Gat in duin Schoorl heeft gunstig effect

Het graven van een honderd meter breed gat in de duinen bij Schoorl is gunstig geweest voor de natuur.

Dat blijkt uit onderzoek naar het project De Kerf van Rijkswaterstaat en Staatsbosbeheer dat vandaag wordt gepresenteerd. In vijf jaar tijd is de zee dertig keer de achterliggende Parnassiavallei binnengestroomd, wat heeft geleid tot meer dynamiek in het dertig hectare grote proefgebied aan de Noord-Hollandse kust. Na elke overstroming ontstaan brakke meertjes. Ook zijn er meer zandverstuivingen. De overstromingen hebben geleid tot de komst van zeldzame en bedreigde zoutminnende plantensoorten, zoals zeewolfsmelk, moeraswespenorchis, zeeweegbree en gelobde melde. Ook uitgestorven gewaande paddestoelensoorten zijn teruggekeerd, zoals wortelende champignonzwam en gele grondkorstzwam.

De onderzoekers noemen het experiment ,,in de meeste opzichten een succes''. Wel lijkt het aantal overstromingen af te nemen. Dat komt volgens de onderzoekers doordat de `drempel' voor het gat in de duinen in de afgelopen vijf jaar weer iets hoger is geworden. Ook zijn er minder hoge waterstanden en stormen uit de ,,juiste richting'' geweest. ,,Op dit moment valt nog niet te zeggen of de overstromingsfrequentie verder zal afnemen en `de Kerf' weer afgesloten zal raken van zee, of dat de zee-invloed via regelmatige overstroming een blijvend karakter heeft'', aldus de onderzoekers. Als ,,enkele minpunten'' van het project noemen de onderzoekers het verlies van enkele aardkundig waardevolle elementen en van vroeger aanwezige droge duingraslanden en heiden.

Staatsbosbeheer zelf rept van ,,aansprekende resultaten'' voor de natuur. Bovendien is het landschap er interessanter door geworden en dat trekt weer duizenden bezoekers per jaar. Wellicht kunnen op meer plaatsen langs de Hollandse kust openingen in de zeereep gemaakt.