`Ras'

Het stuk `Rasregistratie is overbodig' (Ophef, W&O, 26 juli) illustreert hoe spijtig het maar kappen in de onderwijsprogramma's van onze medische faculteiten is. Reeds zo'n veertig jaar geleden doceerden in Utrecht John Huizinga en zijn jonge collega's dat bij de mens `ras' een onjuist begrip is. Wel werd gewezen op uiteenlopende reactiepatronen op geneesmiddelen in relatie tot etnische achtergrond. Helaas verdween de bijdrage van de fysische antropologie aan het curriculum. Hoewel artsen tegenwoordig ook in Nederland meer dan ooit worden geconfronteerd met patiënten afkomstig uit de meest uiteenlopende delen van de wereld, is de benodigde kennis over de genetische variabiliteit bedroevend gering.

Wie beseft nu nog dat de in de W&O-bijlage aangehaalde uitspraak uit Science van 25 juli dat genetische verschillen binnen de `rassen' veel groter (kunnen) zijn dan tussen de `rassen', zeker niet nieuw is. Na de Tweede Wereldoorlog werd onder invloed van Amerikaanse antropologen internationaal de term `ras' uitgebannen als een kunstmatig concept zonder biologische betekenis dat weinig tot niets verklaart. Toch blijft de Amerikaanse overheid in `ras'-categorieën denken.

Bij plant en dier zijn binnen de soort dikwijls wel aparte rassen te onderscheiden. Maar bij Homo sapiens zijn ondanks een dramatische genetische variabiliteit nergens scherpe grenzen te trekken; alle veranderingen zijn gradueel. Bij mensen met eenzelfde huidkleur/haarvorm kunnen inwendige kenmerken extreem verschillen, maar wel sterk overeenkomen met die van groepen elders op de wereld die er heel anders uitzien.