Kraters en bobbels aan één stuk

Polen ligt onder vuur van de EU omdat het zijn wegen niet snel genoeg moderniseert. In 2002 werd maar 6 kilometer aangelegd. De Polen erkennen de problemen, ontstaan door geldgebrek, maar vinden de kritiek niet altijd zuiver.

Een doorsnee Poolse weg oogt als een maanlandschap. Kraters en bobbels, aan één stuk door. Diepe spoorvorming, soms tientallen kilometers achter elkaar. Een snelweg is in Polen een rariteit. Er ligt 404 kilometer aan snelwegen, op een totale lengte van 374.000 kilometer aan wegen. Die snelle wegen liggen in tientallen stukjes over het land verspreid. De langste snelweg is 125 kilometer, de kortste 2 kilometer, een ritje van twee minuten.

Brussel liet zich onlangs kritisch uit over de Poolse wegenbouw. Vorig jaar werd maar 6 kilometer aan nieuwe snelweg gebouwd en onvoldoende nieuwe projecten zouden in het verschiet liggen. Vorige week onthulde dagblad Rzeczpospolita dat de Europese

Commissie zelf een document met een algemene strategie voor de wegenbouw in Polen heeft opgesteld, omdat Polen al maanden treuzelt met het aanleveren van eigen plannen. Willen de Polen eigenlijk wel betere wegen?

Grofweg heeft Polen twee gebieden met snelwegen: rondom de westelijk gelegen stad Poznan, op de route Berlijn-Warschau, en bij Wroclaw, in het zuidwesten, op de route naar de industriestad Katowice. De snelweg in de buurt van Wroclaw, de vroegere Duitse stad Breslau, is een geval apart. Zij is vrijwel geheel gebaseerd op het door de nazi's ontworpen wegenplan en werd deels ook door Duitsers gebouwd. Veel bruggen op die weg zijn ontworpen door jonge ingenieurs uit Breslau, als eindopdracht voor hun studie.

De andere snelweg, bij Poznan, wordt gebouwd door Autostrada Wielkopolska, een bedrijf waarvan de leningen worden gegarandeerd door de Poolse overheid. Begin jaren negentig werd aangenomen dat private ondernemingen de wegenbouw ter hand zouden nemen, maar dat viel tegen. Financiers en banken eisten deelname van de staat. Maar de privaat-publieke samenwerkingen hebben niet geleid tot een significante toename van asfalt.

Topambtenaar Grzegorz Maletka van het ministerie van Infrastructuur beaamt dat Polen de afgelopen tien jaar weinig aandacht had voor wegen. Een brandstofbelasting die vijf jaar geleden werd ingevoerd om projecten te bekostigen, levert de staat jaarlijks 50 miljard zloty's (12 miljard euro) op. Officieel is 55 procent hiervan bestemd voor wegenbouw, maar in de praktijk bereikt 30 procent de wegen. Het parlement heeft jaar na jaar besloten dat er meer geld moet naar ziekenhuizen of boze mijnwerkers. Wegen staken niet, burgers wel.

,,De parlementariërs staan onder druk om meer geld aan sociale doeleinden te besteden'', zegt Maletka. ,,Ze worden zo'n beetje bedreigd. Met de helft van die 50 miljard zou alles in orde zijn geweest.''

Dagblad Gazeta Wyborcza schreef eerder deze week dat het wegennet alleen maar slechter is geworden, terwijl het autoverkeer met 80 procent is toegenomen en het doorgaande verkeer is verdubbeld. Ook het aantal auto's per duizend inwoners verdubbelde sinds 1990 tot 259. Er is ruimte voor verdere groei: het Europese niveau ligt tussen de 350 en 500 auto's per duizend inwoners. In Polen voldoet 2,6 procent van de wegen aan de Europese normen voor vrachtverkeer. De onderzoeksafdeling van The Economist typeert de Poolse infrastructuur als high risk.

Marek Pol, de Poolse minister van Infrastructuur, heeft voor 2005 550 kilometer aan nieuwe snelwegen, 200 kilometer aan autowegen en 40 nieuwe stadsringen beloofd. Maar die doelstelling is alleen realistisch als de overheid de belastinginkomsten verhoogt en erin slaagt Europees geld binnen te halen. Of dit gaat lukken is onzeker.

Een positief punt (voor de wegen althans) is dat twee maanden geleden een wet is aangenomen die het vrijwel onmogelijk maakt voor burgers om bouwprojecten stil te leggen. In de jaren negentig maakten Polen veelvuldig gebruik van hun herwonnen vrijheid om met de wegenbouw samenhangende landonteigeningen voor de rechter ter discussie te stellen. Met succes, want menige snelweg werd in de kiem gesmoord. De overheid hoopt dat de nieuwe wet een asfalt-boom veroorzaakt.

Pogingen om meer belasting te heffen, zijn tot nu toe mislukt. In februari stemde het parlement tegen een regeringsvoorstel om alle autobezitters elk jaar een vignet te laten kopen. Inmiddels ligt er een nieuw en volgens velen redelijker voorstel om de brandstofbelasting te verhogen met 0,095 zloty per liter.

Polen dreigt Europees geld mis te lopen, omdat deze subsidie binnen twee jaar nadat ze zijn toegezegd ook moeten worden opgemaakt. Volgend jaar, als Polen definitief lid van de Europese Unie is, kan het rekenen op 3,7 miljard euro. Dat bedrag moet dus uiterlijk in 2006 zijn opgesoupeerd, maar de voorbereiding van infrastructurele projecten vergt meer tijd. Geld dat niet aan projecten is toegewezen, vloeit terug naar Brussel.

Topambtenaar Maletka ontkent niet dat er problemen zijn, maar vindt de kritiek uit Brussel niet altijd zuiver. Volgens hem wordt de Europese Commissie onder druk gezet door lobbyisten van grote, veelal Duitse wegenbouwers. Die bedrijven hebben in eigen land weinig werk meer en hopen in Polen nieuwe opdrachten binnen te halen. Maletka is somber over de kansen van Poolse wegenbouwers bij de verplichte, internationale uitbesteding van wegenbouwprojecten. Want Poolse wegenbouwers hebben op dit moment geen invloed in Brussel.

    • Stéphane Alonso