Verbod van fotoverbod 1

Het vonnis van de Haagse voorzieningenrechter over het fotoverbod van het prinselijk landgoed, roept een aantal vragen op (NRC Handelsblad, 7 augustus).

1. Het fotoverbod berust op een gemeentelijke verordening. Deze verordeningen kunnen slechts worden vernietigd door provincie en/of kroon. De burgerlijke rechter heeft hier geen taak. Hoogstens kan hij een verordening in een bepaald geval onverbindend achten. De voorzieningenrechter dient slechts in te grijpen indien zwaarwegende, spoedeisende belangen op het spel staan. In casu kan dit moeilijk worden aangenomen. Is het een onhoudbare toestand dat persfotografen verhinderd worden hun, in dit geval onbeduidende, werk te doen? Zodat de roddelbladen geen opwindende foto's kunnen brengen zoals bijvoorbeeld van een in haar tuin zonnebadende prinses? De voorzieningenrechter had met goed recht de eis in kort geding niet behoeven te ontvangen.

2. Fotoverboden zijn sedert mensenheugenis van kracht. In openbare gebouwen, met name ook in gerechtsgebouwen, in musea, kerkgebouwen etc. Nooit eerder is daartegen opgekomen met een beroep op inperking van de vrijheid van meningsuiting en/of nieuwsgaring. Niet is in te zien waarom zulk een verbod in casu niet zou mogen.

3. De bescherming van de privacy wordt in andere gevallen ad absurdum uitgebreid. Het plaatsen van camera's dringend noodzakelijk om criminaliteit te bestrijden is aan vergaande beperkingen onderhevig. Heeft het kroonprinselijk paar geen aanspraak op die bescherming welke aan alle andere burgers wordt geboden? Wordt hier het heilig verklaarde artikel 1 van de Grondwet dat aan ieder gelijke behandeling garandeert, niet geschonden?

4. De gevolgen van de opheffing van het verbod kunnen voor de bevolking in dit deel van de benarde randstad rampzalig zijn. Het landgoed der Horsten is, met het Landgoed De Pauw, destijds aangelegd door prins Frederik der Nederlanden. Het is nu eigendom van prinses Juliana die het destijds voor wandelaars heeft opengesteld. Opheffing van het fotoverbod zou tot gevolg kunnen hebben dat dit wandelgebied aan de burgers wordt ontnomen. De bedoeling van de verordening was juist om dit te verhinderen. Het vonnis is in gebreke dit belang af te wegen tegen het non-belang van de media.

5. Het vonnis grijpt verregaand in in het beleid. Overwogen wordt dat beplanting en afsluitende afrastering anders geplaatst hadden kunnen worden. De rechter pleegt zich in het algemeen van zo vergaande inmenging in het eigendomsrecht te onthouden.

Al met al komt het vonnis minder begrijpelijk voor. De Gemeente Wassenaar heeft aangekondigd hoger beroep in te stellen.

    • Mr L. van Heijningen