Ida en de berg

Er was eens een berg, en hij is er misschien nog steeds, en daarop groeiden (of groeien), ontzettend veel frambozen. Die berg staat in Turkije en heet Ida. Mooie naam. Voor een meisje maar ook voor een berg. In de Latijnse naam voor framboos komt daarom nog steeds ida voor. Rubus idaeus heet hij officieel. Maar jij mag gewoon framboos zeggen. Je hebt ze in veel verschillende kleuren. Geel en oranje en allerlei tinten roze en rood. Zelfs witte frambozen heb je.

Frambozen groeien graag waar het hoog en een beetje fris is. Daarom komen er heel lekkere frambozen uit Zwitserland en Schotland. De mensen in Engeland eten graag Schotse frambozen en maken er desserts mee. Soms zo eenvoudig dat je nauwelijks door hebt dat het een nagerecht is. Denk je: eigenlijk is het gewoon brood met warme frambozen. Toch eten ze het als toetje. Die Engelsen toch!

Het recept stond in de krant. In een Engelse krant. Een krant die voornamelijk over geld gaat, maar je moet ook eten en je hebt geld nodig om frambozen te kopen. Klopt dus wel een beetje.

In een bakpan doe je de inhoud van een bakje frambozen en wat water en ook suiker. Niet te veel. Voorzichtig verwarmen. Deksel erop en af en toe een beetje schudden. Als ze goed heet zijn, het sap eraf gieten (later opdrinken!). Misschien nog wat suiker erbij en een beetje citroensap. Op ieders bord leg je wat blokjes vers geroosterd brood. Zonder korst. Boven op elkaar.

En wat doe je dan? Dan schep je de frambozen daar overheen. Wordt het een brood- en frambozenberg. Meisjes die Ida heten krijgen een extra hoge berg.