Aanval op VN is ook aanval op Amerika

De aanslag op de VN in Bagdad treft ook de VS: zij kunnen de veiligheid niet garanderen.

De Verenigde Naties verloren gisteren in Irak met de dood van VN-gezant en sterdiplomaat Sergio Vieira de Mello en enkele van zijn medewerkers een kapitaal aan talent. Maar puur politiek gezien is het verlies voor de Verenigde Staten veel groter. De daders van de aanslag op het VN-kantoor in Bagdad troffen menselijk de VN in het hart, maar politiek de VS. Zij zijn als `bezetters' van Irak de feitelijke machthebbers in het land en samen met medebezetter Groot-Brittannië verantwoordelijk voor de veiligheid, en niet de VN, die nog steeds een betrekkelijke bijrol vervullen.

Wat ook de exacte motieven van de terroristen zijn, zij hebben gisteren nog duidelijker dan bij eerdere aanslagen in de afgelopen weken genadeloos blootgelegd dat de `bezetters' geen greep hebben op het door hen bezette gebied en op dit moment geen veiligheid kunnen garanderen. En wie als supermacht geen veiligheid kan garanderen in een crisisgebied, verspeelt krediet en vertrouwen: in Irak, in de internationale gemeenschap en mogelijk in eigen land.

Geen wonder dat de Amerikaanse president Bush gisteren ijlings de golfbaan op zijn ranch verliet om de wereld toe te spreken. Het feit alleen al dat hij de camera's eerder vond dan VN-chef Kofi Annan gaf aan dat hij wist dat hij zich primair aangesproken diende te voelen, en dat het hier ging om een aanslag op het Amerikaanse `Gezag' in Irak. De populariteit van de VS in Irak is ook geringer dan die van de VN, die onder Amerikaans-Britse druk twaalf jaar lang verantwoordelijk waren voor een straf sanctie- en wapeninspectieregime.

Het scheppen van algehele chaos, het destabiliseren en torpederen van de wederopbouw van Irak lijken de voor de hand liggende motieven van de aanslag van gisteren. Het past in het patroon van de eerdere aanslag op de Jordaanse ambassade in Bagdad en de herhaalde sabotage van een oliepijpleiding. De organisatoren hiervan, hoe los of hecht hun verband ook is, lijken daarmee hun werkgebied te hebben uitgebreid van bijna dagelijkse aanslagen op Amerikaanse soldaten, naar het openbare leven in Irak in bredere zin.

Daarmee dreigt op het eerste gezicht de hele Amerikaans-Britse operatie in een moeras te belanden, ongeacht of de daders Saddam-getrouwen van binnen Irak zijn of terroristen van buiten Irak met een `bredere agenda'. Onder sommige internationale diplomaten en analisten bestaat de groeiende vrees dat islamitische terroristen van buiten Irak het land via de poreuze grenzen zijn binnengedrongen om de Amerikaanse macht te ondermijnen, en zelfs een `jihad' tegen de VS te organiseren, net zoals tegen de Sovjet-Unie in Afghanistan gebeurde in de jaren tachtig.

Maar een hoge VN-diplomaat deelt die vrees niet: ,,Irak wordt geen tweede Afghanistan. Dit is de wereld van na 11 september, waarin internationaal wel consensus bestaat over het bestrijden van terrorisme. Alleen al de VS zullen dat niet laten gebeuren. Nee, Afghanistan zal niet worden herhaald.'' [Vervolg AANSLAG: pagina 5]

AANSLAG

Knieval VS nodig

[Vervolg van pagina 1] Vaststaat dat de Amerikaans-Britse coalitie meer en meer op de blaren komt te zitten van haar unilaterale aanpak van de oorlog, die geleid heeft tot een haastige planning en onderschatting van de wederopbouwfase. Dat laatste is ook te wijten aan de machtsstrijd in Washington tussen het State Department en het Pentagon, de afkeer van nation building binnen de regering-Bush even daargelaten. Het Pentagon, dat onder leiding van minister Rumsfeld begin dit jaar tijdelijk sterker stond dan het State Department van minister Powell, was meer gefixeerd op de militaire kant van de operatie dan op de fase daarna, die zoals eerdere conflicten in Bosnië, Kosovo en Oost-Timor hebben aangetoond een zeer stevige stabilisatietaak (lees: politierol) vergt. Dit bleek al meteen na de val van Bagdad uit het machtsvacuüm en de plunderingen.

De oorlog mocht dan in drie weken tijd beslecht zijn, de daarna ontstane chaos duurt in feite nu al vier maanden voort. Een zittend regime wegbombarderen is één ding en kan ook op eigen houtje gebeuren, zoals gebleken is. Maar een nieuw regime vestigen is iets anders en kan niet unilateraal: dat vergt uithoudingsvermogen, internationale samenwerking en financiering om van lieverlee een bevolking vertrouwen in en uitzicht op een nieuwe toekomst te geven.

De belangrijkste vraag is: keren de VS alsnog terug naar de VN voor brede steun en inzet bij de stabilisatie van het land, met meer leger en politietroepen van andere landen, in ruil voor meer zeggenschap voor die andere landen? Of blijven zij zich verzetten tegen een grotere stabiliserende (en dus militaire) VN-rol? En blijven zij tegen de wil van de wereldgemeenschap in doorgaan met hun Amerikaans-Britse coalitie, bijgestaan door onder meer Nederland, dat zich ook de nodige vragen mag stellen over het huidige gemodder in Irak? Kortom, zijn de VS bereid tot een knieval voor de VN?

,,De VS willen in Irak wel geld, middelen, kennis en ervaring van de VN, maar geen blauwhelmen. Zij willen de leiding en controle houden over de soldaten'', zegt een hoge VN-diplomaat. Een poging vorige maand om de vredesoperatie in Irak te internationaliseren kwam niet van de grond. Maar een grotere VN-rol is volgens (niet-Amerikaanse) diplomaten nog steeds de enige uitweg.

Of dat inzicht ook in Washington doordringt, moet blijken. De stem van het Pentagon, dat dan meer met de VN zal moeten samenwerken, is cruciaal. Het Congres zal de militaire kosten (3,9 miljard dollar per maand) en de tientallen Amerikaanse doden niet onbeperkt dulden. En Bush kan zich met de verkiezingen van volgend jaar geen moeras in Irak permitteren. De VN moeten zich ook bezinnen, maar uit de eerste reacties blijkt hun vastberadenheid Irak niet te verlaten en hun inspanningen te vergroten. In die zin kan het effect van de aanslag zijn dat de wereldgemeenschap niet zozeer verder uiteengespeeld is, maar dichter bij elkaar gebracht.

Portret Mello; VN vaak doelwit: pagina 5:

Hoofdartikel: pagina 7