Een blanke huurling kent geen scrupules

Ze worden betaald om andermans oorlog te voeren. Zuid-Afrikaanse huurlingen in Ivoorkust.

Waar doe je een Zuid-Afrikaanse huurling die vijftienduizend dollar per maand verdient om een West-Afrikaanse oorlog te vechten plezier mee op zijn vrije zaterdagmiddag? Na zeven maanden in Ivoorkust spreekt Carlos nog altijd slecht Frans. Een beetje beschaamd geeft hij het toe: bier bestellen gaat prima, pizza ook, maar daar houdt zijn taalkennis op. Daarom wil hij het liefst samen naar de markt om komkommers, azijn, peper en een paar hermetisch afsluitbare potten te kopen. Hij heeft zin om augurken in te maken. Heerlijk, zelfgemaakte augurken met een stukje roquefort. Naast het vliegen van Russische gevechtshelikopters is koken Carlos grootste hobby.

Huurlingen zijn stof voor avonturenromans, in hun eentje opererende bad guys die worden uitgekotst door gewone militairen omdat ze voor geld werken, niet voor een vlag of ideaal. Carlos (43) kan er om lachen. ,,Ik ben een freelancer. eigenlijk een soort prostituee.'' Huurlingen komen niet openlijk uit voor wat ze doen. Ze raken niet emotioneel betrokken bij hun werk. Ze brengen uren door in verveling tot ze in actie kunnen komen. Maar er gaat dan ook niets boven het moment waarop je opstijgt in je Mi-24, zegt Carlos, die bekendstaat als een van de beste gevechtshelikopterpiloten ter wereld. Iedere kerel zou toch zijn eigen ballen afsnijden om in zo'n machine te mogen vliegen?

Toen de president van Ivoorkust hem aanbood tegen een fors salaris en een vorstelijke onkostenvergoeding de rebellenbeweging van katoen te komen geven met een Mi-24, was de keuze snel gemaakt. Bovendien, zegt Carlos: Ik werk voor een democratisch gekozen regering. Het is de mantra van alle huurlingen: we verdedigen een democratie. Al denken de meesten heimelijk dat zwarte Afrikanen niet weten wat democratie is.

Veel scrupules heeft Carlos niet. Hij vindt dat hij zich eigenlijk had moeten verdiepen in de achtergrond van het conflict, maar het komt er steeds niet van. Hij kijkt CNN, koopt Time magazine en leest Into Thin Air, een bestseller over bergbeklimmen. Wegens de taalbarrière gaat het lokale nieuws aan hem voorbij, tenzij er foto's van `zijn helikopters' in de krant staan.

Iedereen is bang van de helikopters, want zij zijn het zwaarste wapen dat in Ivoorkust wordt ingezet. Hoe hardnekkig de president ook ontkent dat hij huurlingen heeft binnengehaald, er is geen Ivoriaan die ze kan besturen. Het is dan ook duidelijk wie de blanke mannen zijn die aan de bar hangen van 's lands duurste hotel.

Velen van hen zijn technici uit voormalige Oostbloklanden. Ze onderhouden de Mi-24's, het wapentuig en de militaire transportvliegtuigen. Anderen – doorgaans Fransen proberen van nieuwe Ivoriaanse rekruten echte soldaten te maken. De helikopterpiloten staan bovenaan in de hiërarchie. Op bevel van het leger voeren ze dodelijke aanvallen uit.

Maar naar de details blijft het gissen. Niemand weet dat Carlos zonet zijn gevechtshelikopter heeft geparkeerd op het gazon voor het presidentiële paleis, in een door metershoge muren omringd complex waar gewone stervelingen niet mogen komen. Behalve Monsieur Carlos, die kan gaan en staan waar hij wil. [Vervolg: HUURLING: pagina 4]

HUURLING

Anonieme opwinding

[Vervolg van pagina 1] Stoïcijns tolereert het hotelpersoneel de kalashnikov en handgranaat (je weet maar nooit) naast het bed van Monsieur Carlos. Hij wordt rondgereden in militaire bestelbusjes. Zelf rijden in West-Afrika vindt hij eng: in de lucht voelt hij zich veiliger. Van de president krijgt hij een Ivoriaans paspoort, een geloofwaardiger reisdocument dan het Liberiaanse diplomatieke paspoort dat hij meestal gebruikt.

Carlos begon zijn loopbaan in het toenmalige Rhodesië, trainde in Israël en vocht in Sierra Leone. In Angola raakte hij gewond door rondvliegende scherven. De arbeidsvoorwaarden zijn weleens minder luxueus geweest.

De clichés zijn allemaal waar: huurling zijn is een opwindend, maar eenzaam en anoniem bestaan. Vrijuit kletsen kun je alleen met je collega's. En dan heb je nog van die zeikerds die voortdurend klagen over hun werk. Neem Tom, die gisteren vijftig werd. Het enige wat hij doet is de sfeer verpesten met zijn rothumeur. Voor straf hebben Carlos en twee andere piloten hem chocoladetaart met laxeerpillen als toetje geserveerd. Tom ligt nu ziek in bed in de veronderstelling dat hij bedorven vlees heeft gegeten.

Ik voel me onderdeel van een militaire diaspora, zegt Willem (35), net als Carlos een piloot met doordringend blauwe ogen en een blakend gezicht. Van de afgelopen vijf jaar heeft hij maar negen maanden in Zuid-Afrika doorgebracht. Na trouwe dienst in het Zuid-Afrikaanse leger onder het apartheidsregime begon Willem zich als blanke man overbodig te voelen. Hij praat wel Frans: hij zat ooit in het vreemdelingenlegioen.

Zijn moeder denkt dat hij humanitaire vluchten uitvoert voor de Verenigde Naties. Zijn vader probeert hem te koppelen aan leuke meisjes als hij op bezoek komt in Zuid-Afrika. Om zijn pa een plezier te doen, is Willem braaf naar enkele blind dates gegaan. Maar onvermijdelijk kwam dan altijd het moment waarop die ene vraag gesteld werd: Wat doe je eigenlijk? Wat hij antwoordde, laat Willem in het midden. Maar naar dat soort afspraakjes gaat hij niet meer.