Oude mopperkont en jonge asielzoeker

De winnaar van de Tiger Award in 2002, de prijs van het filmfestival in Rotterdam, was vorig jaar april al op de televisie te zien. Tussenland, het debuut van documentairemaakster Eugenie Jansen, is een psychologische drama. De film werd gefinancierd door het CoBO-fonds (Coproductiefonds Binnenlandse Omroep), het Stimuleringsfonds Nederlandse Culturele Omroepproducties, het ministerie van OCenW en het Rotterdams Fonds voor de Film.

Het portret volgt de weerbarstige vriendschap tussen de jonge vluchteling Majok uit Soedan, gespeeld door John Kon Kelei en de oude in zichzelf gekeerde Indië-veteraan Jakob (Jan Munter). De 80-jarige mopperpot Jakob lijdt onder het verlies van zijn vrouw en heeft nooit zijn oorlogservaringen in Nederlands-Indië kunnen verwerken. Hij slijt zijn dagen in eenzaamheid. De 18-jarige Majok draagt de last van de `vergeten oorlog' in zijn vaderland en heimwee naar zijn geboortedorp. Hij zoekt een veilige plek in Nederland, maar durft zich niet officieel aan te melden omdat hij bang is dat hij wordt teruggestuurd.

Hun ontmoeting leidt eerst tot ruzie en vijandschap, maar langzaam ontstaat een bijzondere relatie. Jansen brengt haar verhaal als een documentaire en gebruikt `echte' mensen. Munter is oud-monteur en al vele jaren actief als amateurtoneelspeler en figurant (speelde in Ciske de Rat en Baantjer). John Kon Kelei werd in Zuid-Soedan geboren, een gebied waar al jaren een burgeroorlog woedt. Hij kwam in 2000 als vluchteling van de Dinka-stam (koeienherders) naar Nederland.

Echt tot elkaar komen de mannen niet. Ze drinken samen thee, dammen en gaan op bezoek. De jonge vluchteling Majok, zingt a capella een mysterieus klinkend lied in zijn eigen taal. Wat hij zingt weten we niet. Het is niet ondertiteld.

Munter speelt Jakob, bokkig en een beetje autoritair. Iedereen doet het verkeerd, zelfs zijn vriend en mede-oud-strijder Koos, die met zijn demente vrouw in een bejaardenhuis woont. Zijn enige dochter woont in Australië, komt zelden langs en spreekt nauwelijks meer Nederlands. De buren zijn Marokkanen, volgens hem, rotmensen. Hij zeurt ook over bloemkool.

Majok blijft op afstand, vreemd en exotisch. Oogstrelend zijn de scènes waarin hij het oer-Hollandse landschap van koeien en weilanden tot het zijne maakt. Hij melkt een koe, stookt een vuurtje van koeienvlaaien en poetst zijn tanden met de as. De even mooie als bittere film won diverse prijzen op internationale festivals.

Tussenland (Eugenie Jansen, 2002, Ned.). Ned.3, 23.40-1.10u.