een debat op 20 april 1971 in het stadhuis van New York tussen de schrijver Norman Mailer en bekende feministes, Germaine Greer, Betty Friedan, Jill Johnston, om er een paar te noemen. Mailer had in een essay, The Prisoner of Sex, lucht gegeven aan zijn angst voor het feminisme, omdat dit tegen de door biologische verschillen gedicteerde natuurlijke orde en bestaande rolpatronen inging. In het debat werd hij zodanig bestookt en geprovoceerd dat zijn mannelijke angsten minstens vertienvoudigden. Ruim dertig jaar na dato konden de televisierecensenten in zowel deze krant als de Volkskrant hun verbazing niet op: wat een rare wezens, die feministes! Die Mailer had groot gelijk, er zijn immers wel degelijk biologische verschillen tussen man en vrouw! Er viel dus zoveel jaar later voor een volgende generatie niets meer te begrijpen van waar het debat toen over ging: de huwelijksmoraal, de conventies, de moederschapcultus, economische afhankelijkheid, discriminatie, de beweerde ongeschiktheid van vrouwen voor bestuur, wetenschap, kunst, zaken, et cetera. Vrouwen moeten kinderen baren en voor kinderen zorgen, punt uit.

Wat nu alleen orthodoxe moslims nog zeggen – de vrouw is tot gehoorzaamheid geschapen – en waar het CDA nog een vage echo van laat horen als het gaat over moeders in de bijstand – beter thuis bij de kinderen dan een positie op de arbeidsmarkt – dat zeiden toen de Norman Mailers over alle vrouwen.

Welaan, we zijn drie decennia verder. Dat vrijwel niemand meer snapt waar het in de jaren zeventig over ging zie ik als bewijs van vooruitgang. Mogelijk zou je op dat punt zelfs al wel voorzichtig kunnen spreken van een bijna-voltooiing van de emancipatie. Maar ja. Dan lees je in Trouw dat in Maastricht een Afghaanse vrouw en haar tienjarig dochtertje zijn vermoord omdat de namus, de eer van de familie, het gebood. En dat dit normaal is. En dat een Afghaanse man, die zijn vrouw naar Nederland haalde (,,zij moet voor de kinderen en het huishouden zorgen') in de krant zegt dat hij haar zal vermoorden als zij van hem zou willen scheiden, en dat broers leren hun zusjes te slaan en dat dochters leren dat zij fysiek geweld gehoorzaam moeten verdragen.

Hier helpt voorlopig, vrees ik, geen debat zoals het in 1971 met Norman Mailer werd gevoerd, evenmin als leuzen over baas in eigen buik, of meer terzake, baas over het eigen lot en leven. Hier moet eerst harde strafrechtelijke repressie haar werk doen: prioriteit bij politie en justitie voor het aanpakken van huiselijk geweld, mishandeling, bedreiging, feitelijke slavernij; prioriteit voor de handhaving van het Nederlandse recht dat genoeg aanknopingspunten biedt voor ingrijpen in elke situatie waarin vrouwen vogelvrij zijn of als paria's worden behandeld.

Dat is vandaag de dag de belangrijkste maatstaf om de stand van de vrouwenemancipatie aan te meten.

Gerectificeerd

In haar column `De stand van de emancipatie' (Zaterdags Bijvoegsel, 30 augustus, pagina 28) noemt Elsbeth Etty het voormalig D66-Kamerlid Anneke Goudsmit een `jong gestorven juriste'. Dat is onjuist. De juriste Anneke Goudsmit (geboren in 1933, hier op een foto uit 1972) is na haar Kamerlidmaatschap van 1967 tot 1974 opnieuw gaan werken als advocaat, werd daarna parttime raadsheer aan het Amsterdamse gerechtshof en ging eind jaren negentig met pensioen. De hoofdredactie biedt mevrouw Goudsmit voor deze fout haar excuses aan.