The Neptunes maken hits voor iedereen

Met hun gruizige en funky producties voor anderen geven The Neptunes de popmuziek een vernieuwende impuls. Deze week kwam hun tweede eigen album uit, `The Neptunes Present... Clones'.

,,Wie The Neptunes zijn? Zet je radio maar aan'', zei Chad Hugo ooit in een interview. Platen onder de naam The Neptunes zijn zeldzaam, maar dit duo is een van de meest actieve en invloedrijke productieteams in het hedendaagse poplandschap. Hiphoppers als Jay-Z, Ludacris en Snoop Dogg, r&b-artiesten als Beyoncé en Mary J. Blige profiteren gretig van het veelzijdige en tegelijk uit duizenden herkenbare geluid van The Neptunes. Ze voelen zich niet te goed voor bubblegum-leveranciers als Britney Spears, 'N Sync en Justin Timberlake en leveren net zo lief remixen aan harde jongens als Limp Bizkit en Korn. Deze week verscheen The Neptunes Present... Clones, eerder een overzicht van hun activiteiten op hun eigen Star Trak-label dan een echt `artiestenalbum'.

Toch verscheen twee jaar geleden al een album van Chad Hugo (29) en zijn creatieve partner Pharrell Williams (29). Maar hoewel alle ingrediënten van hun karakteristieke geluid aanwezig waren op In Search Of, gebruikten ze niet de naam The Neptunes, maar was N.E.R.D. (No-one Ever Really Dies) de dekmantel. Hoewel die plaat in Europa uitstekend ontvangen werd, besloten Hugo en Williams voor de Amerikaanse markt een nieuwe versie te maken, waarbij de elektronische instrumentaties opnieuw werden ingespeeld, deze keer door een echte band. ,,Voor de mensen die luchtgitaar willen spelen'', volgens Hugo.

Nog tekenender voor hun eigenwijsheid is dat niemand van hun beroemde vriendenkring en cliëntèle op de plaat meedeed: de mannen wilden niet profiteren van een fameuze gastenlijst, zoals tegenwoordig schering en inslag is in hiphop en r&b. Er werden 600.000 exemplaren van In Search Of verkocht, een schijntje van de pakweg 50 miljoen exemplaren die Jay-Z, Snoop Dogg en 'N Sync mede dankzij de bemoeienissen van The Neptunes wegzetten, maar heel behoorlijk voor een compromisloos naar eigen inzicht gemaakte plaat.

Derde man in de N.E.R.D-constellatie is oude schoolvriend Sheldon `Shay' Haley. Hoewel zijn inbreng op de plaat wegens een verblijf in de gevangenis minimaal was, was hij van de partij tijdens de tournee die N.E.R.D. vorig jaar ondernam. Hugo bleef rustig thuis, terwijl Williams onder andere in het Amsterdamse Paradiso de show stal.

Dat is tekenend voor hoe de verhoudingen liggen binnen The Neptunes. Williams is het extraverte uithangbord, die kennelijk contractueel heeft laten vastleggen dat hij in elke clip verschijnt die van hun producties gemaakt wordt, zo vaak is zijn vrolijke kop op de clipzenders te zien. Hugo, die pas onlangs opdook in de clip van Señorita, de nieuwe single van Justin Timberlake, is de rustige huisvader, die zijn zegenrijke arbeid liever achter de schermen verricht.

Hugo is van Filippijnse afkomst, maar verder passen hij en Williams mooi in de traditie van genieën die de zwarte muziek van binnenuit vernieuwen en het succes van hun avant-gardisme af kunnen lezen aan de hitlijsten. Een deel van die traditie speelt zich af in Virginia Beach, in het zuiden van de Verenigde Staten en ver verwijderd van New York en Los Angeles, het tweepolige epicentrum van de vermaaksindustrie.

Meesterproducer Timbaland komt er vandaan, en geboren New Yorker Teddy Riley, die met zijn hoekige, futuristisch en abstract klinkende producties eind jaren tachtig aan de wieg stond van wat nu r&b heet, verhuisde begin jaren negentig naar Virginia Beach. Hij gaf de jongelieden, die elkaar leerden kennen op een zomerkamp voor muzikaal getalenteerde pubers, als eerste een kans. Ze assisteerden hem bij de productie van het succesvolle, titelloze eerste album van Rileys groep Blackstreet (1994).

Hun eigen geluid ontwikkelden The Neptunes pas gaandeweg. Terwijl het tweehoofdig beest hiphop en r&b zich steeds verder verloor in dure, gladde en glamoureus klinkende producties, zijn Hugo en Williams niet bang voor een gruizige sound. Samples van andermans werk, belangrijke bouwstenen in de hedendaagse pop, mijden ze. Een goedkoop bongogeluid kan, omlaag gepitcht, als bassdrum dienen, de keyboards klinken soms alsof ze uit een uitdragerij komen en toch klopt het allemaal als een bus en klinkt de boel doorgaans gesmeerd genoeg om onbevangen de opmars door de hitlijsten te beginnen.

Het meest karakteristieke element van de Neptunes/N.E.R.D.-sound is een soort vervormd toetsengeluid, dat onmiddellijk associaties oproept met de clavinet: een soort elektrisch versterkte clavecimbel, die met zijn messcherpe, funky klank het geluid van de zwarte muziek in de jaren zeventig bepaalde – denk aan Stevie Wonders Superstition. Hoewel de aanpak van The Neptunes absoluut niet retro is, valt er een zekere heimwee in te proeven naar de tijd dat er nog niet zulke nauwe stilistische begrenzingen waren.

Zo smelten Hugo, die graag naar synthesizergroep Depeche Mode en symfonische hardrockers Rush luistert, en Williams, een groot fan van de Britse alternatieve rockgroep Stereolab, in hun muziek allerlei invalshoeken virtuoos samen: van vuige hiphop tot felle rock en van zwoele soul tot droge funk, met een toefje reggae om dit visionaire geluid af te maken.