Tweede titel sprintster Kelli White

De Amerikaanse Kelli White heeft gisteren tijdens de WK atletiek in Parijs als eerste een tweede wereldtitel behaald. Zondag was ze de snelste op de 100 meter, net als gisteren op de 200 meter in een persoonlijk record. Op de kortste sprintafstand ging ze van 10,93 naar 10,85 seconde, op de 200 meter van 22,21 naar 22,05.

White toonde weinig vreugde toen ze over de finish kwam als de nieuwe wereldkampioen op de 200 meter. Pas nadat ze een fles drank had aangenomen, maakte de Amerikaanse een diepe buiging naar het publiek en verscheen een glimlach op haar gezicht. Ze maakte het V-teken en drapeerde de Amerikaanse vlag over haar schouders.

Hoe bijzonder de progressie van White ook is, de 26-jarige atlete uit Californië is nog lichtjaren verwijderd van het wereldrecord van haar overleden landgenote Florence Griffith-Joyner, 21,34.

White liep zich in een bijzonder rijtje, omdat slechts negen vrouwen voor haar er op grote toernooien in slaagden beide sprintnummers te winnen. Bij wereldkampioenschappen is ze de eerste sinds de voormalige Oost-Duitse Katrin Krabbe (1991), die op haar beurt de prestatie van de voormalige Oost-Duitse Silke Gladisch (1987) evenaarde. De eerste atlete die ooit de dubbel behaalde was Fanny Blankers-Koen, op de Olympische Spelen van 1948 in Londen. Zes vrouwen deden dat de Nederlandse bij Zomerspelen na, onder wie de Amerikaansen Wilma Rudolph (1960), Griffith-Joyner (1988) en Marion Jones (2000).

Jones geldt nog steeds als de belangrijkste concurrente van White, maar zij gaf haar gezin dit seizoen voorrang. Eind juni beviel ze van een zoon, Tim, genoemd naar de echtgenote van Jones, de wereldrecordhouder op de 100 meter Tim Montgomery. Voor Eurosport deed Jones in de Franse hoofdstad verslag van onder meer de winnende race van White op de 100 meter, maar nadat haar man teleurstellend vijfde was geworden, stapte het sprintersechtpaar met kind direct op het vliegtuig naar huis.

Nu Jones nog met verlof is, staat het eerste duel tussen beide sprintkanonnen pas op de agenda in het olympische jaar 2004. Op haar specialiteit heeft zich voor de komende jaren nog een concurrente aangekondigd, Allyson Felix. Dit pas zeventienjarige talent liep in Parijs haar eerste WK en haalde zelfs nog de kwartfinale. Het persoonlijk record van de nieuwste sprintsensatie is 22,11, een tijd die gisteren goed zou zijn geweest voor de zilveren medaille.

White, al tien jaar getraind door de Oekraïense coach Remi Korchemny, vloog gisteren uit de startblokken. Meteen nam ze een beslissende voorsprong. Whites landgenote Torri Edwards leek de grootste kanshebber, maar werd in de slotmeters voorbijgelopen door Anastasia Kapachinskaja. Het verschil afstand tussen de Russin en de wereldkampioene bedroeg liefst drietiende seconde.

White vertelde na afloop dat ze op het eind last kreeg van kramp. ,,Ik ben erg vermoeid na deze week.'' Tijd om uit de rusten heeft ze nog niet, want ze maakt ook deel uit van de estafetteploeg. Bij het begin van het toernooi had White beloofd dat ze na de individuele nummers haar intrek zou nemen in het atletendorp, om dichter bij de rest van de ploeg te zijn. Om de drukte daar te vermijden verbleef White tot nu toe in een hotel, met haar familie. Haar moeder, een Jamaicaanse die op de 4x400 meter uitkwam bij de Olympische Spelen van 1972 in München, had na de gewonnen race op de 100 meter alle vriendinnen van haar dochter het telefoonnummer van het hotel in Parijs gegeven, zodat White ook daar weinig rust genoot: de meeste vriendinnen die belden vanuit Californië hielden geen rekening met het tijdverschil.