Kunst in getal

Uw serie Kunst In Getal verstrekt weer eens de gangbare opvatting van de overgrote meerderheid dat kunstenaars profiteurs zijn: `ze kunnen er niet van leven.'

Edoch, de hele maatschappij hangt af van subsidies aan elkaar: landbouw, industrie, handel, onderwijs enzovoort, ja zelfs prostitutie (tippelzone); en uitgerekend de meest kwetsbare sector – kunst – zou het zonder moeten doen? De veronderstelling bij voorbaat dat kunst rendabel moet zijn is een aantasting van haar wezen, dat absolute vrijheid is, waar iedereen van profiteert.

Kunst is ook een dienstverlening. Zij zorgt voor de handhaving van een spiritueel klimaat, de vrije gedachte, het intellectuele spel, inspiratie, zingeving, een rimpeling in stil water en is niet uitsluitend een verkoopbaar object. In de moderne samenleving heeft kunst een onmisbare functie en een ongrijpbare betekenis.

Het idee dat er te veel kunstenaars zouden zijn en dat alleen topkunstenaars bestaansrecht hebben hoorden we reeds in de periode Brinkman: `kunst als glijmiddel'. De top van de piramide zweeft niet in de lucht zonder basis. Hoe breder de basis, hoe hoger de top.

Aanpassen aan de markt betekent de kwaliteitsnorm wel heel laag stellen. Niet de kunst moet buigen naar het publiek, amar het publiek moet opstijgen naar de kunst.

Juist in deze reactionaire tijd heeft kunst alle morele steun nodig van mensen met inzicht.