Staat moet Krekar 5.000 euro betalen

De staat moet de Iraakse Koerd mullah Krekar ruim 5.000 euro schadevergoeding en een tegemoetkoming in advocaatkosten betalen, omdat hij enkele maanden onterecht in Nederland gedetineerd heeft gezeten.

Dat heeft de Haarlemse rechter gistermiddag beslist. Mullah Krekar, die sinds 1991 op een vluchtelingenpaspoort in Noorwegen woont, is de leider van de Ansar al-Islam beweging. De VS stellen dat Ansar al-Islam banden heeft met Al-Qaeda. Mullah Krekar werd in september vorig jaar op doorreis naar Oslo opgepakt op Schiphol.

Minister Donner (Justitie) zei kort na Krekars arrestatie dat hij over de mullah met zijn Amerikaanse ambtgenoot had overlegd. Wat daarvan precies de achtergrond was, heeft de bewindsman niet willen toelichten. Amerika heeft nooit om Krekars uitlevering gevraagd. Dat gebeurde wel door Jordanië, dat hem verdenkt van heroïnehandel. Krekar zat vervolgens vier maanden vast in de gevangenis in Vught. Toen Jordanië de drugsverdenking niet hard kon maken, zette minister Donner (Justitie) hem in januari uit naar Oslo. Een aanvraag voor asiel in ons land werd binnen een uur geweigerd. Zowel de rechtbank als de Raad van State heeft inmiddels geoordeeld dat de staat daarbij onrechtmatig heeft gehandeld.

Wat Krekars detentie in Nederland betreft, noemt de rechtbank Haarlem het billijk daarvoor een schadevergoeding toe te kennen. Daarbij gaat de rechtbank ook in op de procedure met het Jordaanse rechtshulpverzoek. Pas later is gebleken dat Amman Krekars uitlevering aanvankelijk had gevraagd vanwege betrokkenheid bij een bomaanslag. Een ambtsbericht van de inlichtingendienst AIVD bevestigde dat. Uitlevering op basis van die verdenking is echter onmogelijk vanwege het ontbreken van een uitleveringsverdrag tussen beide landen. Het enige delict waarvoor aan Amman kan worden uitgeleverd is een VN-drugsverdrag. Jordanië voegde later de heroïneverdenking toe. Krekar zelf heeft beide verdenkingen steeds ontkend en vermoedt dat ze slechts gebruikt zijn om hem in opdracht van de VS in Jordanië te krijgen voor ondervraging.

Minister Donner heeft de AIVD-informatie nooit aan de rechter verstrekt. Volgens hem was dat niet relevant omdat het slechts om een drugsverdenking ging. De Haarlemse rechtbank weerspreekt dat en stelt dat de minister ,,miskent'' dat de rechter die over de toelaatbaarheid van een uitleveringsverzoek heeft te oordelen, wel degelijk van de AIVD-informatie op de hoogte had moeten zijn. De rechtbank noemt het ,,niet onaannemelijk'' dat dat dan had kunnen leiden tot vrijlating van Krekar.

Aan Krekar is slechts een deel van de gebruikelijke schadevergoeding toegekend, omdat ook zijn raadslieden van de AIVD-informatie op de hoogte waren en die de rechter ter beschikking hadden kunnen stellen. Het ambtsbericht was namelijk door Justitie in een eerdere procedure voor de vreemdelingenrechter gebruikt om Krekar de toegang tot Nederland te ontzeggen. Krekars advocaat V. Koppe zegt dat hij het document bewust niet in de uitleveringszaak heeft ingebracht, omdat Justitie hem had laten weten dat er geen andere verdenkingen dan de drugszaak waren.

Koppe is tevreden over de beschikking, maar gaat toch in beroep. De raadsman had een schadevergoeding van 100.000 euro gevraagd omdat hij vindt dat zijn cliënt ,,schandelijk'' is behandeld. De rechtbank overweegt echter dat er van onrechtmatig handelen door Justitie niets is gebleken. Koppe gaat in een verdere procedure de staat aansprakelijk stellen en wil alsnog nader onderzoek naar de affaire. In Noorwegen werden terrorismeverdenkingen tegen Krekar onlangs geseponeerd.