Het beloofde land van Lars von Trier

Amerika is een fictief land. Iedere filmkijker die naar Amerika reist komt daar vroeg of laat achter. De straten, de huizen, in steden of gehuchten, ze zijn in je verbeelding al talloze malen betreden. Die bijzondere slapzwarte koffie, hij is al duizend keer gedronken. En zelfs de levens van de Amerikanen, een bijzondere soort wezens, zijn ondenkbaar vaak ingeleefd, maar toch nooit helemaal begrepen omdat ze zo vaak een happy end hebben, terwijl in je eigen wereld het getob maar door gaat.

De Deense filmmaker Lars von Trier haat Amerika. Maar ten dele op politieke of culturele gronden, zoals zijn Amerikaanse critici hem verwijten. Hij haat Amerika omdat hij er nooit zal komen. Lars von Trier heeft reisangst. Het duurt hem soms weken om vanuit Denemarken in Cannes te komen, het filmfestival waar zijn films in première gaan, hun eerste hartstochtelijke voor- en tegenstanders ontmoeten en prijzen winnen. Maar de oceaan oversteken, dat is net een brug te ver.

Zelfs als je uit het land van Carl Dreyer komt, dan is Amerika nog steeds het beloofde filmland. Maar Lars von Trier weet dat hij nooit met eigen ogen zal kunnen zien hoe de filmische, ideale werkelijkheid en de alledaagse zich daar tot elkaar verhouden. Wat is een afspiegeling van wat? In zijn laatste twee films, de musical Dancer in the Dark en Dogville, die nu in Nederland in première gaat, gebruikt hij Amerika daarom als een extreme cinematografische metafoor.

Film is Amerika, stelt hij. En omdat je Amerika toch nooit kunt leren kennen, maakt het ook niet uit of je Amerika in krijtlijnen op de grond kalkt. Dit is een huis, dat een straat, daar woont een aardig mens, en hier een schurk.

Die krijtstrepen zijn het eerste wat opvalt aan Dogville. De film is in extreme stilering opgenomen in een zo goed als lege studio, met indirect kunstlicht, zonder decors en met nauwelijks rekwisieten. Dit is de arena, de rechtszaal. Welkom in Dogville, ergens in de Rocky Mountains. Welkom in Plato's grot. We bevinden ons in de jaren dertig, toen de Grote Depressie de levens van de mensen ook ontdeed van onnodige opsmuk, waardoor ze gedwongen werden in even heldere lijnen te leven en te denken. De gebeurtenissen die zich in de film afspelen worden daardoor letterlijk en figuurlijk geïsoleerd. De levens van de hoofdpersonen zijn afschaduwingen van andere levens.

Hun rust wordt verstoord door de komst van Grace. Grace wordt gespeeld door Von Triers nieuwe muze Nicole Kidman, die ondanks geglimlach in Cannes later heeft laten weten niet te zullen spelen in de twee volgende delen van de USA- Land of Opportunities-trilogie, waarvan Dogville de eerste is.

Ze is op de vlucht. In Dogville woont Tom. Niet Tom Cruise, ex-meneer Kidman, maar een idealistische idioot, die bij wijze van sociaal experiment vindt dat de dorpelingen Grace in hun midden moeten opnemen, in ruil voor een paar klusjes. De morele vragen die dat oproept, over plicht en dankbaarheid en menselijkheid, zijn streng gesteld. Toch is Grace niet weer een lijdzame Von Trier-heldin, à la Breaking the Waves of Dancer in the Dark, de zogeheten Goudhartje-films, naar het meisje uit het gelijknamige sprookje.

Voor Grace liet Von Trier zich inspireren door het lied van Seeräuber Jenny, uit de Driestuiversopera van Bertolt Brecht. Dat lied zingt hoe alle inwoners van een havenstad gestraft worden voor het feit dat ze Jenny zo slecht behandelen.

De ene Brechtiaanse inspiratie leidt snel tot de andere Brechtiaanse interpretatie. Zo is rondom Dogville al vaak de invloed van Brechts theater en het gebruik van het V-effekt (vervreemdingseffect) bediscussieerd. Von Trier zou net als Brecht de (theatrale) illusie hebben willen verstoren in Dogville door zo meer bewustzijn bij de toeschouwer te creëren voor de politieke boodschap van zijn verhaal.

Maar in feite doorbreekt Von Trier nergens die illusie. De toeschouwer moet dan wel met zijn eigen ogen de muren van de huizen bouwen, maar als er gemimed wordt dat iemand een deur open doet, lijkt de geluidsband wel een hoorspel, inclusief het kreunen van de scharnieren. Er is een vertelstem, van John Hurt, die ons hypnotiseert, in plaats van bij de les houdt. In zijn speelse portret van Lars von Trier (in de World Directors-serie van het British Film Institute) schrijft filmcriticus Jack Stevenson dat om het genie van Von Trier te bevatten, je eerst in contact met dat van jezelf moet komen.

Er zullen veel mensen zich vervelen bij het bijna drie uur durende Dogville. De film laat zich met weerzin veroveren. Maar net zoals Breaking the Waves mij ergerde en Dancer in the Dark eindeloze tranen op liet wellen, zo is Dogville een aangenaam elektrificerende sensatie voor het brein. Ik ben benieuwd of Von Trier nog eens een film zal maken die direct het hart beroert.

Dogville. Regie: Lars von Trier. Met: Nicole Kidman, Harriet Andersson, Lauren Bacall, Jean-Marc Barr, Paul Bettany, James Caan, John Hurt, Udo Kier. In 15 bioscopen.

    • Dana Linssen