Fiscale heffing leaseauto omlaag

De fiscale behandeling van de auto van de zaak wordt per 1 januari 2004 drastisch gewijzigd. Leaserijders en werkgevers zullen er gemiddeld genomen op vooruit gaan, terwijl privérijders (die met een eigen auto naar het werk gaan) de wijziging als een lastenverzwaring zullen voelen. Zo hoeft vanaf 1 januari 20 procent van de cataloguswaarde van een lease-auto bij het belastbaar inkomen te worden opgeteld, in plaats van de huidige 25 procent.

Doel van de wijziging is de administratieve rompslomp rond de belasting van de auto van de zaak te versimpelen, zo bevestigen bronnen rondom het kabinet. De nieuwe regeling maakt deel uit van het Belastingplan 2004, dat met Prinsjesdag wordt gepresenteerd.

De behandeling van de auto van de zaak is het bedrijfsleven sinds 1996 een doorn in het oog, omdat werknemers en werkgevers ingewikkelde rittentabellen moeten bijhouden en gebruik moeten maken van zogeheten staffels met verschillende bijtellingspercentages om in aanmerking te komen voor lagere belasting op de auto. Dat vervalt. Woon-werk-verkeer van minder dan tien of meer dan dertig kilometer per rit tellen nu als privé-kilometers, vanaf 1 januari als `zakelijk'. Dat betekent bijvoorbeeld dat een bouwvakker of loodgieter die het bestelbusje van zijn baas mee naar huis neemt om de volgende dag tijdig op een klus te kunnen zijn, daarvoor dan niet meer door de belastingdienst wordt aangeslagen.

Voor werknemers die met een privé-auto naar het werk gaan, betekent de aanpassing een verslechtering van hun situatie. Nu krijgen zij per gereden kilometer een belastingvrije vergoeding van 28 eurocent. Die vergoeding wordt fors verlaagd, om de kosten voor de versimpeling van de regeling voor zakelijke rijders grotendeels mee te betalen. De totale maatregel mag de overheid niets extra's kosten, melden ingewijden.