`Cold turkey afkicken is veel beter'

Directeur Marcel Pinedo van het Antilliaanse afkickcentrum Brasami wil Antilliaanse draaideurcriminelen op Curaçao laten afkicken: ,,Nederlandse verslavingszorg werkt niet bij ze.''

Lionel (45 jaar) raakte aan de coke toen hij werkloos was. Hij had na zijn hts-opleiding een baan als machinebankwerker, eerst op de luchthaven en later bij de Nederlandse Constructiemaatschappij. Maar eenmaal aan de coke gleed hij af. Hij verzeilde in het criminele circuit van roofovervallen, diefstal en, zoals hij dat noemt, ,,gerommel met vrouwen''. Toen hij in 1999 voor de zoveelste keer op Bonaire in de gevangenis zat, had hij een verslavingscarrière van meer dan 25 jaar achter de rug.

Die laatste keer in de gevangenis hoorde Lionel van het afkickcentrum Brasami in Willemstad op Curaçao. Hij kwam in contact met directeur Marcel Pinedo en werd overgeplaatst. ,,Van eind 1999 tot begin 2001 heb ik hier gezeten'', vertelt hij op het terras voor het centrum. ,,Het hele programma heb ik doorlopen. Eerst de cold turkey, dat wil zeggen dat je niets meer krijgt zodra je hier binnen komt, dan sta je droog. Daarna de resocialisatieprogramma's. En na een jaar de terugkeer naar de maatschappij. In mijn geval was dat een onderhoudsbaan in het Sheraton-hotel.''

Maar voor Lionel kwam zijn nieuwe leven te vroeg. ,,Na meer dan een jaar in mijn nieuwe baan was ik op een avond stomdronken. En voor ik het wist, zat ik weer aan de base (een verslavende vorm van cocaïne-gebruik- red.). Op dat moment verdwenen ook alle goede voornemens in mijn hoofd en was ik weer terug bij af.''

Lionel viel terug in de subcultuur van de drugs, raakte zijn huis kwijt en zwierf over straat. Totdat Pinedo hem december vorig jaar opnieuw had getraceerd en hem overhaalde om terug te komen. Sindsdien zit hij weer in Brasami, inmiddels meer dan een half jaar clean en is niet van plan te vertrekken voordat hij zeker weet dat hij het leven daarbuiten weer aankan.

Carlos (43) doorliep het afkickprogramma wel succesvol. Hij begon zijn verslavingscarrière, toen hij in 1981 een baan kreeg in een discotheek. Carlos hield zichzelf, ondanks zijn verslaving, nog tien jaar overeind. Ook toen hij een baan als chauffeur kreeg bij het gouvernement. In die jaren reed hij zelfs ministers over het eiland rond. Maar eind jaren negentig viel hij terug. Zijn familie begon een civiele procedure om hem onder curatele te stellen. In 1999 kwam hij in Brasami terecht. ,,Maar ik heb het programma afgemaakt en ben nog steeds clean.'' Carlos werkt inmiddels als beveiligingsambtenaar.

Het afkickcentrum Brasami ligt midden in de wijk Otrobanda in Willemstad. Het biedt plaats aan veertig verslaafden. ,,Wie hier terechtkomt, gaat van de ene op de andere dag de cold turkey-procedure in'', zegt Pinedo. ,,Die eerste periode is hard. Er zijn jongens die volstrekt door het lint gaan, psychotisch worden, vechten. Ze krijgen antidepressiva, tranquillizers en ze gaan dan desnoods in de isoleercel. Raken ze in een psychose en slikken ze hun pillen niet, dan krijgen ze een enkele reis met de politieambulance naar de Capriles Kliniek voor een medicijnencocktail die zes weken werkzaam is. Die behandeling gaat onder dwang. Want wie hier binnen komt, staat via de rechter onder curatele, met meestal een familielid als curator.''

Na de detox-fase volgt het resocialisatieprogramma. ,,Ze moeten zich aan gedragsregels houden, we brengen ze hygiëne bij, we behandelen persoonlijkheidsproblemen én we zoeken uit wat voor werk de cliënt na terugkeer kan doen.''

Brasami houdt haar klanten ook na vertrek nog in de gaten – de inbewaringstelling kan door de rechter worden opgeheven, met de curatele gebeurt dat niet. ,,We zoeken onze mensen op, dan rijden we met een busje over het eiland. En als wij of de familie dat willen, kunnen we urine opeisen. Als we dan toch verboden spul vinden, gaan ze terug.'' Vijftig procent van Pinedo's klanten blijft volgens Pinedo na behandeling clean. Een groot aantal van hen vindt werk via bemiddeling van een apart daarvoor in het leven geroepen NV Misora.

Pinedo wil ook met Antilliaanse `draaideurcriminelen' in Nederland aan de slag. ,,We hebben dat vorig jaar al gedaan met een van de beruchtste jonge Antilliaanse criminelen van Den Haag. Die is op verzoek van zijn familie en met medewerking van de rechtbank in Den Haag overgebracht naar Curaçao. Aangekomen op Hato was er een rechter op het vliegveld om zijn curatele en plaatsing in ons centrum te regelen. Hij is nu clean en heeft een baan bij de Antilliaanse Droogdok Maatschappij.'' Pinedo wil meer Antilliaanse jongeren uit Nederland behandelen. Hij overlegt met wethouder Spicht van Dordrecht over het overvliegen van vijf Antilliaanse draaideurcriminelen. Nederlandse afkickprogramma's werken volgens hem niet voor Antilliaanse jongeren. ,,Het gaat in Nederland bijna altijd op vrijwillige basis en dan worden er ook nog drugs verstrekt, ook al is dat methadon. De mentaliteit van de Nederlandse hulpverlener is in de beleving van die Antilliaanse jongens ook te kil. Nog los van het aftakelingsproces dat ze vaak door het jarenlange drugsgebruik hebben ondergaan. Cold turkey afkicken is de beste aanpak. Daar zouden ze in Nederland ook eens over moeten nadenken.''

Behandeling op Curaçao is goed voor die jongens, hun familie, maar ook voor de Nederlandse gemeenschap, vindt Pinedo. Daarover lopen gesprekken, niet alleen met de gemeente Dordrecht, maar ook met verslavingsinstellingen als het Bouwmanhuis en met vertegenwoordigers van de vorig jaar geopende strafcomplexen voor draaideurcriminelen in Utrecht en Rotterdam, de zogeheten SOV-klinieken. Want ook het op korte termijn op te leveren cellencomplex op Curaçao voor draaideurcriminelen kan wat Pinedo betreft ruimte bieden voor in Nederland veroordeelde Antillianen. In het complex staan de cellen met drie britsen per ruimte al nagenoeg klaar voor gebruik. Veertig jongens kunnen daar terecht.

Het cellencomplex is gebouwd met Nederlands ontwikkelingsgeld, toegezegd door toenmalig staatssecretaris Gijs de Vries. Pinedo: ,,Maar nu de oplevering nagenoeg rond is, ontbreekt het de Antilliaanse overheid aan financiële middelen voor het exploitatiebudget: 2,9 miljoen Antilliaanse guldens (1 euro is 51 Antilliaanse centen, red.) voor de detentie en de afkickbehandeling van 42 jongeren. ,,Ik ben bang dat we straks niet open kunnen. Misschien dat het project met het overbrengen van Antilliaanse jongeren uit Nederland een oplossing biedt. Als ik er tien kan plaatsen en het budget mee krijg dat Justitie in Nederland anders op dagbasis kwijt zou zijn, kom ik al een heel eind.''