`Op de Schelde telt iedere liter'

Twee aanvaringen op de Westerschelde zorgden voor ramptoerisme bij Bath. Een raadsel voor de Raad voor de Scheepvaart, maar scheepvaartexperts hebben er hun theorieën over.

De economie van Zeeuwse plaatsje Bath, een gehucht van 900 zielen, heeft de afgelopen maand een impuls gekregen door florerend ramptoerisme. Twee aanvaringen op de Westerschelde, een in het Nauw van Bath en de ander bij de daarbij gelegen Pas van Rilland, trokken honderden dagjesmensen, maar stelden de Raad van de Scheepvaart, die de incidenten onderzoekt, voor een raadsel. Loodsen op de brug, goed zicht en prachtig weer. Hoe kon het containerschip Pelican 1 na een aanvaring aan de grond lopen en hoe konden nauwelijks twee weken later de autoboot Nada Vis uit Panama en het container- annex autoschip Grande Nigeria van de Italiaanse rederij Grimaldi frontaal op elkaar botsen?

Inmiddels gepensioneerd gezagvoerder van P&O Nedlloyd P. Jongste zegt ,,te kunnen bewijzen'' dat het door de zuigkracht komt van de waterverplaatsing van beide schepen, die daardoor als het ware als de spijker en de magneet tot elkaar worden aangetrokken. ,,Een schip op de Westerschelde met stroom in de kont moet voorrang krijgen'', zegt Jongste. ,,Want je moet druk op het roer hebben. Anders worden deze schepen onbestuurbaar. Door de zuigkracht van het water worden schepen van deze omvang die elkaar passeren naar elkaar toe getrokken. Ik heb in mijn tijd als kapitein die gevaarlijke situatie op de Westerschelde bij het bedrijf vaak aangekaart'', zegt Jongste. ,,Maar er is nooit iets mee gedaan omdat het meestal wel goed gaat allemaal.''

De ex-Nedlloydgezagvoerder krijgt bijval van directeur Willem Scholten van het gemeentelijk havenbedrijf Rotterdam, die zijn carrière is begonnen als stuurman bij de Rotterdamse Lloyd. ,,Het enige wat je op de Westerschelde zou kunnen doen is de bochten inkorten'', zegt hij. ,,Maar dat gebeurt toch nooit. Baggeren om de vaargeul dieper te maken heeft geen enkele zin. Die ligt de volgende dag door de ondieptes en de stroming toch weer onder het zand. Maar die Belgen zijn slim. Tien jaar geleden werden tankers te groot om veilig op de Westerschelde te varen. Daarom laat de haven van Antwerpen nu maar de olie in Rotterdam aanvoeren en gaat die vervolgens per pijplijn uit Rotterdam naar de raffinaderijen van Fina en Exxon die bijna in de stad Antwerpen liggen.''

Volgens Jongste kan ook de lage waterstand van de Westerschelde door de langdurige droogte deze zomer een rol hebben gespeeld. ,,Je hebt met deze grote schepen ruimte nodig'', zegt Jongste. ,,Dan telt ieder litertje water. Zeker als schepen elkaar zo dicht passeren.''

,,Ik merk aan gezagvoerders dat ze niet graag op de Westerschelde varen'', zegt Rein van Gooswilligen van de Loodsencorporatie Rijnmond die het verkeer op de Waterweg regelt. Rijnmond leent wel eens loodsen aan de Westerschelde uit, waar de beloodsing voor 72,5 procent gebeurt door Belgische loodsen en voor 27,5 procent door Nederlanders. ,,De Westerschelde is een vaargebied waar je goed moet weten wat je doet. Het is verdomd gevaarlijk water.''

Bovendien is de vaargeul op de Westerschelde niet breed en iedere loods zoekt uit veiligheidsoverwegingen het diepste water in zo'n geul op. Ook daardoor wordt er vlak langs elkaar gepasseerd.

Volgens Jongste is Rijkswaterstaat precies op de hoogte van de gevaarlijke situatie op de Westerschelde. Maar volgens Rijkswaterstaat Zeeland is het aantal aanvaringen bij het Nauw van Bath op de vingers van één hand te tellen. De verbeterde situatie is vooral te danken aan een radarketen van Zeebrugge tot Antwerpen, die de verkeersleiding gebruikt voor het begeleiden van de scheepvaart. J. Witte, hoofdverkeersleider van de Scheepvaartdienst Westerschelde, zegt dat het aantal scheepsongevallen op de Westerschelde in de jaren tachtig enkele honderden per jaar bedroeg. Sinds het verkeersstelsel is dat teruggelopen naar zo'n pakweg vijftig incidenten. ,,Je kunt de laatste ongevallen volgens mij niet simpel afschuiven op de grootte van de schepen.''

Van Gooswilligen is het met hem eens. ,,Op de Waterweg begeleiden wij als loodsen zo'n 100.000 vaarbewegingen per jaar. Ook daar gaat het in een paar promille van de gevallen mis. De ongelukken op de Westerschelde kunnen ook zijn veroorzaakt door een mechanisch defect.''