Baarn - Hoorneboegse Heide

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week een stukje van het net uitgekomen Utrechtpad.

Het heeft geregend, kort, met een stevige rechte-straalbui, en nu heeft het bos een goed humeur. De grond ruikt kruidig, de bomen bladerig, de varens golven glanzend tussen de stammen. Hoge eiken en beuken overkappen de brede lanen van het Baarnse bos tot statige galerijen. Ze leiden naar de gebogen paadjes die op een soortgelijke manier met takken overdekt zijn. De bomen staan op een centimeter of 80 afstand van elkaar. Ze worden kort gehouden en hun kronen breed, langs het pad zijn hun twijgen weggesnoeid. Zo wordt een groen gangetje geschapen. Een `berceau' heet zo'n wegje, schrijft het Utrechtpad. Een wieg, dus. Ik ben vergeten hoe het was in de wieg, maar de geborgenheid van het gebladerte-hemeltje komt er denkelijk dichtbij.

Daar ligt Paleis Soestdijk, breed en wit en goed voor zoete herinneringen, zoals de wetenschap dat koningin Juliana MoVaVeDo was voor ons, jonge padvindsters: Moeder Van Vele Dochters, en daar hoorde ik dan bij. Ik trotseer de grijns van man, ik wil met het Paleis op de foto.

De route volgt de paleistuin en dat betekent een kleine kilometer (de tuin is eigenlijk een park) wandelen aan de drukke Amsterdamsestraatweg. In het natte gras langs de paleishekken slingeren vellen informatie die een Amersfoortse apotheek verstrekt bij een zeker antidepressivum, en ook een afleverbon voor drie ventilatoren (drie maar?) aan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

We buigen met de hekken mee en bewandelen we nu een uitloper van het parkbos van Soestdijk. Het is een `stiltegebied, geluidsoverlast wordt bedreigd met een proces verbaal'. Maar met het geraas van het verkeer klinkt het pas naar stilte in het heidegebied. Boven de heide heerst afwisselend grauw en blauw. Bij grauw komt het paars mooier uit, dieper.

In de droge zomer was ik vergeten hoe lekker vochtig zand loopt. Hoe dan de knieën vanzelf buigen en net niet helemaal strekken; hoe los de schouders worden, hoe ontspannen de blik. Heel ver weg beginnen de trommelaars van een harmonie met hun repetitie.

We wandelen van bos naar bos, steeds is het hoog en weelderig van naald en loof. En antiek aangelegd. Aangelegde romantiek is ook romantisch, wie dat niet ziet is zielig. Het moeten kruisen van de stinkende A27 is een teleurstelling, maar die wordt vergoed doordat de loopbrug vervolgens voert over de `berceau' van de ouderwetse gebogen bovenleiding-dragers boven het spoor ernaast.

Aan het laatste bospad treurt diep onder de sparren een stel afrikaantjes en begonia's. Met kluit en al achtergelaten. Gingen de eigenaars met vakantie? Ik kan ze niet redden, maar de minuscule tuinkabouter tussen de bloemetjes neem ik mee.

15 km. Kaarten 25, 26, 27 uit: Utrechtpad. Uitg. NIVON, Amsterdam, 2003. Eind- en beginpunt van de route zijn verbonden met bus 138 (2 keer per uur), uitstappen op station Hilversum, aldaar de trein naar Baarn.