Nederlandse voetballers zeuren, Belgen zijn braaf

Bij de oefeninterland België-Nederland tellen de `Rode Duivels' vanavond meer basisspelers uit de eredivisie dan Oranje. Waarom spelen er zoveel Vlamingen bij Hollandse clubs?

Toen het aantal Belgische voetballers in de Nederlandse competitie nog op één hand was te tellen, zweerde Peter Post al bij Vlaamse wielrenners. Zij spraken dezelfde taal en waren nog `gedienstig', wist de Nederlandse ploegleider van Raleigh en Panasonic in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. De voetballers bewandelden in die periode de omgekeerde weg. Eerst onder meer Jan Mulder, Arie Haan en Rob Rensenbrink; later onder meer Erwin Koeman, John Bosman en Graeme Rutjes. Spelers van Oranje maakten toen furore in de Belgische competitie.

Sinds de jaren negentig is sprake van omgekeerde migratie. Van de Nederlandse voetballers zoekt alleen de derde garnituur nog zijn geluk in de Belgische competitie. Mindere spelers spelen bij clubs als Lokeren, Beveren en KV Mechelen. De echte toppers gaan tegenwoordig naar Spanje, Italië, Duitsland en Engeland. België is niet langer een sportieve en belastingtechnische uitdaging ook minder aanlokkelijk dan voorheen.

De Belgische – lees Vlaamse – voetballers boeken het laatste decennium juist vooruitgang als ze in de Nederlandse competitie komen te spelen. Luc Nilis verhuisde begin jaren negentig van Anderlecht naar PSV en was een voorbeeldfunctie voor veel landgenoten. Zij zijn gedienstiger (zie Post) en beter te betalen dan Nederlanders, luidt de heersende opinie. De begroting van Belgisch kampioen Club Brugge is met vijftien miljoen euro te vergelijken met het budget van een Nederlandse middenmoter.

Vanavond zijn vier basisspelers van de `Rode Duivels' in clubverband actief bij een Nederlandse eredivisieclub. Doelman Geert de Vlieger speelt al bijna vier jaar voor Willem II. Spits Thomas Buffel staat een zelfde periode bij Feyenoord op de loonlijst; hij werd tussentijds uitgeleend aan satellietclub Excelsior. Verdediger Jelle van Damme is bijna twee jaar actief voor Ajax, waar ook aanvaller Wesley Sonck deze zomer zijn opwachting maakte. De aanvaller Tom Soetaers voetbalde vier seizoen voor Roda JC voordat hij afgelopen week een contract bij Ajax tekende. In totaal telt de eredivisie dit seizoen zeventien Belgische spelers.

De Limburgse textielbaron Nol Hendriks, oud-bestuurder en suikeroom van Roda JC uit Kerkrade, heeft een neus voor voetbaltalenten uit België. ,,Ze passen goed bij ons en komen uit een markt die wij nog kunnen betalen'', weet Hendriks. ,,De salarissen in België zijn onvergelijkbaar met die in Nederland. De jongens die ik heb aangetrokken, functioneerden bijna zonder uitzondering prima. Ze zijn bescheiden, vooral in het begin. Later zijn ze meer aangepast aan de Nederlandse voetbalcultuur. Ze voelen zich vooral in Brabant en Limburg thuis. Dan kunnen ze 's avonds om acht uur nog met de auto naar huis.''

Henk Houwaart was speler bij ADO Den Haag, FC Twente, Club Brugge en FC Antwerp en later trainer bij Kortrijk, Cercle Brugge, Club Brugge, Harelbeke, AA Gent en FC Antwerp. Hij zit nu werkloos thuis in België. ,,Ik denk dat de Belgen in eerste instantie om de financiën naar Nederland vertrekken'', zegt Houwaart. ,,Vroeger in mijn tijd als speler ging ik van Twente naar België, omdat ik in Brugge meer kon verdienen. Dat is nu omgekeerd. In België heeft de armoede toegeslagen in de voetballerij. Buiten Anderlecht, Club Brugge en misschien Racing Genk is het niet zoveel meer.''

Houwaart denkt dat Sonck ,,het helemaal gaat maken'' bij Ajax. ,,Die jongen past daar heel goed. Het is een echte lefgozer met een grote bek. Hij laat zich niet zomaar opzij drukken. Bovendien kan Sonck ontzettend goed voetballen. Als Ajax een beetje geduldig is, heeft het goud in handen. Met Soetaers weet ik het niet. Hij is talentvol, maar ik vraag me af of hij goed genoeg is voor de Champions League.''

Volgens Houwaart zijn veel Belgen niet mondig genoeg. ,,De enige speler met een grote bek was René Vandereycken (oud-international en nu trainer van FC Twente, red.), maar die werkt nu ook in Nederland. Over het algemeen zijn de Belgische spelers wat te braaf. Voordeel is wel dat ze veel beter luisteren dan de Nederlanders. Die zijn toch een beetje verwend. De Belgen gaan meer voor het leveren van een collectieve prestatie.''

Houwaart woont al 35 jaar in België en heeft daar 26 jaar gewerkt. ,,Ik heb net mijn trainersdiploma gehaald. Nu zou ik ook in Nederland aan de slag kunnen. In België is wel veel meer jaloezie dan in Nederland. Mensen hopen dat je op je bek gaat. Wat dat betreft zou ik best terug naar Nederland willen. De clubs zijn daar beter georganiseerd. Ik schrijf nu columns voor Het Nieuwsblad en De Morgen. Ik ga dus voor mijn werk naar België-Nederland.''

Sef Vergoossen was trainer bij onder meer MVV en Roda JC. Hij is nu coach van Racing Genk in Belgisch Limburg. ,,De Belg is coachbaarder'', weet Vergoossen. ,,Als je tegen een groep Nederlandse spelers zegt dat ze rechts af moeten, gaan ze zich afvragen waarom ze niet naar links mogen. De Belg gaat gewoon rechts. En als hij merkt dat het niet goed is, keert hij vanzelf weer om. Bij Roda heb ik altijd vijf tot zes Belgen gehad. Daar was prima mee te werken. Dat velen in Nederland zijn gaan spelen, heeft puur met geld te maken.''

In 1999 haalde Vergoossen Soetaers naar Roda. ,,Die jongen vond het een verademing bij Roda te spelen in plaats van een beetje mee te lopen met het tweede van Anderlecht. Sonck ken ik natuurlijk van Genk. Een echte topspeler. Misschien komt hij voor het allerhoogste Europese niveau nog wat tekort, maar voor Ajax kan hij veel betekenen. Hij is een absolute winnaar. Op en top een prof. Niet typisch Belgisch. De Belgen zijn over het algemeen wat meer timide.''

Volgens Vergoossen lopen in België, ondanks de financiële malaise, net zo veel goede jeugdspelers rond als in Nederland. ,,De mentaliteit is er vaak beter. Ik weet nog dat ik als hoofd jeugdopleidingen van MVV wel eens op bezoek ging bij talentvolle spelertjes in de buurt van Maastricht. De Nederlandse ouders eisten dat hun kind gebracht en gehaald zou worden. De Belgische voetballertjes kwamen rustig dertig kilometer met een brommertje. Die zeurden nergens over. Dat is het verschil.''

    • Jaap Bloembergen
    • Koen Greven