Roken

In het rokershoekje van ons ziekenhuis kwam ik haar tegen: een jonge vrouw, hoogzwanger, zichtbaar genietend van een sigaretje.

Als longarts moest ik denken aan dat babytje, dat al voor zijn geboorte moest meeroken. In een zwak moment kon ik mijn ergernis niet verbergen. Zo ontspon zich de volgende samenspraak.

,,Weet u, mevrouw, waar ik zo blij om ben?'' Ik maakte het gebaar van het opsteken van een sigaret.

,,Nee, waarom dan?''

,,Dat ík daar niet binnen in die buik zit.''

Ze keek me even taxerend aan en zei: ,,Nou, daar ben ik ook blij om!''

Bijdragen van lezers zijn welkom via een formulier op www.nrc.nl/ik