Kunstenaars tonen de Maas als rivier met schwung

De Maas stroomt 239 kilometer lang door Nederland. Ooit was de Maas mannelijk, net als de Rijn. Maar ruim twee eeuwen terug werd zij omgedoopt tot een vrouwelijke rivier, La Meuse. In Frankrijk ontspringt zij op 409 meter hoogte op het plateau van Langres. Twee musea in Limburg, het Limburgs Museum in Venlo en het Stedelijk Museum, Roermond, wijden een tentoonstelling aan deze rivier onder de allitererende titel Maas – Moeder, Muze, Markante, Middelares, Meedogenloze, Mythe.

In het Limburgs Museum krijgt de cultuurhistorische rijkdom van de Maas alle aandacht. De bezoekers lopen over vlonders, de vloer eronder is blauw geverfd en er ligt oeverzand. De Maas inspireerde kunstenaars, daarom is zij een muze. In de achttiende en negentiende eeuw valt op dat de plein-air schilders de Maas en haar valleien, en niet te vergeten de Sint-Servaasbrug in Maastricht, in weidse panorama's vastleggen. Jan de Beijer vervaardigde in 1739 het grootse olieverf Kasteel Kessel aan de Maas dat van het kasteel, nu een ruïne, een geheimzinnige burcht maakt, onaantastbaar op de hoge kant gelegen.

De Venlose tentoonstelling is ongekend rijk. Gematigde expressionisten als Herbert Fiedler en Piet Wiegman geven aan het rivierlandschap een nadrukkelijke schwung, alsof de rivier uit slingers en lussen bestaat. Onder het thema Moeder zijn de offergaven gerangschikt die in vroegere tijden werden gebracht. Te zien is een nog ongeschonden en blinkend bronzen zwaard, in de Bronstijd als offer in de rivier geworpen – een teken van macht en rijkdom.

De Fransen hadden in 1819 dynamische plannen. Een gedetailleerde, volledig uitgewerkte kaart toont een kanaal dat de Rijn en de Maas moest verbinden, het Canal de la Meuse au Rhin. Helaas is dit kanaal er nooit gekomen; de omstandigheden waren te ingewikkeld, de hoogteverschillen lastig te nemen. Topografische kaarten zijn, zeker in die tijd, wonderen van schoonheid. Urenlang kun je ernaar kijken.

Kunstenaar Peter Verheijden laat zich in zijn recente werk L'eau de la Meuse (2003) inspireren door topografische kaarten. In het middenpaneel van zijn drieluik is de Maas afgebeeld als een grillige blauwe lijn die in karakteristieke lussen over een wit vlak golft. Ernaast zijn talloze flesjes te zien, gevuld met het water van de Maas. Om de dertig kilometer nam hij een monster. Naar de bron toe, dus richting Luik, raakt de Maas steeds vervuilder.

In het Stedelijk Museum van Roermond komen kunstenaars uit binnen- en buitenland aan bod die installaties hebben gewijd aan de Maas, zoals een eindeloze reeks porseleinen borden of tientallen flessen en weckpotten. Ook buiten aan de Maas staan beelden.

De Maas heeft ook zijn heiligen, zoals Nicolaas, Myra, Petrus en Christoffel. De laatste is in 1520 gemaakt door de Meester uit Esloo. Onder de hoede van dit prachtig-ingetogen houten beeld komt de reiziger behouden aan de overkant. Christoffel siert vele kerken op, gebouwd in het stroomgebied van deze mythische rivier.

Van een superieure kwaliteit, weer terug in het Limburgs Museum, zijn de glasnegatieven uit de jaren dertig. In ongekend scherpe lijnen en gevangen in schitterend perspectief legden anonieme fotografen beelden vast van de Maas en het leven aan haar oevers. Plots zien we wat er veranderd is. Waar ooit zijrivier de Jeker, getooid met bomen, bijna romantisch uitkwam in de Maas, is nu, op een foto van Kim Zwarts, de monding een kale brok aarde. Een asfaltweg loopt erlangs. De eens weelderige rivier is beteugeld. Gelukkig is haar schoonheid niet van het verleden. De twee tentoonstellingen laten overtuigend zien wat dat altijd stromende water voor de mens betekent.

Tentoonstelling: Maas. Limburgs Museum, Keulsepoort 5, Venlo. T/m 28/9. Di t/m zo 11-17u. Inl. 077-3522112 of www.limburgsmuseum.nl. Stedelijk Museum, Andersonweg 4, Roermond. Di t/m vr 11-17u; za en zo 14-17u. Inl: 0475-333496 of www.maasmanifestatie.nl