Boze Godett kraakt protocol

Op de eerste dag van het bezoek van de Nederlandse fractievoorzitters aan de Nederlandse Antillen ging Anthony Godett met de media aan de haal, Tweede-Kamervoorzitter Weisglas en de andere politici in stomme verbazing in een natuurparkje achterlatend.

Geërgerd doorbrak de veelbesproken Antilliaanse politicus Anthony Godett 's avonds het diplomatieke protocol door weg te lopen van een ontmoeting met bewoners van de sloppenwijk Souax Abou. Een wijk, ooit gekraakt door woningzoekenden, nu gelegaliseerd door de Curaçaose overheid. Het is een woonbuurt in opbouw, er is inmiddels water en elektriciteit – kortom, een schoolvoorbeeld van succesvol sociaal beleid.

Dat was het verhaal dat de Nederlandse fractievoorzitters, door de wijk rijdend in een luxe touringcar, te horen kregen. Godett zat zich in die bus te verbijten. Zeker toen het bezoek aan de wijk werd afgebroken om op tijd te zijn voor een buffet, in de woning van de Nederlandse permanente vertegenwoordiger op de Antillen. Er was helaas alleen nog tijd voor een kort bezoek aan een natuurparkje naast de voormalige sloppenwijk.

Godett liet de parlementaire delegatie en de bus voor wat ze waren. Hij liep terug naar Souax, een handvol Nederlandse journalisten in zijn kielzog. Tweede-Kamervoorzitter Frans Weisglas en de Nederlandse fractievoorzitters liet hij in stomme verbazing in het natuurparkje achter.

Tijdens een anderhalf uur durende voettocht door het andere deel van de wijk, Souax Arriva, liet hij zien wat de delegatie uit Nederland niet had mogen zien. De straten waar openbare verlichting niet werkt. Waar huizen op grote schaal zijn afgesneden van elektriciteit en water. Bouwvallige krotten waar gezinnen van tien mensen na zeven uur 's avonds bij gebrek aan licht in het donker leven. De straten zijn er desolaat en donker. Dikke bundels loshangende bedrading verraden de plaats waar ooit elektriciteitsmeters zaten. Water is er een schaars goed, dat 's ochtends bij een benzinestation moet worden gekocht en dan te voet naar de huizen moet worden gebracht.

Godett loopt in een geïmproviseerde mars door die krottenwijk. Hij baart opzien met zijn gezelschap. ,,Ik geloof in hem, hij is de leider van de arme mensen'', zegt een oude vrouw als hij voorbij loopt. `Nini' wordt Godett liefkozend genoemd door mensen die uit hun huizen komen . Auto's toeteren. Inzittenden scanderen de leus: `Solo el pueblo', de macht is aan het volk.

Terwijl elders de Nederlandse parlementaire delegatie zich per bus begeeft naar het galabuffet, hijst Godett zijn journalistieke gevolg in de open laadbak van een oude vrachtauto. ,,We gaan naar het huis van mijn moeder. En daarna naar het huis van mijn zus, premier Mirna Godett.'' Hij wil laten zien dat de familie Godett niet in luxe leeft. ,,Hoezo corruptie, hoezo smeergeld? Waar zit dat geld dan?''

In de woning van zijn moeder opent hij de ijskast. Om duidelijk te maken hoe sober de Godett's leven. ,,Kijk, anderhalf ons kaas en wat kleinigheidjes. Niks geen kaviaar.'' Vervolgens roept hij: ,,We gaan op naar Seru Fortuna.'' Godett stapt als eerste in de laadbak van de vrachtauto. Seru Fortuna is de beruchtste sloppenwijk van de Antillen, met werkloosheid, drugs en criminaliteit als bepalende factoren. De politie durft zich er nauwelijks te vertonen. De wijk toont donker na zonsondergang. Straatverlichting is aangelegd, maar brandt niet.

's Ochtends had Godett tijdens het officiële programma in het Statengebouw in Willemstad al de wrevel van Nederlandse parlementariërs gewekt. ,,Hier leeft de grootste leider van Curaçao, van de Nederlandse Antillen en Aruba'', zo eindigde hij zijn speech in het Antilliaanse parlement. Een speech die anderhalf uur werd uitgesteld omdat er zo snel geen tolk voorhanden was voor zijn in het Papiaments opgestelde verhaal.

Anthony Godett's speech doorkruiste de beleefdheidsfrases die aan de bijeenkomst vooraf waren gegaan. Voor het bezoek aan de Staten waren de fractievoorzitters te gast bij vertegenwoordigers van de regering.

Premier Mirna Godett had, ondanks het halve uurtje tijd dat ze beschikbaar had, alle Nederlandse politici vriendelijk de hand geschud. PvdA-fractievoorzitter Wouter Bos kreeg zelfs een omhelzing omdat hij zich beijverd had om het parlementaire bezoek door te laten gaan. Niets wees erop dat haar kabinet-Godett op dat moment, nog geen maand na de beëdiging, verwikkeld was in een serieuze ministerscrisis.

In de Staten vroegen de fractievoorzitters Maxime Verhagen (CDA) en Boris Dittrich (D66) om opheldering over het Antilliaanse rechtshandhavingsbeleid en de plannen om de bodyscanner op vliegveld Hato te verwijderen. Ze kregen bijna Statenbreed de wind van voren. Alsof die bodyscanner het kernprobleem voor de Antillen was. Armoede was het probleem, de uitkleding van het pensioenstelsel en het inmiddels torenhoog gestegen financieringstekort.

,,Godett gaf alleen maar blijk van emoties'', zei Dittrich na afloop van de zitting. ,,Een inhoudelijke aanpak van de problemen heeft hij niet.''

,,Hij grossiert in statements'', was het commentaar van Verhagen. ,,Dat hij in het Papiaments spreekt is zijn zaak. Het maakte zijn verhaal er niet helderder op. Het was voor hemzelf nuttiger geweest als hij gewoon Nederlands had gepraat.''

Godett overziet uren later, in het in donker gehulde Seru Fortuna nog eens zijn positie. ,,Ze willen me stoppen. Ze willen me kwijt. Desnoods word ik doodgeschoten, Daar houden we rekening mee. Maar we hebben al een opvolger geregeld. Er staat altijd een nieuwe Godett op.''