Meestervervalser of eenzaam amateurtje

Meestervervalser voor moslimterroristen of een eenzaam handelaartje in paspoorten? Het openbaar ministerie probeert opnieuw een vermeende moslimextremist veroordeeld te krijgen.

De verdachte is een tengere man, gekleed in een donkerblauw pak met een streepje. Zijn stropdas past bij het pak, zijn sokken minder. Hij spreekt Arabisch, maar zegt weinig. Vaak schudt hij alleen zijn hoofd. Zijn tolk vertaalt: `Ik weet daar echt niets van'.

De 46-jarige Algerijn Rabah I., alias Oussama, stond gisteren terecht voor de rechtbank in Rotterdam. Het openbaar ministerie eiste drie jaar onvoorwaardelijke celstraf wegens het vervalsen van paspoorten en andere documenten, heling van vervalste documenten en lidmaatschap van een criminele organisatie.

Hij lijkt misschien een kleine vis, zei officier van justitie D'Anjou, maar Rabah I. had ,,een essentiële functie in een terroristisch netwerk''. Hij was ,,de spil waar alles om draait''. Hij was de ,,meestervervalser'', de man die het andere moslimfundamentalisten mogelijk maakte om met valse identiteitspapieren door Europa te reizen en aanslagen voor te bereiden. Onzin, zei advocaat Noppen. Rabah I. was helemaal geen schakel in een criminele organisatie, maar een ,,eenzaam werkend amateurtje'', een ,,kleine zelfstandige die een beetje rommelde en handelde in paspoorten''.

De zaak tegen Rabah I. kan worden gezien als de derde episode in de strijd van de Nederlandse staat tegen vermeende moslimterroristen, al dan niet verbonden aan Al-Qaeda. De stand is 2-0 voor de vermeende terroristen.

Op 13 september 2001, twee dagen na de aanslagen in New York en Washington, werden drie mannen gearresteerd in een woning aan de De Kempenaerstraat in Rotterdam. Een vierde bewoner werd later in Canada aangehouden. Aanleiding voor de arrestatie en huiszoeking waren twee ambtsberichten van de toenmalige BVD, nu AIVD, waarin de mannen in verband werden gebracht met een (voorkomen) bomaanslag op de Amerikaanse ambassade in Parijs. In december 2002 werden de vier verdachten vrijgesproken van het vervalsen van paspoorten en steunen van de jihad. Hun arrestatie was onrechtmatig, oordeelde de rechtbank, want de AIVD heeft geen opsporingsbevoegdheid en een tip van de veiligheidsdienst is onvoldoende grond om iemand te arresteren. Pas na de AIVD-tip was het OM begonnen met eigen onderzoek.

De tweede episode was nog dramatischer. In mei van dit jaar werden twaalf vermoedelijke moslimterroristen vrijgesproken, omdat onderzoek van politie en OM onvoldoende bewijs opleverde voor beschuldigingen van de AIVD. De verdachten, wonend door het hele land, waren gelieerd aan de Al Fourqaan moskee in Eindhoven. De overkoepelende aanklacht was `het verlenen van hulp aan de vijand van de Nederlandse staat en zijn bondgenoten in tijd van een gewapend conflict'. In de loop van het proces werd al duidelijk dat officier van justitie Valente er zelf weinig vertrouwen in had. Het landelijk parket van het OM gaat nog wel in hoger beroep.

In vergelijking met de twee vorige zaken oogt de zaak tegen Rabah I. bescheiden. Geen overdadige aandacht van de media dit keer, en geen extra beveiligde rechtszaal. Het woord terrorisme komt in de tenlastelegging niet voor. Wijs geworden door de twee eerdere mislukkingen heeft het OM de tactiek gewijzigd.

Weliswaar beschouwt het parket Rotterdam de zaak tegen Rabah I. als een voortzetting van de `Zaak Eik', tegen de vier verdachten uit De Kempenaerstraat, maar de aanklacht betreft alleen `reguliere' criminele activiteiten. Vervalsing van paspoorten, rijbewijzen, identiteitsbewijzen en betaalpassen. Namaken en verkopen van merkkleding en horloges. Woninginbraken. Dat Rabah I. wist van de plannen voor een aanslag op de Amerikaanse ambassade in Parijs, acht het OM niet te bewijzen. Wel speelde hij volgens de officier van justitie een sleutelrol in de criminele organisatie die aan de Vletstraat in Rotterdam ,,een facilitair bedrijf runde, waar fundamentalistische moslims terecht konden voor een vals/vervalst paspoort''. Terroristen reizen veel en bij voorkeur onopvallend. Valse documenten zijn daarbij cruciaal. De namen en talrijke aliassen van de zes andere leden van de Rotterdamse `cel' zijn bekend.

De groep verhuisde in de loop van 2001 van de Vletstraat naar de De Kempenaerstraat, waar het ,,mobiele vervalsingsatelier'' werd voortgezet, aldus het OM. Dat I. niet gelijktijdig met de andere verdachten van De Kempenaerstraat is opgepakt, komt omdat hij toen al verhuisd was naar Noorwegen. In maart van dit jaar werd I. in Lübeck aangehouden omdat hij met een vervalste Noorse asielkaart per bus via Duitsland op weg was naar Frankrijk. Eind april arriveerde hij na een verkorte uitlevering in Nederland.

De tactiek van de verdediging is ongewijzigd. Het bewijsmateriaal dat werd aangetroffen in de woning aan De Kempenaerstraat — blanco en vervalste documenten, vervalsingsmateriaal — is onrechtmatig verkregen, aldus advocaat Noppen. Immers, de inval in die woning gebeurde op grond van hetzelfde AIVD-ambtsbericht dat een sleutelrol speelde in de eerste zaak tegen de vier vermoedelijke moslimterroristen. Het OM beroept zich niet alleen op de aangetroffen spullen, maar ook op vingerafdrukken, afgeluisterde telefoongesprekken en beschuldigingen van andere verdachten. In hun verklaringen hebben zij Rabah I. aangewezen als degene die de leiding had bij het vervalsen.

De verdachte zelf liet weinig los. Zelfs zijn eerdere verklaringen bij de politie trok hij geheel of gedeeltelijk in. Zijn ontkennende houding (,,Ik weet niet wat er gebeurde op de Vletstraat, ik heb er maar kort gewoond'') verleidde rechtbankpresident Van Klaveren tot steeds minder verhuld sarcasme (,,Dus u babbelde 's avonds nooit gezellig met elkaar over wat u die dag zoal had gedaan?'').

Net als in de twee voorgaande zaken, lijkt de zaak tegen Rabah I. zwaar te leunen op informatie van de AIVD. Bij de samenwerking met de AIVD ,,moesten soms nieuwe paden worden ingeslagen'', aldus officier van justitie D'Anjou in zijn requisitoir. Op 18 augustus zal blijken of die nieuwe paden worden toegestaan.