Bouwer beschuldigt ex-premier Antillen

Een voormalig directeur van De Antillen NV, een dochteronderneming van de Nederlandse aannemer Koninklijke Wegenbouw Stevin (KWS) heeft de Antilliaanse oud-premier Maria Liberia-Peters ervan beschuldigd dat zij van 1988 tot 1993 op de loonlijst heeft gestaan van het bouwbedrijf.

De oud-directeur, verdachte in een grootschalig onderzoek naar corruptie en omkoping op de Antillen, legde die verklaring af tijdens een verhoor op 17 februari dit jaar. Volgens de directeur, C.L., zou Liberia-Peters in die periode 5.000 Antilliaanse guldens per maand hebben ontvangen. De verdachte verklaarde hierover geïnformeerd te zijn bij zijn aantreden in 1999 als directeur van De Antillen NV. Het bedrijf ontvangt regelmatig overheidsopdrachten.

Liberia-Peters ontkent de beschuldigingen. Ze zou destijds als premier helemaal niet over infrastructuurprojecten gaan. Ze wil dat de Antilliaanse fiscus zowel op de Antillen als in Nederland de boeken van het bedrijf nagaat om de aantijgingen te controleren. ,,Ik heb de man dit jaar één keer ontmoet en had toen een aanvaring met hem omdat hij een orderportefeuille niet kreeg. Hij moet die verklaring uit rancune en kwaadaardigheid hebben afgelegd.''

Liberia-Peters sluit niet uit dat De Antillen NV in het verleden haar partij gesponsord heeft. ,,Dat is hier gebruikelijke praktijk in een situatie waarin de overheid verkiezingscampagnes en politieke partijen niet subsidieert. Maar als dat al het geval is geweest, ben ik daar nooit zelf bij betrokken geweest. Daar hebben we een penningmeester voor.'' In zijn verklaringen tijdens zijn verhoor gaf de directeur ook aan dat hij de politicus Ramonsito Booi van de UPB, de grootste politieke partij op Bonaire `gemiddeld vier keer per jaar' 5.000 Antilliaanse guldens verstrekte. Ook Booi ontkent. Volgens hem is er wel eens geld naar zijn partij gegaan, maar nooit naar hem persoonlijk. C. L.in zijn verklaring: ,,Booi vroeg ons geld voor zijn partij. Ik vraag me af of het daar terecht is gekomen.''

Volgens L. betaalden ook andere Nederlandse bouwonderneming Antilliaanse politici: ,,Van Janssen de Jong weet ik dat ze Booi ook betaalden'', verklaarde hij. Janssen de Jong is een Limburgs wegenbouw- en aannemingsbedrijf met dochtermaatschappijen op de Antillen. De verklaringen van L., tot voor kort ook voorzitter van de Curaçaose Aannemersvereniging, staan in processen-verbaal die begin deze week zijn onthuld door het dagblad Amigoe. Ze zijn eveneens in het bezit van deze krant.

Volgens officier van justitie in Willemstad L. Vicento worden Liberia-Peters en Booi vooralsnog niet als verdachten beschouwd. ,,Deze meneer (directeur L., red.) is recent verhoord. Er is nog geen vervolgonderzoek gedaan. Het grote onderzoek is nog gaande.'' Maandag begint in Willemstad het proces tegen zestien verdachten, waaronder L. De belangrijkste gedagvaarde verdachte is adviseur Nelson Monte van Frente Obrero Liberashon (FOL), de grootste politieke partij op de Antillen. Anthony Godett, politiek FOL-leider is nog niet gedagvaard. Het onderzoek naar zijn betrokkenheid in deze zaak is nog niet afgerond. Justitie onderzoekt het `stelselmatig en periodiek' aannemen van smeergeld door politici in ruil voor projectvergunningen en andere overheidsbesluiten.

Directeur L. onthoudt zich na zijn verklaringen van elk commentaar. Ook KWS wil niet inhoudelijk reageren. Janssen de Jong was niet bereikbaar.