VS turnen op z'n Roemeens

De Roemeen Bela Karolyi stoomde de Amerikaanse turnploeg volgens de beproefde Oost-Europese methode klaar voor het WK in Anaheim.

Pas tweeëntwintig jaar na zijn vlucht uit Roemenië is turntrainer Bela Karolyi er in geslaagd gaten te schieten in het decentrale sportsysteem van de Verenigde Staten. Waar de Amerikaanse turnsters tot voor kort in eigen omgeving trainden en zich via de meedogenloze methode van de trials (kwalificatiewedstrijden) moesten zien te plaatsen voor internationale toernooien, heeft Karolyi de Oost-Europese werkwijze van een nationale selectie met centrale trainingen ingevoerd. Ook Amerikaanse turnsters hoeven niet meer te vrezen voor een blessure of een offday bij selectiewedstrijden; er bestaat tegenwoordig een achterdeur.

Karolyi ontvluchtte met zijn vrouw Martha in 1981 het schrikbewind van de communistische Roemeense partijleider Ceausescu en streek neer in Texas, waar hij later in Huntsville een turninternaat is begonnen. De vlucht baarde destijds opzien, omdat het echtpaar Karolyi aan de basis heeft gestaan van de Roemeense turnsuccessen. Zij waren de bedenkers en oprichters van het vermaarde internaat in Deva, dat decennia lang turnsters van wereldklasse afleverde.

Hét succes van Karolyi's aanpak was Nadia Comaneci, die bij de Olympische Spelen van 1976 in Montreal als eerste turnster ter wereld met een tien werd gewaardeerd. Na Karolyi's vlucht uit Roemenië, vijf jaar later, werd `Deva' getransformeerd in het nationale turninternaat, waar het gedachtegoed van Karolyi bewaard bleef. Jeugdige turntalenten konden er school en opleiding combineren.

In Deva kende Karolyi vanzelfsprekend geen trials. De leiding bepaalde wie er namens Roemenië werd uitgezonden naar Europese en wereldkampioenschappen of Olympische Spelen.

Het heeft Karolyi veel energie gekost om eerst de Amerikaanse turnfederatie en later vooral de individuele turncoaches zo ver te krijgen dat zij tot samenwerking bereid waren. Pas in voorbereiding op de WK in Anaheim waren de gescheiden geesten rijp voor coöperatie. Er werd een nationale selectie van achttien turnsters samengesteld, die elke derde week van de maand bijeenkwam op de ranch van de Karolyi's in Huntsville. Karolyi: ,,We hebben in mijn ogen eindelijk de juiste manier gevonden om nieuwe turnsterren te creëren. Hier droomde ik van toen ik naar de USA kwam. Er is voor turnsters niets beter dan elkaar regelmatig te zien en programma's uit te wisselen, om zo van elkaar te leren; en dat geldt zeer beslist ook voor de coaches.'' [Vervolg KAROLYI: pagina 13]

KAROLYI

Ranch in Texas als turnfabriek

[Vervolg van pagina 1] Eenmaal in de Verenigde Staten had Karolyi moeite met de decentralisatie en onderstreepte hij zijn succesvolle aanpak met een gouden medaille op de meerkamp van zijn pupil Mary-Lou Retton bij de Spelen van 1984 in Los Angeles.

Twaalf jaar later zou de gevluchte Roemeen opzien baren dankzij turnster Kerri Strug, die met een blessure de Verenigde Staten aan een gouden medaille in de landenwedstrijd hielp bij de Olympische Spelen in Atlanta. Het beeld van Karolyi die in een uitverkochte Georgia Dome een huilende Strug in zijn armen van het podium droeg, wakkerde emoties van talrijke Amerikanen aan. Het succes van de landenploeg verbloemde het povere optreden van de Amerikaanse vrouwen op de individuele nummers: alleen Shannon Miller won goud, op de balk.

Karolyi's nieuwe aanpak hield tevens in dat de trials voor het eerst niet de samenstelling van de WK-ploeg voor `Anaheim' bepaalden. In juni waren bij selectiewedstrijden in Milwaukee alleen de eerste drie direct verzekerd van deelname aan de WK en werden de overige drie turnsters, plus de reserve, nadien aangewezen door de ploegleiding, die naast Martha Karolyi wordt gevormd door de clubcoaches Kelli Hill en Evegney Marchenko. Dat het team naderhand op twee plaatsen veranderd moest worden, was evenwel een gevolg van de ziekte (griep) van Ashley Postell en de zware knieblessure (gescheurde kruisband) die Annia Hatch een dag voor de wedstrijd opliep.

Volgens verslaggever John Crumlish van het Amerikaanse tijdschrift `International Gymnast' schuilt er een groot gevaar in de aanpak van Karolyi. Hij kan zich niet voorstellen dat ouders van gepasseerde turnsters zich bij dat besluit zullen blijven neerleggen.

Crumlish: ,,Een meisje naar een turninternaat sturen kost minimaal 15.000 dollar per jaar. Er komt een moment dat een echtpaar naar de rechter stapt omdat hun dochter vierde is geworden bij een trial en uit de ploeg wordt gehouden door een turnster die, door welke omstandigheden dan ook, op de achtste plaats is geëindigd. Het zal mijns inziens vooral gevoelig liggen bij de samenstelling van de ploeg voor de Olympische Spelen. Persoonlijk vind ik de nieuwe werkwijze ook niet erg democratisch. Trials creëren duidelijkheid: de beste zes worden uitgezonden, de anderen niet.''

De praktijk wijst evenwel uit dat ouders zich vooralsnog koest houden en de clubtrainers enthousiast zijn. Kelli Hill, de trainers van Courtney Kupets, de wereldkampioene op brug, is daar zelf nog het meest verbaasd over. ,,Ik was sceptisch over de centrale aanpak, omdat wij elkaar door de jaren heen zo sterk hebben beconcurreerd. Voorheen zou ik er niet aan gedacht hebben om bij Bela en Martha Karolyi te trainen. Maar nadat ik alle bezwaren opzij had gezet, ervaar ik de samenwerking als nuttig en verfrissend. En ik moet ook zeggen, dat wij als coaches een open relatie onderhouden en zeer goed samenwerken.''

Karolyi twijfelt er niet aan of de Verenigde Staten gaat het vrouwenturnen de komende jaren domineren, omdat de nieuwe lichting volgens hem uitzonderlijk talentvol is en de gewijzigde werkwijze een maximaal rendement garandeert.

De huidige generatie wordt aangevoerd door de drie vijftienjarigen Carly Patterson, Hollie Vise en Chellsie Memmell. Die turnsters presenteerden zich gisteravond bij de landenwedstrijd voor het eerst bij een wereldtitelstrijd, omdat zij vorig jaar november nog te jong waren om deel te mogen nemen aan de WK toestelturnen in Debrecen. En hoe. In het voorlopige klassement van de individuele meerkamp gaat Memmell aan de leiding voor Patterson. Memmell deed enige weken geleden ook al van zich spreken bij de Pan-Amerikaanse Spelen in de Dominicaanse Republiek, waar zij de individuele meerkamp won.

Naast dat talentvolle drietal heeft de Verenigde Staten ook nog de beschikking over de 17-jarigen Courtney Kupets en Ashley Postell, die bij de WK toestelturnen in Debrecen als debutanten op een internationaal toernooi de titel veroverden op respectievelijk brug en balk. Routinier van de Amerikaanse ploeg is Tasha Schwikert, de achttienjarige dochter van een croupiersechtpaar uit de gokstad Las Vegas. Zij maakte in 2000 deel uit van het team dat vierde werd in de landenwedstrijd en een jaar later brons won bij de WK in Gent. Daarnaast eindigde Schwikert in België als vijfde in de individuele meerkamp.

Hoe goed de nieuwe meisjes ook mogen zijn, zij zijn wel het product van de Amerikaanse school, waarin weinig geduld wordt betracht en het succes snel wordt nagejaagd.

Journalist Crumlish ziet dat als de achilleshiel van het Amerikaanse vrouwenturnen. ,,Amerikanen willen snel resultaat, dat is onze aard. Turnsters krijgen al heel jong veel en vooral moeilijke elementen aangeleerd, met als gevolg dat velen vroeg zijn opgebrand. In Europa hebben de coaches meer geduld; daar zie je relatief veel meer oudere turnsters. Annia Hatch zal als gevolg van de gescheurde kruisbanden waarschijnlijk haar carrière moeten beëindigen, maar dat zij op 25-jarige leeftijd nog deel uitmaakt van de nationale ploeg is een uitzondering. Maar Hatch is dan ook een voormalige Cubaanse. Misschien dat daarin de verklaring schuilt.''