WTO dicht bij akkoord medicijnen

De Wereldhandelsorganisatie (WTO) lijkt een uitweg te hebben gevonden in een langslepende kwestie over de beschikbaarheid van goedkope medicijnen voor ontwikkelingslanden. WTO-directeur Supachai Panitchpakdi heeft gisteren gezegd dat de 146 lidstaten van zijn organisatie een akkoord hierover ,,zeer dicht'' zijn genaderd.

De kwestie heeft de verhoudingen tussen de Verenigde Staten en ontwikkelingslanden lange tijd vertroebeld. De Amerikanen weigerden in te stemmen met een voorstel van eind vorig jaar, dat alle overige WTO-lidstaten, waaronder Nederland, wel steunden.

Onder druk van de farmaceutische industrie eiste de Amerikaanse regering een lijst van levensbedreigende ziekten waarvoor goedkope import van medicijnen zou zijn toegestaan. De VS wilden daarmee voorkomen dat ontwikkelingslanden op grote schaal patenten gaan schenden op bijvoorbeeld de Viagra-pil.

De WTO werkt nu aan een compromis, dat de zorgen van de VS moet wegnemen. Het is de bedoeling dat de rijkere ontwikkelingslanden aangeven dat zij niet zonder noodzaak gebruik zullen maken van de mogelijkheid om medicijnen goedkoper te produceren of te importeren. Ook moeten de WTO-lidstaten beloven parallelle import tegen te gaan.

Een akkoord over medicijnen kan een belangrijke impuls betekenen voor de onderhandelingen die de WTO-leden momenteel voeren over vrijere wereldhandel. In deze zogenoemde Doha-ronde toonden de ontwikkelingslanden zich verbitterd over het gebrek aan bereidwilligheid in de westerse wereld om hun een betere positie in de internationale handel te geven. Volgende maand houdt de WTO in Cancún, Mexico, een conferentie om de hobbels glad te strijken. Minister Brinkhorst (Economische Zaken) is dan een van de vice-voorzitters.