Liechtenstein niet gediend van kritiek

Als de Raad van Europa, een organisatie voor democratie en mensenrechten waarbij vrijwel alle Europese landen zijn aangesloten, niet gauw een toontje lager zingt over de democratie in Liechtenstein, vindt vorst Hans-Adam II dat zijn 160 vierkante kilometer grote staatje er maar beter uit moet stappen.

Het lidmaatschap ,,kost alleen maar tijd en geld'', vindt Hans-Adam. ,,En op dit moment doet het ons meer kwaad dan goed'', zei hij tegen het Liechtensteiner Vaterland ter gelegenheid van de Staatsfeiertag.

Die feestdag heeft morgen een bijzonder karakter. Niet alleen omdat voor het eerst in de geschiedenis in verband met de extreme droogte geen vuurwerk wordt afgestoken – in plaats daarvan is er een lasershow. Maar het is ook de eerste nationale feestdag sinds het referendum in maart, waarin 64,3 procent van de Liechtensteiners zich uitsprak voor een constitutionele hervorming die de macht van de vorst vergroot.

Het referendum was omstreden, de regering en een meerderheid van de volksvertegenwoordiging van Liechenstein voelden er niets voor, maar Hans-Adam zette door. Volgens het voorstel, dat nog geen kracht van wet heeft, krijgt de vorst het recht om de regering te ontbinden, om parlementsbesluiten te vetoën en om de noodtoestand uit te roepen. Hij krijgt het laatste woord bij de benoeming van rechters, maar levert het recht in om ambtenaren te benoemen. Het volk kan per referendum de vorst onttronen.

Tegenstanders schakelden de Raad van Europa in. Waarnemers van de Raad, onder wie de Nederlander Eric Jurgens, zijn in juni in Vaduz geweest en zullen binnenkort verslag uitbrengen. Mogelijk besluit de Raad daarna tot een procedure om Liechtenstein in de gaten te houden.