Rwanda

Jeroen Corduwener noemt in deze krant argumenten om Rwanda te weren van de lijst van landen met goed bestuur, waarmee Nederland een ontwikkelingsrelatie heeft (Opiniepagina, 9 augustus).

De kritiek van Corduwener is op zich in orde, maar de conclusie is te gemakkelijk en alternatieven worden niet geboden.

Om uiteenlopende redenen hoort geen van de landen in de Grote Meren-regio van Afrika thuis op een lijst `goed bestuur'. Toch is voor Nederland de Grote Meren-regio een kerngebied voor het Afrika-beleid. Terecht, gezien de humanitaire rampen en de onderontwikkeling in de regio.

Bij een briefing voorafgaand aan haar reis naar de regio, deelden Nederlandse maatschappelijke organisaties met minister Van Ardenne (OS) hun zorgen over Rwanda. Deze organisaties dringen al jaren aan op een regionale benadering, met meer ruimte voor steun aan Congo en Burundi.

Naast ontwikkelingssamenwerking en humanitaire hulp is ook internationale bemiddeling, inclusief militair ingrijpen, nodig om de nog voortdurende oorlogen en de onderhuidse spanningen in de regio tot een einde te brengen.

Het gaat om een strategische aanpak van Rwanda als onderdeel van geïntegreerd regionaal beleid voor de Grote Meren-regio, van Nederland en op EU-niveau.