Rolling Stones (1)

Na haar politieke opvattingen ziet Elsbeth Etty nu ook het culturele erfgoed van haar sixties ernstig bedreigd (Z, 16 augustus). Wat ze sinds die mooie tijd ook bijleerde, nuanceren niet.

Tegenover de ,,grote kunst'' van de Stones en al dat andere ,,spannends en moois'' van die jaren staan die eeuwige criticasters en ook nu zijn deze ,,stokoud'', ja zelfs ,,ouwe-wijverig'' vast het allergrootste verwijt dat mevrouw Etty kent. De kritiek zelf laat ze voor wat die is: het wijzen op het als rebellie vermomde hedonisme (door Sjoerd de Jong, NRC Handelsblad, 12 augustus) en de sleetsheid van die vermomming tegenwoordig (in het redactioneel commentaar diezelfde dag). Die kritiek, met een andere strekking dan die van 40 jaar terug, getuigt voor haar slechts van hetzelfde ,,geborneerd provincialisme''.

Ze laat hiermee zien dat die mooie sixties één soort mensen intact hebben gelaten: zij die met Grote Woorden (,,grote kunst'') maar zonder argumenten hun culturele gewicht willen vergroten. Kritiek is dan ook niets voor zo iemand als mevrouw Etty; zij vindt dat meer iets voor ouwe wijven.

    • Willem Wander van Nieuwkerk Zeist