`Autonomie is toch een illusie'

Zweden heeft het Verdrag van Maastricht ondertekend en móet eigenlijk meedoen met de euro. Maar de stemming dreigt om te slaan. Minister Lund van Internationale Economische Zaken: `Zweden is terug bij het Hamlet-perspectief.'

`Overal in Europa zie je dat kiezers tegenwoordig pas op het laatste moment, de laatste dagen en soms zelfs de laatste uren, een keuze maken. Het Zweedse publiek is over het algemeen bereid om zich te laten overtuigen.'' Gunnar Lund glimlacht. De minister van Internationale Economische Zaken en Financiële Markten, verantwoordelijk voor de eurocampagne van de Zweedse regering, vertrouwt er nog steeds op dat de Zweden op 14 september `ja' zullen zeggen.

Lund wijst op opiniepeilingen die een lichte stijging voor het `ja'-kamp laat zien en op de bijna 20 procent twijfelaars. Maar volgens een peiling van de Danske Bank van enkele dagen geleden zegt nu 53 procent `nee' of `misschien nee', tegen 52 procent een maand geleden. Het aantal mensen dat `ja' of `misschien ja' zegt, ligt bij hen onveranderd op zo'n 43 procent. Van de kiezers die zeggen zeker te zijn van hun antwoord is 39 procent tegen de euro en 26 procent voor.

Toen premier Göran Persson in november vorig jaar de datum voor het referendum bekendmaakte, was er nog een kleine maar geleidelijk slinkende meerderheid voor eurodeelname. Was het moment voor het referendum wel goed gekozen? ,,Timing is altijd lastig'', geeft Lund toe. ,,Zweden had in 2001 een goed EU-voorzitterschap achter de rug. De introductie van de euro in 2002 verliep soepel, terwijl veel Zweden vooraf dachten dat het nooit zou lukken, dat het een absurd project was. De stemming in het land schoof daardoor op ten gunste van Europa. Maar intussen zijn we geconfronteerd met een recessie, die veel eurolanden bovendien harder heeft getroffen dan Zweden. De oorlog in Irak en de naweeën daarvan hebben mensen onzeker gemaakt. Isolationisme is, zeker in Zweden, een gebruikelijke reactie op conflicten.''

Toch gelooft Lund nog steeds dat een meerderheid van de Zweden voor de euro zal stemmen. ,,De centrale vraag is de Zweedse relatie tot Europa en de rol die we binnen de Europese Unie willen spelen. Binnen de uitgebreide EU, met de bevriende Baltische staten. Mensen moeten zich realiseren dat de felste weerstand tegen de euro komt van de Linkse Partij en van de Groenen. Zij zijn sowieso tegen Europa. Lees hun partijprogramma's er maar op na: als het aan hen ligt, stapt Zweden morgen uit de Europese Unie. Het referendum heeft de 40 à 50 procent van de Zweden wakker geschud die in 1994 sceptisch waren over de Europese Unie en dat nu nog steeds zijn.''

Lund had die groep liever niet gewekt. Maar de regering had geen keus. Officieel heeft Zweden met de toetreding tot de EU het Verdrag van Maastricht onderschreven. Daarin staat dat landen die voldoen aan de criteria, tot de EMU toetreden, de economische en monetaire unie. In tegenstelling tot Denemarken en Groot-Brittannië, die na lang onderhandelen de mogelijkheid kregen om buiten de monetaire unie te blijven, heeft Zweden helemaal niet het recht om niet aan de euro mee te doen. Maar de politici beloofden in 1994 dat een `ja' tegen de EU niet automatisch betekende dat de euro werd ingevoerd anders was het destijds zeker `nee' geworden.

,,Zweden is terug bij het Hamlet-perspectief'', meent Lund. ,,De pro-Europese houding die we de afgelopen jaren zowel in eigen land als naar buiten toe hadden opgebouwd, is nu weer gesimplificeerd tot een simpel voor en tegen. Dat kan veel schade veroorzaken. Alleen als we nu `ja' zeggen, blijft die schade beperkt. Dan kunnen we er zelfs versterkt uitkomen, want dan blijkt Zweden definitief voor Europa te hebben gekozen. Als `nee' wint, zeggen we eigenlijk opnieuw `ja' tegen die Hamlet-houding.''

Lund vreest dat de Zweedse invloed in Europa na een `nee' zal afnemen. Die invloed is nu opvallend groot, zoals blijkt uit een recente Europese studie. Daarin staat Zweden op de vierde plaats (na Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië) van landen die hun mening weten door te zetten. Volgens Lund verandert dat bij afwijzing van de euro, want `nog niet meedoen' is niet hetzelfde als definitief niet meedoen.

Hoewel, definitief. Persson heeft al gezegd dat de regering na een `nee' de vraag op termijn opnieuw aan het volk zal voorleggen. Of dat nu zo'n gelukkige uitspraak was, betwijfelt Lund. ,,Onbedoeld gaf Persson ruimte voor het Hamlet-perspectief. De `nee'-campagne zei meteen: bij twijfel niet oversteken. We kunnen later altijd nog `ja' zeggen. Afwachten en we zien wel. Maar ik zeg: we hebben gewacht en gezien. De conversie is prima verlopen, de stabilisering heeft zichzelf bewezen.''

Het belangrijkste economische argument van de tegenstanders is volgens Lund dat Zweden zijn monetaire autonomie verliest. ,,Maar die autonomie is een illusie'', zegt hij. ,,Was het niet Wim Duisenberg die ooit zei dat de autonomie van De Nederlandsche Bank heel groot is en ongeveer twintig minuten duurt, vanaf het moment dat de Duitse bank een besluit neemt tot het moment dat De Nederlandsche Bank dat besluit volgt? Ik wil niet zeggen dat onze Riksbank haar werk niet goed doet. Maar meestal concludeert de bank dat ze de Europese Centrale Bank moet volgen.''

Lunds sociaal-democraten zitten met een imagoprobleem. Want hoe legt hij uit dat prominente politici van zijn partij, zelfs binnen de regering, zich tegen de euro verzetten? Weliswaar heeft de premier hun de mond gesnoerd. Maar veel heeft dat niet geholpen. Toen de directie van telecomgigant Ericsson deze week dreigde het hoofdkantoor in Stockholm te verplaatsen naar een euroland als de bevolking `nee' zegt, liet minister van Handel en Industrie en anti-euro Leif Pagrotsky weten daar niet bang voor te zijn. Een hogere inflatie is voor investeerders riskanter dan de onbeduidende kosten door valutaschommelingen, zei Pagrotsky, die daarmee nieuwe munitie gaf aan het `nee'-kamp.

,,De sociaal-democratie in Zweden is groot en bestrijkt een breed spectrum aan opinies'', zegt Lund. ,,Onze kiezers zijn daaraan gewend. Er was in de partij ook een heftig debat over de afschaffing van de nucleaire energie en ook over toetreding tot de EU in 1994. We hebben het oplossen van dit soort conflicten tot een kunst verheven.''

Een `ja' zou daarbij volgens Lund wel helpen. ,,Ook na een `ja' moeten we onze wonden likken. Maar een `nee' zal de machtsbalans in het parlement verschuiven. De Linkse Partij en de Groenen, onze huidige coalitiegenoten, zullen versterkt terugkeren en met nieuwe eisen komen. Het is nu al vaak heel moeilijk om aan hun wensen te voldoen. Veel sociaal-democraten, ook ikzelf, zullen nog meer concessies niet accepteren. Maar samenwerking met bijvoorbeeld de liberalen, voor velen een goed alternatief, levert geen parlementaire meerderheid op.''

Lund staart somber voor zich uit. ,,Een `ja' op 14 september zou alles zoveel gemakkelijker maken.''