Een Russisch dagje strand aan de kust van China

Het is bloedheet in Peking, dus wat is er leuker dan een weekeindje naar het strand? We gaan met ons zevenen naar Beidaihe, en dat is bepaald niet de minste badplaats van China: tot voor kort was het vaste prik dat China's hoogste leiders eind juli de warme hoofdstad verruilden voor hun eigen privévilla's aan de stranden van Beidaihe, die zo'n 250 kilometer ten oosten van Peking liggen. Dat deden ze niet alleen om in alle rust zandkastelen te kunnen bouwen met hun kleinkinderen, ze gingen vooral om informeel tot afspraken te komen over de werkelijke verdeling van de macht aan de top.

China's nieuwe president Hu Jintao wil dat niet meer hebben. Het zou maar geldverspilling zijn, en het past niet bij een moderne, transparante manier van beleid maken. Dit jaar dus geen hoge leiders, maar wel enorme aantallen Chinezen uit de middenklasse die zo'n uitstapje inmiddels best kunnen betalen.

Op zaterdagochtend om half acht stappen we in een luxe, snelle en spiksplinternieuwe trein. Het publiek is alvast gekleed op strandplezier: een klein meisje in een bermuda van knaloranje Hawaii-stof rent door het gangpad met op haar neus een veel te grote zonnebril, het treinpersoneel verdient ondertussen wat bij met de verkoop van strandballen en badpakken.

Als we om tien uur aankomen, worden we meteen een minibusje ingepraat. We passen er alleen niet in, blijkt, als we met onze tassen komen aanzeulen. Geen nood: als we dreigen weg te lopen, worden alle andere passagiers gewoon uit het busje gezet en kunnen we alsnog instappen. De tocht voert door het soort landschap dat je steeds meer in China ziet: troosteloze flats op verder braakliggend land, dat wordt doorsneden door eindeloze snelwegen.

We verblijven in een complex dat oorspronkelijk voor Russische diplomaten is bedoeld: er staan mooie, maar zeer vervallen villa's in goed bijgehouden tuinen. Er is inmiddels een hotel bijgebouwd met achter de imposante, marmeren hal een grote hoeveelheid verwaarloosde, gore kamers met oude peuken in de asbak en een in tijden niet schoongemaakte wc. Daarover is optimistisch een strook papier aangebracht met groot woord sterilized erop.

De villa waar een deel van onze groep zit, wordt voor de andere helft bewoond door een Russisch gezin, dat een hele maand in Beidaihe verblijft. Bij het complex is ook een Russisch restaurant, waar ze onder meer wodka, bietensoep en sjasjlik verkopen. En Russische diplomaat heeft zijn zilvergrijze Nissan vlak voor het terras geparkeerd en al zijn deuren opengezet: zo kan iedereen meegenieten van de knetterharde Russische popmuziek die uit de boxen van de auto klinkt.

Maar Russische diplomaten zijn al lang niet meer de enige badgasten. Een Russische vrouw vertelt aan een van mijn reisgenoten dat ze lerares Engels is, en dat ze in Moskou gewoon een tweeweekse reis naar Beidaihe heeft geboekt.

De Russisch badcultuur verschilt zichtbaar van die van de Chinezen. Het kleine strandje dat bij ons hotel hoort, is boordevol. We liggen op een houten plank, net voor een Russin die een bikini met paarse rozen draagt. Die rozen kleuren mooi bij haar haar. Ze is zeer verzorgd, nergens valt er een ongeschoren oksel- of beenhaartje te ontdekken.

Haar man is daarentegen dik en harig, heel anders dan de wat iele Chinese mannen in hun lubberende zwembroeken, die in oude autobanden op de grijze zee tussen de plastic zakjes door dobberen. Hun vrouwen houden niet zo van de volle zon: daar word je maar bruin van, en dat is meer iets voor boeren. Ze zitten dicht op een kluitje in kuise zwempakken, met zonwerende parasolletjes in hun hand geklemd. Wat zouden ze denken van de twee Russen met cowboyhoeden die elkaar aan de rand van het water met enorme waterpistolen te lijf gaan?

Van verbroedering lijkt geen sprake: de Russen en de Chinezen hebben geen enkel contact, en ook wij blijven een groepje apart. Maar één ding gebeurt wel met z'n allen: in de restaurants langs de kust doen we ons met smaak tegoed aan enorme hoeveelheden garnalen, krabben en inktvissen. Kan ons het wat schelen dat ze die beesten naar verluidt in de formaline bewaren om ze langer vers te laten lijken? Met een glaasje wodka erbij proef je daar toch niets van?