Juan krijgt rode konen van de suikeroogst

De jongste Europese landbouwhervorming pakte voor Spanje niet slecht uit, vindt de regering. Onder de kleine boeren overheerst scepsis. Het aantal landbouwers zal ook verder dalen.

Juan Ramón Fernández maakt lange dagen. Uren zit hij op de oogstmachine samen met zijn neef die ook in de suikerbieten zit. ,,Tien uur werk'', schat Juan Ramón zijn dagelijkse arbeid, nog afgezien van het op en neer rijden van het dorp Vejer naar de omliggende akkers. Twee maanden lang, de suikeroogst in Cadiz zit er bijna op en dat is te zien aan de rode konen van Juan Ramon.

Cadiz, de Atlantische kustprovincie in het zuiden van Spanje, is zo'n gebied waar je van alles vindt. De glooiende heuvels zijn er beplant met suikerbieten, graan en zonnebloemen, in zones met meer water worden groentes, fruit en snijbloemen geteeld en de druiven voor de sherry groeien rondom Jerez. In de mediterrane bossen met hun kurkeiken zoekt het vee naar schaduw, altijd broederlijk vergezeld door witte koereigers.

De Spaanse minister van landbouw en visserij, Miguel Arias Cañete, ventte de afgelopen weken met bravoure de resultaten van de jongste Europese landbouwhervorming uit. De Spaanse boeren hebben op de meeste punten hun zin gekregen, betoogde de minister, en dat mocht wel eens worden gezegd. Maar in hun huis in Vejer, waar Juan Ramón Fernández (35) met vrouw en kind woont, heerst zorg en scepsis, zoals onder vele kleine boeren in Spanje zorgen over de toekomst bestaan.

Juan Ramón wacht nog op de uitleg van zijn boerenbond wat precies de gevolgen zullen zijn van de hervorming. Het gerucht gaat dat de subsidie op de bieten zal verminderen, uitgerekend nu de oogst door de overvloedige regenval dit voorjaar tegenviel. En hoe het in de toekomst met het graan moet nu de graansubsidie gedeeltelijk wordt ontkoppeld van de productie is voor hem ook een kwellende vraag. Bieten en graan, precies de twee gewassen die hij afwisselend verbouwt op zijn 34 hectare aan akkerland. Geen vetpot, zeker niet nu de regering van plan is om de maandelijkse bijdrage voor de sociale zekerheid te verhogen naar zo'n 600 euro. Veel alternatieven ziet Ramón niet: de grond is relatief droog, er is weinig water, geen bevloeiingsinstallatie. Zonnebloemen zou misschien kunnen, ware het niet dat vooral vogels zich daaraan te goed doen.

Vriend en vijand zijn het er over eens dat de Spaanse minister de belangen van de Spaanse boeren goed heeft verdedigd tegenover landbouwcommissaris Franz Fischler. Die twee – beiden stevige heren met witte baarden – zijn aan elkaar gewaagd: Fischler deinsde er de afgelopen jaren niet voor terug met regelmaat zijn beleid te verdedigen in Madrid tegenover woedende boeren. En Cañete, de Spaanse minister, wist de jongste Europese landbouwronde in Luxemburg naar zijn hand te zetten.

Het bleef na afloop van Luxemburg dan ook rustig in Spanje. Tot 2013 zijn de meeste subsidiegelden voor Spanje veiliggesteld, er werd een gunstige regeling voor de droogvruchten en rijst binnengehaald. Maar de vreugde werd getemperd door het besef dat met de loskoppeling van de subsidies aan de productie op termijn het bestaande stelsel gedoemd is te verdwijnen.

,,De uitkomst was de minst slechte van alle mogelijkheden'', zo vat Cristobal Cantos, secretaris-generaal in Cadiz van de bond voor jonge boeren Asaja, de stemming samen. Veel jonge boeren zijn er trouwens niet meer: sinds de laatste grote landbouwhervorming in 1992 is het aantal boeren in Cadiz met zo'n veertig procent teruggelopen tot ongeveer 8.000. En de dalende trend zal onherroepelijk doorgaan.

Dat neemt niet weg dat er best nog mogelijkheden zijn, vertelt Cantos. In het gebied rondom Gibraltar zijn boeren bezig met grootschalige aanplant van citrusbomen. Kleinere boeren kunnen aardig rondkomen van fruit en groentes, terwijl ook de snijbloementeelt de laatste jaren stevig is gegroeid.

Op langere termijn zou Spanje uitstekend geschikt zijn voor een heel ander project, meent de secretaris-generaal. Zijn bond gaat zich inspannen voor de herintroductie van het mediterrane bos dat zo kenmerkend is voor het Spaanse landschap. Niet het typische productiebos van Noord-Europa, maar het klassieke landschap met zijn verspreide kurkeiken en hoge dennen zoals je dat nog steeds kan aantreffen in uitgestrekte gebieden van Andalusië een Extremadura. Het tussenliggende land is uitstekend begraasbaar door vleeskoeien en stieren. ,,Op lange termijn is dergelijke herbeplanting prima te combineren met extensieve veeteelt'', aldus Cantos. ,,En het is nog mooi om naar te kijken ook.''

Er is wel een probleem, want volgens het jongste landbouwakkoord slinkt juist het aantal hectares voor landbouw en veeteelt. Die norm zou dan ook flexibel toegepast moeten worden, En er is nog een probleem. Volgens Cantos dreigen veehouders wegens het nieuwe subsidiesysteem gestraft te worden voor extensieve veeteelt. ,,Daar zou een correctie op moeten plaatsvinden'', meent hij.

Het idee van herbebossing op de vrijkomende gronden is nog betrekkelijk nieuw, maar wijst er op dat de houding binnen de Spaanse boerengemeenschap niet langer uitsluitend defensief ingesteld is. Die mentaliteitsomslag is nodig, want aan de zuidgrens van Spanje staan de ontwikkelingen evenmin stil. Volgens plan zal Marokko in 2012 vrije toegang krijgen tot de Europese markt. De hoge tariefmuren die de Spaanse boeren nu nog beschermen tegen hun zuidelijke concurrenten zullen dan definitief zijn verdwenen.

Of Juan Ramón Fernández dan nog in de weer is met suikerbieten en graan weet hij niet. Generaties lang boerde zijn familie in de velden rondom Cadiz, maar of zijn zoontje ooit op de tractor zal zitten waagt hij te betwijfelen. De jongste landbouwhervorming zal daar alleen maar aan bijdragen denkt hij. Juan Ramón: ,,Ze hebben ons de duimschroeven verder aangezet.''

Dit is het laatste deel van een een serie over de gevolgen van de Europese landbouwhervormingen. Eerdere afleveringen verschenen op 5, 12, 19 en 26 juli en zijn na te lezen op www.nrc.nl