Het gas is helemaal niet zo veilig

Er is geen toezicht op de kwaliteit van gasinstallaties in huis. Volgens de minister is de veiligheid ,,zeer hoog'', maar installateurs betwisten dat. ,,Niemand heeft nog overzicht, en de toestand verslechtert.''

Erkend installateur Aad Valkenburg legt een gasslang op tafel. Er zit een gat in ter grootte van een eurocent. ,,Dat had dus een explosie kunnen zijn'', zegt hij. Valkenburg kreeg het exemplaar, dat dateert uit 1973, van een klant die een nieuwe slang kwam halen. Tegenwoordig gebeurt dat vijf à zes keer per maand, meer dan vroeger.

Halverwege de jaren negentig verdween het zicht op de toestand van de gasinstallaties binnenshuis. Een indirect gevolg van de verzelfstandiging van energiebedrijven. Ook hoefden reparaties niet meer verplicht door erkende installateurs te worden uitgevoerd.

Na gasexplosies in Den Haag en Rotterdam is de discussie opgelaaid over wie verantwoordelijk is voor het toezicht op de veiligheid. Een wettelijke plicht van gemeenten, stelt het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM). Nee, zegt de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Gemeenten hebben daarvoor de deskundigheid noch het apparaat.

De gemeente Eindhoven wilde de resultaten van de al zeven jaar durende discussie niet afwachten. Ze besloot samen met het energiebedrijf NRE de risico's van onveilige installaties op haar grondgebied door een steekproef in kaart te brengen. De initiatiefnemers willen door een periodieke keuring van installaties het verloren toezicht een nieuwe invulling geven.

Dat de recente explosies waarschijnlijk niet zijn veroorzaakt door gasinstallaties in huis deert de iniatiefnemers niet. Volgens NRE bestond het plan al langer, en blijft het noodzakelijk een beeld te krijgen van de risico's. Minister Dekker van VROM deelt die zorg niet. De veiligheid van installaties in huis is ,,zeer hoog'', en is de laatste jaren niet zichtbaar afgenomen, zegt zij.

,,Onzin'', zegt Wim van Woggelum, erkend installateur. Hij en zijn collega Valkenburg komen nog wel bij mensen thuis en zien de laatste jaren steeds vaker risicovolle situaties. Soms door domheid of onprofessioneel werk, zoals slecht geïnstalleerde ketels, kachels en geisers. Ondeskundig aangelegd leidingwerk. Dichtgestopte ventilatiekanalen. Maar ook het gebrek aan toezicht wreekt zich, stellen zij. Gecorrodeerde leidingen in de kruipruimte. Slecht onderhouden of verouderde kachels. Uitgedroogde slangen en lekkende leidingen.

Volgens hen wordt het risico op ongelukken elk jaar groter. ,,Het is zeker geen levensbedreigende situatie, hoor'', benadrukt Valkenburg. ,,Er vallen meer slachtoffers in het verkeer.'' Maar, zegt hij, ,,niemand heeft nog overzicht, en de toestand verslechtert wel.''

In de oude wijken van grote steden ligt het grootste risico, vinden de installateurs. Particuliere verhuur, veel verhuizingen, arme bewoners, verouderde installaties zijn de grootste boosdoeners. Woningcorporaties zorgen goed voor hun huizen, zegt Valkenburg. Maar wat bewoners tussen verhuizingen door zelf doen weten de corporaties ook niet meer.

Beide installateurs zitten zelf meer dan dertig jaar in het vak. Voor de verzelfstandiging van energiebedrijven moesten installateurs alle reparaties met speciale registratiekaarten aan de bedrijven doorgeven. Alleen erkende installateurs mochten repareren, zeggen ze. Bij een verhuizing sloten energieleveranciers altijd het gas af totdat de installatie geïnspecteerd was. Allemaal controlemomenten. ,,De overheid heeft dat te gemakkelijk uit handen gegeven'', zegt Van Woggelum.

Tot 1995 schakelde de gemeente de installateurs in als het gemeentelijk energiebedrijf potentieel gevaarlijke gasinstallaties aantrof. Van Woggelum, die in Den Haag werkt, kreeg per jaar rond de twintig klanten die door de gemeente waren aangeschreven om hun installaties op orde te brengen. [Vervolg INSTALLATEURS: pagina 2]

INSTALLATEURS

Je ligt zo dood in bad

[Vervolg van pagina 1] Valkenburg, met een groter bedrijf in Delft, kreeg er zo'n dertig. Dat gebeurt niet meer. Vroeger plaatste Van Woggelum per winter ongeveer dertig tot veertig gaskachels, nu zijn het er nog één of twee. Hij komt ze nog wel tegen, maar alleen 's winters, voor een haastklusje, als een kachel niet goed werkt. In de helft van de gevallen, zo'n vijftig per jaar, is het probleem veroorzaakt door ondeskundige installatie van ,,een doe-het-zelver''.

Valkenburg en Van Woggelum begrijpen dat mensen een klusje goedkoop willen laten uitvoeren. Er zijn genoeg ,,professionele amateurs'' die wel een leiding kunnen leggen, maar niet volgens de voorschriften. Ook het inhuren van bijklussende werknemers van een installatiebedrijf is geen garantie voor kwaliteit. Iemand die bij zo'n bedrijf daken repareert, kan echt niet zomaar een ketel plaatsen, ook al heeft hij het zijn collega's zien doen, zeggen Van Woggelum en Valkenburg.

Er kan van alles misgaan, zeggen zij. Een goed aangelegde leiding kan toch te dicht onder een houten vloer liggen, zodat een vergeetachtige of nieuwe bewoner er misschien een spijker doorheen slaat. Een leiding die aan te weinig beugels hangt, is een tijd later zo doorgebogen, dat er gaslekken kunnen ontstaan. Zo zijn er nog veel meer mogelijke problemen te bedenken.

Om koolstofmonoxidevergiftiging te voorkomen, controleren monteurs of de ventilatie van een ruimte voldoende is. Daar gaat het heel vaak mis. ,,Als jij een oud geisertje in je badkamer hebt hangen, en je hebt net nieuwe, goed isolerende kozijnen en een mooie tochtstrook onder de deur laten aanleggen, dan lig je zo dood in je bad'', zegt Valkenburg.

Mensen denken er makkelijk over, ,,maar gas is geen water'', zeggen de installateurs. Zij vinden dat de overheid ervoor moet zorgen dat er weer regelmatig binnenshuis gekeken wordt.

Niet omdat ze dan meer werk hebben. Of de markt die hen is afgepakt dan weer terugkrijgen, zeggen ze. De vrije markt moet blijven bestaan, dat begrijpen ze ook wel. Maar íemand moet toch controleren of er goed werk geleverd wordt. Een monteur is verantwoordelijk, vinden ze. Van Woggelum: ,,Als ík de deur achter me dichttrek, weet ik zeker dat het voor veertig jaar veilig is.''

Maar op sommige plekken komen ze nooit meer.