Amandelcrumble

In eenpersoons vuurvaste porseleinen bakjes, die Fransen ramequins noemen, maak je in een handomdraai heerlijke amandelcrumble met zomervruchten. Wie geen ramequins bezit maakt de amandelcrumble in een niet al te diepe ronde ovenschaal.

Bereiding: Snijd de nectarines in kwarten van de pit af. Snijd het vruchtvlees in stukjes. Vul hiermee de ramequins voor 3/4. Vermeng in een ruime kom suiker, volkorenbloem en zout met elkaar. Snijd er dan met twee messen (of gebruik een deegkruimer die in goede keukenwinkels kan worden gekocht) de boter door tot een kruimelig deeg is verkregen. Snijd de amandelspijs op dezelfde manier door de deegkruimels totdat alle kruimels goed door elkaar zijn vermengd. Bestrooi de vruchten (hoeft niet dekkend te zijn) met het kruimeldeeg en leg ter decoratie een hele amandel op het deegkruim. Zet de ramequins op een rooster in het midden van een voorverwarmde oven (200° C) gedurende 30-35 minuten, of tot het kruimeldeeg bovenop goudgeel is geworden. Neem de bakjes uit de oven en laat ze afkoelen tot kamertemperatuur alvorens te serveren. De kruimelkorst wordt krokanter bij afkoeling. Geef er eventueel wat geslagen room of losgeroerde crème fraîche bij. De nectarines kunnen eventueel voor de helft vervangen worden door wat kleingesneden rijpe abrikozen of vervang de nectarines door perziken waarvan het velletje is verwijderd.