Voorstel bij WTO tegen dat van EU/VS

Een groep van zestien minder arme ontwikkelingslanden onder leiding van Brazilië, India en China heeft gisteren bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) in Genève een tegenvoorstel ingediend voor een handelsakkoord. Met het voorstel reageren de landen op het Amerikaans-Europese `raamakkoord' voor de wereldhandel in agrarische producten van vorige week.

In het tegenvoorstel is sprake van een aanzienlijk grotere reductie van de importheffingen en subsidies voor boeren dan de Europese landen en de VS in gedachten hebben. Tegelijkertijd zou er minder geëist worden van arme landen.

Het voorstel ,,beoogt bij te dragen aan de onderhandelingen over landbouw, met uitzicht op doorzichtige, gebalanceerde en inhoudelijke resultaten'', zo liet de delegatie van Brazilië in een verklaring weten. Landbouw is volgens het Zuid-Amerikaanse land ,,de spil'' van de huidige onderhandelingsronde over wereldhandel. De ronde begon in 2001 met een ministersconferentie in Doha (Qatar) en wordt de Doha Ontwikkelingsronde genoemd, omdat het accent zou moeten liggen op resultaten voor de ontwikkelingslanden. Uiterlijk eind volgend jaar moet de ronde tot concrete resultaten hebben geleid.

Bij de WTO in Genève wordt momenteel dag en nacht gewerkt om te komen tot een blauwdruk voor de onderhandelingen over landbouw en andere handelsonderwerpen tijdens de conferentie van ministers van de 146 lidstaten van de WTO die van 10 tot 14 september zal worden gehouden in het Mexicaanse Cancún.

De hoofdonderhandelaar van de Europese Unie bij de WTO, Peter Carl, liet weten niet erg onder de indruk te zijn van het tegenvoorstel van de groep van zestien ontwikkelingslanden, waartoe ook Argentinië, de Filippijnen en Zuid-Afrika behoren. ,,Het is een herhaling van overbekende standpunten die we nu al drie jaar horen'', zei Carl. ,,Er zit niets nieuws in.'' Volgens Carl is het voorstel geen nuttige bijdrage aan de onderhandelingen.

De reactie van zijn Amerikaanse collega, Allen Johnson, was gematigder. Maar volgens hem is op het eerste gezicht ,,moeilijk te ontdekken dat iedereen zich evenveel inspant voor alle drie gebieden (importheffingen, subsidies, markttoegang) en dat iedereen bijdraagt aan het hervormingsproces''.

Een aantal landen die het voorstel hebben ondertekend zijn lid van de zogeheten Cairns-groep van zeventien landen met een sterke agrarische export. Maar de drie ontwikkelde landen van de Cairns-groep, Australië, Nieuw Zeeland en Canada, staan niet op de lijst van ondertekenaars. ,,Ons werd gevraagd te tekenen nadat de tekst was opgesteld'', zei de Canadese ambassadeur Sergio Marchi. Hij zei ook het document als ,,een bijdrage'' aan de onderhandelingen te verwelkomen.

Behalve de voorstellen van de EU/VS en de groep van zestien ontwikkelingslanden zijn er ook voorstellen van Honduras, Japan en een groepje van landen onder leiding van Zwitserland. In dit laatste voorstel ligt het accent op slechts een bescheiden vermindering van importheffingen.