Nikkei sinds jaar weer boven 10.000

Voor het eerst sinds 26 augustus 2002 is in Tokio de Nikkei-index weer boven de 10.000 punten gesloten. De index, die eind april nog daalde tot rond de 7.600 punten, steeg vanmorgen met ruim 1,7 procent en kwam uit op 10.032,97. Tekenen van toenemend optimisme over de economie van Japan, en die van de Verenigde Staten, zorgden voor de koersstijging vanmorgen.

In Europa haalden de beurzen hun inspiratie niet Japan. Vrijwel alle belangrijke indices openden licht hoger, maar zakten rond het middaguur weer wat weg waardoor sommige beurzen in de rode cijfers kwamen. In Amsterdam stond de AEX-index rond het middaguur op 322 punten, en dat was 0,2 procent lager dan het slot van vrijdag.

Grootste stijger was het handelshuis Van der Moolen, met een winst van 1,9 procent op 11,35 euro. Het effectenhuis presenteert later deze week kwartaalcijfers. Beleggers hadden weinig bedrijvennieuws op het Damrak. Alleen het lokale fonds Fornix presenteerde kwartaalcijfers. Het biotechnologiebedrijf verraste positief, en steeg 9,7 procent tot 10,97 euro.

De andere beurzen in Europa stonden na een ochtend handel niet op één lijn. Londen was tegen het middaguur fractioneel hoger. Parijs stond op een verlies van 0,4 procent en Frankfurt was 0,5 procent hoger.

In Frankfurt boekte Henkel een stijging van 0,75 procent. De zeepfabrikant had voorbeurs kwartaalresultaten bekendgemaakt die beter uitvielen dan analisten hadden verwacht. De chipproducent Infineon won 1,1 procent, hoewel er berichten waren dat de onderneming een grote order uit China is misgelopen.

Over het algemeen waren de luchtvaartaandelen hoger. Dat kwam doordat een Zwitserse krant had gemeld dat Lufthansa belangstelling heeft voor Swiss. Lufthansa was 1,2 procent hoger, Swiss 8 procent. British Airways ging mee en steeg met 1 procent. KLM bleef wat achter met een koersstijging van 0,2 procent.

De euro stond rond het middaguur op 1,1225 dollar. Dat was iets lager dan de slotkoers van 1,1250 dollar die eind vorige week werd genoteerd.

De andere beurzen in Azië boekten net als Tokio winst. In Zuid-Korea bedroeg de stijging 0,45 procent. Hongkong eindigde 1 procent hoger, en in Australië kwam de gemiddelde koersstijging uit op 0,5 procent.