`Later koop ik hier een huis'

Migranten van het Chinese platteland trekken naar de stad om er hun geluk te beproeven. Sommigen werken in de bouw, anderen zetten een handeltje op en weer anderen worden gastvrouw. `Het is wel mooi geweest'

Op de doorgezakte skaileren bank beneden in het halletje ligt een dronken zakenman onverstaanbaar in zijn draagbare telefoon te praten. Zijn voeten, die in dunne nylon sokjes en glimmend gepoetste schoenen zijn gestoken, liggen gekruist over de leuning van de bank.

Op een andere bank zit zijn collega verveeld een sigaretje te roken: hij vindt het nu wel welletjes met dit avondje uit.

Ik hoop in deze nachtclub een verhaal te maken over hoe migranten van buiten Peking in de prostitutie belanden, en even later loop ik met de eigenaar van de club naar boven over een trap die met een loper van groen kunstgras is belegd. Langs de leuningen flikkeren strengen kerstlichtjes in doorzichtige tuinslangen: zo probeert het vermoeide gebouw toch nog een feestelijke sfeer uit te stralen.

Boven belanden we in een muffe, doorrookte kamer zonder ramen die wordt gedomineerd door twee grote televisietoestellen. Uit de boxen klinkt keiharde karaoke-muziek, en door de dunne wandjes horen we de zangprestaties van een wel enthousiaste, maar niet erg muzikale buurman.

De eigenaar legt uit dat hij een karaoke-bar met dans- en massagefacititeiten beheert, en geen hoerenkast. ,,Maar wat de meisjes na hun werk doen, ja, daar ga ik natuurlijk niet over'', zegt hij.

Ja hoor, ik mag best met het personeel spreken, maar de baas laat me niet met de meisjes alleen. Eerst stelt hij een vrouw van 28 aan me voor, die het vooral heel erg warm heeft. Ze heeft haar gezicht wit gemaakt, want Chinese mannen vallen op een zo blank mogelijke huid. Dat maakt het er voor haar niet koeler op, en het zweet breekt door de laag pancake heen. Ze draagt knalrode lippenstift in dezelfde kleur als haar rode blouse, een zwarte lok haar valt voortdurend voor haar ene oog.

Al mijn vragen beantwoordt ze gereserveerd en aarzelend. Ze lijkt steeds naar het meest wenselijke antwoord te zoeken. De klanten zijn altijd goed voor haar en het werk is ook heel prettig, zegt ze lusteloos. Zou ze meegaan met mannen die haar buiten haar werk wilden zien? ,,Waarschijnlijk niet'', antwoordt ze, terwijl ze me van terzijde opneemt.

In het begin heeft ze erg moeten wennen: ze kon niet zingen, ze had geen idee waarover ze het moest hebben met de klanten en ze was ook niet gewend aan alcohol. Nu gaat dat allemaal een stuk beter.

Ze heeft een dochtertje van tien dat bij haar oma woont in de Noord-Chinese provincie Liaoning, en ook haar man woont daar. Weet die wat ze hier voor werk doet? ,,Eerst niet, maar hij is er wel achter gekomen'', vertelt ze. Hoe reageerde hij toen? ,,Nou, hij reageerde gewoon helemaal niet'', zegt ze laconiek.

Ze verdient goed, en ze woont alleen in een huis dat ze zelf huurt. Ze kan het grootste deel van haar loon sparen, en ze wil over een jaar uit de business stappen. ,,Dan begin ik een eigen zaak in Liaoning. Ik vind het wel mooi geweest.''

Haar collega is pas zeventien, en nog heel kinderlijk. Ze is hier net een maand, en ze kijkt erg uit naar alles wat zeker komen gaat. ,,Ik loop hier vast een zakenman tegen het lijf die me een baan wil geven bij hem op kantoor. Dan betaalt hij ook wel voor mijn verdere studie, en later koop ik mijn eigen huis in Peking.''

Nu woont ze nog in een huis van de zaak: samen met zeven andere meisjes deelt ze een kamer waarin vier stapelbedden staan. Haar ouders weten niet precies wat ze doet. ,,Ik zeg dat ik als serveerster werk, en dat vinden ze wel goed. ,,Zolang ik maar geen slechte dingen doe'', zegt ze lachend.

Ze is vrijwillig uit het noordoosten naar Peking gekomen, via een tussenpersoon die de baas van deze club kende. ,,Ik wilde graag weten hoe het er in de maatschappij aan toe gaat. Dat leer je niet op school. Wij weten daar meer van dan al die universiteitsstudenten, hoor.''

Toch schrikt ze als ik vraag of ze wil dat haar zusje van zestien hier later ook komt werken. ,,Ik hoop dat zij wel kan doorleren, dat ze naar de universiteit kan. Met het geld dat ik naar huis stuur, moet dat gewoon lukken.''