Visser wint brons bij WK op de baan

Wielrenster Adrie Visser heeft zaterdag bij de wereldkampioenschappen baanrennen in Stuttgart de derde plaats bereikt bij het onderdeel scratch. Zij verloor in de finale met miniem verschil van de Russin Olga Sloesareva (goud) en de Australische Rochelle Gilmore (zilver). Visser veroverde voor Nederland de derde medaille bij de werelkampioenschappen. Eerder al won Leontien van Moorsel goud bij de achtervolging en Jos Pronk brons bij de pountenkoers.

Gisteren misten Robert Slippens en Danny Stam ondanks een flitsende start een plaats op het podium bij de koppelkoers. Met het Duitse koppel Fulst en Müller slaagden ze er net niet in de concurrenten op een ronde te rijden. Later lukte dat twee koppels wel: de Zwitsers Risi en Marvulli en de Argentijnen Curuchet en Perez. Slippens en Stam leken op weg naar het brons, maar moesten toezien hoe ook de Nieuw-Zeelanders Henderson en Roulston wegreden.

De medaille van Visser (19) was een verrassing. De renster was woensdag nog hard ten val gekomen. In haar tweede optreden op een wereldkampioenschap had Visser nog niet op een medaille gerekend. ,,Dit is echt heel mooi'', glunderde Visser, die vorig jaar in Kopenhagen bij de WK debuteerde. ,,In de puntenkoers voelde ik me al heel goed. Met de val werd ik toen toch nog achtste. Gelukkig had ik in de finale op de fiets geen last van mijn verwondingen. Het is mooi dat ik met deze medaille mijn goede vorm heb kunnen bevestigen.''

Bondscoach Peter Pieters was tevreden over het resultaat bij de wereldkampioenschappen waar voor het eerst sinds 1994 (Ingrid Haringa) weer eens een andere renster naast Van Moorsel een medaille won. Bij de mannen was het laatste succes zelfs twaalf jaar geleden behaald: Pieters won toen zelf brons in de puntenkoers. ,,Met een beetje geluk pakken we hier zelfs vijf medailles. Stam en Slippens hadden het brons eigenlijk al in de zak en Yvonne Hijgenaar was er dichtbij op de 500 meter tijdrit.'' Pieters zag verder lichtpuntjes in de ontwikkeling van de teamsprinters en sprinter Theo Bos. De ploegachtervolging was een dompertje. Mede door de ziekte van Peter Schep. De moraal zakte weg. Eigenlijk is de basis gewoon te smal.''