Gelukkig terug op school

Joost Kentson is rector van het Revius Lyceum in Doorn. Hij geeft nog steeds les, want `ik wil met mijn voeten in de modder staan'. Deel zeven van een zomerserie over bekroonde docenten.

Hij was de eerste landelijke leraar van het jaar, in 1999. ``Ik kwam er heel laat achter dat ik in die procedure zat'', bekent Joost Kentson, leraar economie te Doorn. ``Het is een rare gewaarwording, dat dat allemaal achter je rug om gebeurt: een nominatie door de school en zelfs het raadplegen van leerlingen door de commissie!'' De verkiezing was georganiseerd door het leraarsvakblad Van Twaalf tot Achttien. Kentson: ``Het ministerie durfde zoiets nog niet aan. Want alle leraren moeten natuurlijk even goed zijn! En echt Nederlands is zo'n verkiezing natuurlijk ook al niet.''

Maar nog veel vreemder – en tragischer – was dat Kentsons blijde uitverkiezing op een moment kwam dat zijn school, het Revius Lyceum, in diepe rouw gedompeld was door de moord op leerlinge Sabine Jansons. Het hoofd stond niet echt bij een prijs. ``Ik dacht er serieus over om die prijs maar niet te aanvaarden, onder zulke omstandigheden. Ik heb het toch gedaan. Ik vind dat die twee dingen, vreugde en leed, naast elkaar moeten kunnen bestaan.'' Een deel van het prijsgeld besteedde Kentson aan de kosten van een kunstwerk dat medeleerlingen ter nagedachtenis van Sabine maakten. ``1500 van de in totaal 4500 gulden die ik kreeg, diende ik te besteden aan iets dat de `communicatie onderling' moest bevorderen. Nou, dit was duidelijk het beste.'' Het kunstwerk hangt prominent in de hal van het lyceum.

Sindsdien is er veel gebeurd met Kentson. Verrassend genoeg gaf hij snel na de uitverkiezing zijn leraarschap op om bij een educatieve uitgeverij te gaan werken. En nog veel verrassender was dat hij minder dan een jaar later al weer terug was op zijn oude school als rector.

In zijn ruime rectorskamer in het fraaie Revius Lyceum aan de lommerrijke rand van Doorn geeft Kentson tekst en uitleg over zijn overstap. We moeten de omvang van die veranderingen niet overdrijven. ``Ik heb nooit alleen maar les gegeven. Ik wil er altijd iets bij doen. Er zijn collega's die full time voor de klas staan en bij wie het fantastisch gaat, maar voor veel anderen zou het beter zijn dat niet te doen. Als je 25 lessen per week les geeft, blijft er echt geen tijd over voor andere dingen, zoals deskundigheidsbevordering en andere ontplooiing en ontwikkeling.''

Kentson heeft altijd van alles `erbij' gedaan, in de schoolcommissie bijvoorbeeld voor de invoering van de basisvorming, en daarna ook in die voor de tweede fase. ``En ik heb ook veel gewerkt aan lesmethodes. Zo kwam ik dus bij die uitgeverij. Ik was al hoofdauteur in een auteursgroep, en deed daarmee al veel uitgeeftaken. Bij die uitgever was toen net een fusie, en mij werd gevraagd: word uitgever! Ik dacht toen: ik kan eigenlijk best op het hoogtepunt net die prijs gehad als leraar stoppen. Ik was ook net veertig geworden. Maar ik bleek het verschil met school te onderschatten. Ik dacht, ik sta daar niet langer voor de klas maar toch wel gewoon achterin de klas. Maar bij zo'n uitgeverij zie je natuurlijk helemaal geen leerlingen meer, alleen maar auteurs, leraren dus voor wie jij helemaal niet hoog op het prioriteitenlijstje staat. Ze doen het naast hun gewone werk. Dat viel ook een beetje tegen, je spreekt iets af met zijn allen, en bij de volgende bijeenkomst hebben ze dan hun huiswerk helemaal niet gemaakt! Mijn overstap werd door sommigen op school ook wel als verraad gezien. Zo populair zijn de uitgeverijen niet bij leraren.''

Bij de educatieve uitgeverij heeft Kentson altijd in goede sfeer gewerkt, benadrukt hij. Maar de commerciële omgeving bracht toch ook wel verrassingen. ``Als ik hier op school een lesbrief bedenk, dan maak ik hem en deel ik hem uit, aan de gang ermee, klaar! Je hebt alles in eigen hand. Maar daar zit je natuurlijk op een veel hoger abstractieniveau. Als ik een idee had wilde de commercieel directeur weten `of de markt daar wel op zat te wachten'. Ik wilde bijvoorbeeld de oefening van vaardigheden veel verder integreren in de lesmethode, maar dat werd allemaal veel te duur. De marketeer durfde dat niet aan. Je werkt toch voor de grootste gemiddelde deler. Begrijpelijk, maar toch.''

En amper was Kentson een beetje ingewerkt op de uitgeverij of daar stond zijn oude school al weer op de stoep. Er was een nieuwe rector nodig, zou hij misschien.....? ``Eerst zei ik nee. Want het is dan toch net alsof je met hangende pootjes terugkomt. En dan nog, ik heb nota bene als leerling zelf op deze school gezeten, jarenlang hier leraar geweest, zou je dan ook nog eens hier rector moeten worden? Maar ja, er volgden allerlei gesprekken en toen zag ik toch wel allerlei mogelijkheden. Als rector heb je toch wel weer een heel andere positie dan als leraar, natuurlijk.''

En Kentson ging energiek aan het werk. Allerlei moderne managementideeën voert hij nu in, de meeste vrij voor de hand liggend, maar in het onderwijs toch niet altijd gebruikelijk. ``Op resultaat werken bijvoorbeeld heel modieus natuurlijk, tenzij je het in de praktijk brengt! Het basisidee in het onderwijs is dat wie hard werkt, goed werkt. Maar dat is natuurlijk helemaal niet zo. We moeten af van die excuuscultuur: `maar hij werkt zo hard!' Ongericht hard werken is niks, de een doet dit, de ander doet dat, zonder samenhang breng je weinig tot stand. Ik probeer dat te veranderen, met stappenplannen, matrixen, doelen voor over vier jaar, duidelijkheid wie waarvoor verantwoordelijk is, enzovoorts, enzovoorts. We doen nu dus ook vakoverstijgende projecten, en dan stuit je onmiddellijk op de autonomie van de leraar. Drie dagen hebben we voor de derde klassen een taaldorp gehad, met een fysiek dorp in de aula. Hé, zag je toen die leraren naar elkaar kijken, zo doen wij het ook. Zo ontstaan contacten, uitwisselingen en verbeteringen.''

Hij geeft ook nog altijd les, twee havo-5-klassen. ``Ik ben geen directeur van een koekjesfabriek. Ik wil met mijn voeten in de modder staan. Want het is verbazingwekkend hoe snel de afstand groot wordt, als je eenmaal rector bent.''

Kentsons onderwijscarrière begon geleidelijk, met bijlessen economie en wiskunde als bijbaantje tijdens zijn studie. ``Toen merkte ik al hoe leuk het is om dingen uit te leggen, en om te zien wat het resultaat is. Het is heel bevredigend om kinderen te helpen, om van een vier een zes te maken. En toen belde dus op een vrijdag een mavodirecteur of ik niet een zieke docent kon vervangen. 's Maandags ben ik begonnen. Het was een hel. Wat een verschil met die bijlessen! Niemand in die klassen zat op mij te wachten, hoor. Ik besloot het een paar maanden vol te houden en dan was het wel weer genoeg geweest. Maar toen begon het tij te keren. Van 1986 heb ik toen hier op het Revius lesgegeven, tot 2000 dus. En nu zit ik er weer.''