Grieken pakken ex-oligarch Goesinski op

De voormalige Russische oligarch en media-tycoon Vladimir Goesinski is vorige week bij zijn aankomst in Griekenland op het vliegveld van Athene gearresteerd. Goesinski wordt in Rusland beschuldigd van het witwassen van geld en van fraude op grote schaal.

Goesinski kwam donderdagavond in Athene aan uit Israël, waar hij in ballingschap woont. Pas zaterdag werd zijn arrestatie bekendgemaakt. Volgens de Griekse autoriteiten is Goesinski aangehouden op basis van een Grieks-Russisch bilateraal akkoord over samenwerking op juridisch gebied.

Goesinski werd in december 2000 al eens gearresteerd in zijn woning in Spanje; maar een Spaanse rechtbank weigerde toen hem uit te leveren aan Rusland, omdat de door Rusland opgegeven gronden van zijn arrestatie in Spanje geen misdrijf zijn. Hij vestigde zich vervolgens in Israël. Rusland vroeg in 2000 Interpol een internationaal arrestatiebevel tegen Goesinski uit te vaardigen, maar dat verzoek werd midden 2001 door de secretaris-generaal van Interpol afgewezen omdat de Russische aanklacht ,,een voornamelijk politiek karakter'' had.

Goesinski, die zijn zakelijke carrière begon als handelaar in computers en bureaumeubilair en later als adviseur van Amerikaanse bedrijven, stichtte in 1989 een bank, Most, die vooral dankzij de goede relaties tussen Goesinski en de Moskouse burgemeester Loesjkov floreerde. In 1992 lanceerde Goesinski een eigen televisiestation, NTV, de eerste onafhankelijke landelijke zender in Rusland. Daarna breidde hij zijn mediabelangen uit tot een waar imperium, met het radiostation Echo van Moskou, het dagblad Segodnja en het weekblad Itogi, een tv-programmablad en een uitgeverij. Die media werden in Rusland lang gezien als de belangrijkste onafhankelijke media.

Goesinski had lang goede relaties met het Kremlin. Hij steunde president Jeltsin in de campagne voor de presidentsverkiezingen van 1996. Maar in de lente van 1999 sloot hij zich aan bij de oppositie. Zijn imperium Media-Most beschuldigde het Jeltsin-kamp van corruptie. Hij steunde een centrum-linkse coalitie in de parlementsverkiezingen van 1999 en kandidaat Javlinski tijdens de presidentsverkiezingen die in maart 2000 door Vladimir Poetin werden gewonnen. Sindsdien zijn de betrekkingen tussen Media Most en het Kremlin drastisch verslechterd, tot Goesinski eind 2000 Rusland moest verlaten.

Volgens de Russische justitie heeft Goesinski onder valse voorwendsels een lening van 262 miljoen dollar voor Media Most losgepeuterd bij het staatsgasbedrijf Gazprom. Later kwamen daar beschuldigingen bij als zou Goesinski geld hebben witgewassen. In 2001, na Goesinski's vertrek uit Rusland, nam Gazprom zijn mediabezittingen over op basis van die nooit terugbetaalde lening. Zelf heeft Goesinski steeds gezegd dat Poetin hem buitenspel wilde wegens de kritische berichtgeving van zijn media over zaken als Tsjetsjenië.