De donkere kant van het Zeeuws meisje

Morgen gaat tijdens het Zeeland Nazomer Festival de theatermonoloog Ik, Zeeuws Meisje in première in een Albert Heijn-filiaal. ,,Ik toon het tegenbeeld van het pittoreske Zeeuwse leven'', zegt schrijfster Marjolein Bierens.

Zij is de Maria Magdalena van de Zuivelvoorziening, het meisje met de lachende, frisse blos dat het befaamde pakje boter siert met fraaie gesteven kap op het hoofd en aan weerskanten van haar gezicht twee gouden spiegels. Schrijfster Marjolein Bierens, zelf afkomstig uit Tholen, schreef de theatermonoloog Ik, Zeeuws Meisje. De voorstelling wordt gespeeld op verschillende locaties in Zeeland maar steeds in een zelfde omgeving: actrice Angelique de Bruijne brengt de monoloog telkens in het `zuiveleiland' van de Albert Heijn in Vlissingen, Goes en Burgh-Haamstede.

,,Ik sta tussen de pakken yoghurt en melk, er is een stapel pakjes boter van Zeeuws Meisje. Maar Albert Heijn heeft dit merk uit het assortiment genomen, juist nu wij het gaan spelen. Wij hebben een doos Zeeuws Meisje bij Dirk van den Broek gekocht'', laat Angelique de Bruijne weten. Zij voltooide in 1996 de Toneelschool in Maastricht en speelde grote rollen, als Lulu en als Ophelia in Hamlet bij het Nationale Toneel. Ze werd bekend door haar filmrol in Wilde Mossels (uit 2000, regie Erik de Bruyn).

Angelique de Bruijne heeft een Zeeuws-Vlaamse achtergrond en kan, als ze wil, met een Zeeuws accent praten: ,,Ik ben door mijn grootouders opgevoed in Zeeuws-Vlaanderen, voor de Zeeuwen is dat niet echt Zeeland. Het echte Zeeland is dat van de eilanden. Ik draag een Zeeuws kostuum, speciaal van Zuid-Beveland met oorijzers en een gesteven kap. Elke dag moet ik voor het begin van de voorstelling naar een mevrouw in Arnemuiden, die gespecialiseerd is in klederdracht. Alles luistert heel nauwkeurig. Hoe de vier rokken over elkaar plooien, hoe strak de kap over mijn haar moet zitten. Met tientallen speldjes worden mijn krullen onder die kap vastgestoken. Ook de verhoudingen zijn belangrijk: je mag geen te kleine spiegels combineren met een grote kap. Ik herinner me uit mijn jeugd in Sluiskil dat de vrouwen erg op elkaar letten. De streekdracht is ook een teken van rijkdom of juist armoede. Had je bijvoorbeeld geen spiegels, dan zeiden de mensen: `Zij is arm. Die heeft thuis niets te eten'.'' De monoloog Ik, Zeeuws Meisje heeft overigens niets te maken met de televisieserie uit 1997 met Roos Ouwehand als heldin.

De eerste versie van Ik, Zeeuws Meisje werd twee jaar geleden gespeeld door drie allochtone actrices van het gezelschap De Nieuw Amsterdam. Daarna maakte Marlies Cordia, programmamaakster bij de Humanistische Omroep Stichting, er een hoorspel van dat werd bekroond met de Prix Europe. Schrijfster Marjolein Bierens is gefascineerd door het archetypische beeld van het Zeeuwse meisje als nationale trots. Ze studeerde aan de mime-opleiding van de Amsterdamse Theaterschool. In het vaste toneelrepertoire voelde ze zich nooit thuis. Daarom begon ze haar eigen teksten te schrijven. Binnenkort komt haar hoorspel Motel Texel uit.

,,Met haar blos op de wangen staat het Zeeuws meisje symbool voor het goede, het gulle'', zegt Marjolein Bierens. ,,In de monoloog toont zij ook haar donkere kanten, ze is ruig. In haar jeugd heeft ze te lijden gehad onder incest. Mannen misbruikten haar, namen haar te grazen. Ze is een kind van het platteland dat op een dag rigoureus breekt met het landleven en naar de grote stad vertrekt. Ze wantrouwt de mannen en ontwikkelt haatgevoelens jegens het aan de kerkelijke traditie gebonden Zeeuwse platteland. Ik toon het tegenbeeld van het pittoreske boerenleven. Mijn vader was een echte Zeeuw. Hij hield van Zeeland maar verafschuwde de benepenheid van de eilanden, de verstikkende macht van de kerk. Het vertrouwen van mijn hoofdpersoon is verstoord geraakt door de gebeurtenissen uit haar jeugd. Achter het masker van haar lachende gezicht gaat gewelddadigheid schuil. Net als haar omgeving leeft ze in de overtuiging dat hard werken en pijn verdragen onontkoombaar en noodzakelijk zijn.

,,Door de miskraam die ze krijgt, beroof ik haar van het beeld van vruchtbaarheid. Opeens beseft ze dat ze niet thuishoort op het platteland. Ze neemt vanaf dat ogenblik zelf de beslissingen en weigert langer trouw te blijven aan de eigen folklore. Ze heeft maar één mogelijkheid om de gesloten boerengemeenschap te ontvluchten: naar de grote stad gaan. Zeeuwse meisjes en ook de Hollandse kaasmeisjes hebben een erotische uitstraling; ze zijn vol van postuur. Ik heb nogal wat kennissen in de diplomatieke dienst en laatst nog, in Canada, verscheen er tijdens een receptie plots een stel oer-Hollandse kaasmeisjes. Ik dacht: of je laat kaasmeisjes komen, of je huurt een stel hoeren in. Dat ligt niet ver van elkaar''.

Hoewel Angelique de Bruijne uitstekend Zeeuws kan spreken, doet ze dat in de voorstelling niet: ,,Dan wordt het teveel, dan verlies ik mijn geloofwaardigheid. Bij repetities heb ik wel gemerkt dat mannen geschokt reageren op de rauwheid van mijn tekst. Vrouwen zien er ook de humor van in. Mijn personage heeft nadrukkelijk een criminele kant, maar niemand betrapt haar of doorziet haar kwade opzet. Want dat is onmogelijk: een crimineel Zeeuws meisje. Zo vrijwaart haar onschuldige uiterlijk haar voor straf. Ze speelt met haar eigen stereotype beeld. Het zuiveleiland in de Albert Heijn is een treffend decor bij deze rol. Het is haar achterland, haar oorsprong''.

Zeeland Nazomer Festival: Ik, Zeeuws Meisje. Première: 27/8 Albert Heijn, Vlissingen. Aanvang 22.00u. T/m 6/9. Inl.: 0900-33 000 333; www.nazomerfestival.nl

    • Kester Freriks