Amerikanen prefereren de kalasjnikov

Er valt te twisten over de overeenkomsten tussen Irak en Vietnam, maar op één punt zijn de twee conflicten identiek: de Amerikaanse soldaten gebruiken liever de automatische geweren van de vijand, dan de vuurwapens die hun eigen Pentagon uitdeelt. Net als tijdens de gevechten tegen de Vietcong in de jaren zestig en zeventig geven de Amerikaanse GI's in de strijd tegen Iraakse guerrillastrijders de voorkeur aan de AK-47 van Russische origine, waarvan ze er honderdduizenden in beslag hebben genomen.

Het meer dan 50 jaar oude Sovjet-model heeft, aldus Amerikaanse militairen tegen het persbureau AP, meer knockdown-power dan de M-16's en de modernere M-4's waarmee het leger hen uitrust. De AK-47 heeft een kaliber van 7.62 millimeter, waardoor minder kogels nodig zijn om een tegenstander uit te schakelen dan de munitie van 5.56 millimeter van de Amerikaanse automatische geweren. Dit zwaardere kaliber komt goed van pas bij straatgevechten waarin de Amerikaanse eenheden sinds maanden zijn verwikkeld. ,,Je wilt een vijand snel kunnen uitschakelen'', zegt sergeant Tracy McCarson tegen AP met een AK-47 op zijn schoot. Bovendien schiet je ermee stukken makkelijker door een houten deur of een lemen muur heen.

En dat is niet de enige reden waarom de soldaten liever met een AK-47 patrouilleren. Het Russische wapen is ook beter bestand tegen de hitte en het stof dan de preciezer vurende, maar kwetsbare Amerikaanse vuurwapens. De M-16's van de collega's van soldaat Jessica Lynch bijvoorbeeld, die met een konvooi legertrucks aan het begin van de oorlog in de stad Nassiriyah in een Iraakse hinderlaag liep, haperden, zodat ze zich niet goed konden verweren.

De voorkeur van de GI voor de AK-47 is een groot compliment voor de inmiddels 83-jarige uitvinder van het wapen: Michail Kalasjnikov. Volgens de Sovjet-overlevering was de gewonde tanksoldaat Kalasjnikov tijdens de Tweede Wereldoorlog zwaar teleurgesteld in de prestaties van de Russische geweren en bedacht hij in het veldlazaret een nieuw ontwerp. Wat de Sovjet-propaganda er niet bij vertelde was dat de Avtomat Kalasjnikova die in 1947 in productie werd genomen, bijna een kopie was van een pistoolmitrailleur die in gebruik was bij Duitse parachutisten, het Sturmgewehr.

Michail Kalasjnikov kreeg niet alleen van de lagere Amerikaanse rangen in Irak een pluim voor zijn uitvinding, ook de Coalition Provisional Authority, CPA, het Amerikaans-Britse bestuur in Irak, roemt de AK-47, zij het indirect. Begin augustus liet de CPA weten op zoek te zijn naar tienduizenden AK-47's om het nieuwe Iraakse leger mee uit te rusten. Met de vuurwapens mocht, aldus de offerte op de CPA-website, nog nooit een schot zijn afgevuurd en ze kwamen alleen voor aanschaf in aanmerking als ze na 1987 waren vervaardigd.

In theorie zijn er leveranciers genoeg: van de AK-47 zijn er wereldwijd tientallen miljoenen geproduceerd, niet alleen in Rusland, maar ook in bijna alle andere Oostbloklanden en bij bondgenoten zoals Noord-Korea en Vietnam. Maar ook de afgezette Iraakse leider Saddam Hussein liet miljoenen stuks van het automatische wapen produceren. En daarin geven de Amerikanen hem dus groot gelijk.