Nederlandse politie niet naar Antillen

De politie op de Nederlandse Antillen hoeft niet te worden versterkt met Nederlandse militairen of politie. Het is wel gewenst dat de Antilliaanse politie vanuit Nederland met opleidingen ondersteuning krijgt bij de aanpak van drugsgerelateerde criminaliteit als illegaal wapenbezit.

Dat is de kern van een door Nederlandse politiefunctionarissen opgesteld rapport over de aanpak van drugscriminaliteit op de Antillen. Vorige week is het rapport aangeboden aan de Antilliaanse regering.

Grootscheepse politie-inzet is niet het antwoord op de wijdverbreide drugscriminaliteit op de Antillen, aldus een woordvoerster van het Nederlandse ministerie van Binnenlandse Zaken. Wel kan een kleinschalige aanpak die gericht is op maatwerk helpen, aldus Buitenlandse Zaken.

Het onderzoek werd volgens de woordvoerster uitgevoerd nadat de Antilliaanse regering afgelopen maart om extra bijstand had gevraagd voor de aanpak van illegaal wapenbezit op het eiland. Dat verzoek om bijstand werd afgelopen weekeinde naar buiten gebracht door de voormalig gevolmachtigd minister van de Nederlandse Antillen, C. de Haseth. In het Radio 1-Journaal zei hij gisteren en vanochtend dat de Antilliaanse regering in Den Haag gepolst had of op de Antillen gestationeerde Nederlandse mariniers konden worden ingezet bij acties van de Antilliaanse politie.

Daarbij werd gedacht aan de bemanning van wegblokkades op het moment dat de politie op grote schaal huiszoekingen verricht. De acties maakten deel uit van het zero tolerance beleid van het kabinet-Ys, dat in de zomer van 2000 is begonnen.

Volgens de woordvoerster van Binnenlandse Zaken is na dat verzoek in overleg met de Antilliaanse regering besloten om onderzoek te doen naar de meest gewenste aanpak van illegaal wapenbezit. ,,Dat rapport is door twee politiefunctionarissen opgesteld na overleg met het openbaar ministerie en de regering op de Antillen. Het is aangeboden aan de Antilliaanse regering. Die moet vervolgens besluiten wat ze met de bevindingen gaat doen.''

Meerdere fracties in de Tweede Kamer vinden extra steun van Nederlandse politiemensen op de Antillen bespreekbaar. De inzet van mariniers is minder bespreekbaar. ,,De achtergrond van dit verzoek is de machteloosheid van de Antilliaanse regering bij de drugsbestrijding'', aldus CDA-woordvoerder W. van de Camp.

Maar, zegt Van de Camp, ,,we mogen op de Antillen niet fungeren als een bezettingsmacht''. ,,Politionele problemen moet je met politiecapaciteit oplossen.'' Nederland moet volgens het Tweede-Kamerlid op de kortst mogelijke termijn overleg voeren met de nieuwe Antilliaanse regering over de aanpak van de drugscriminaliteit op de eilanden. ,,De tijd van het over en weer naar elkaar toe vliegen met dure vluchten zonder dat we elkaar de waarheid vertellen, is voorbij.''

Volgens VVD-woordvoerder J. Rijpstra schiet bovendien de politiecapaciteit op de Antillen tekort. ,,Op dat punt moet Nederland bijspringen, want we zijn één koninkrijk.''

Rijpstra gaat er vanuit dat ook de nieuwe Antilliaanse regering prioriteit stelt aan een adequate drugsaanpak. ,,Anders glijden we af naar een situatie waarbij in een deel van het Koninkrijk de criminaliteit de macht gaat overnemen.

Volgens PvdA-woordvoerder A. Wolfsen moet niet vanuit Nederland uitgemaakt worden hoe op de Antillen de drugsproblematiek moet worden aangepakt. ,,Maar als van daaruit om bijstand wordt gevraagd om drugswijken af te zetten, is dat voor mij bespreekbaar. Op de Antillen zelf wordt geen drugs verbouwd, dat wordt het land ingevoerd.'' Als de Antillen een goed plan hebben om die invoer van drugs aan te pakken, dan moet Nederland daaraan meewerken, aldus het Kamerlid.