`Ik heb niets extra's kunnen brengen'

Hockeyer Menno Booij (28) zegde zijn baan op voor zijn olympische droom, maar de `modelprof' werd vorige maand uit de Nederlandse selectie gezet.

Hij heeft de bondscoach bij het afscheid gewaarschuwd. ,,Als ik buiten de boot val, dan komen er krachten los – dat wil jij niet weten. Dat is in het verleden ook gebeurd. Kijk dus niet vreemd op als ik binnenkort ineens weer de sterren van de hemel speel, en jij plotseling toch weer bij me op de stoep staat.''

Of dat scenario realistisch is, weet Menno Booij niet. Het kan hem ook niet zo veel schelen. De 28-jarige linkermiddenvelder van Bloemendaal heeft zich aan de vooravond van zijn elfde seizoen in de hoofdklasse verzoend met de gedachte dat de Olympische Spelen in Athene aan hem voorbij gaan. ,,Al blijft de deur op een kier staan. Mocht Joost over een paar maanden inderdaad aan de bel trekken, dan ben ik zonder meer beschikbaar.''

Vorige maand kreeg de 41-voudig international van bondscoach Joost Bellaart te horen dat voor hem geen plaats meer is in de Nederlandse selectie. ,,Hij riep me bij zich voor een gesprek onder vier ogen. Toen wist ik in feite al genoeg. Ik had onvoldoende progressie gemaakt, vond hij, en kon me volgens hem beter weer op mijn maatschappelijke carrière richten. `Athene is voor jou een utopie', zei hij letterlijk. Dat is duidelijke taal, nietwaar?''

Helemaal onverwacht kwam de onheilstijding niet voor de `waterdrager', die twee jaar geleden in en tegen België (0-5) zijn debuut maakte voor de nationale ploeg. Booij: ,,Ik ben niet op mijn achterhoofd gevallen. Als je tijdens de trainingen zelden of nooit op een voor jou vertrouwde positie mag spelen, dan weet je dat het lastig wordt. Ik heb een grenzeloos vertrouwen in mijn eigen kunnen nog steeds trouwens maar ik heb de laatste tijd niets extra's gebracht. Dat Joost daarom kiest voor een jonkie met min of meer dezelfde kwaliteiten, begrijp ik wel.''

Booij speelde naar eigen zeggen ,,een zeer matig seizoen'' bij Bloemendaal, de club die afgelopen jaar de landstitel verspeelde en in de halve finales van de play-offs werd uitgeschakeld door Oranje Zwart. ,,De eerste helft van het seizoen verliep boven verwachting goed, hoewel ik zelf toen een tijdlang niet heb kunnen spelen wegens een buikspierblessure. Maar na de winterstop liep het niet en deelde ik in de malaise.''

En toch: geen inschikkelijker hockeyer dan Menno Booij. Hij weet het. ,,Joost was aangenaam verrast door de onderkoelde manier waarop ik het slechte nieuws tot me nam. Ik ben niet boos geworden, ik heb hem rustig aangehoord en uiteindelijk gezegd dat ik liever nu afval dan een week voor de Spelen. `Als iedereen zo zou reageren als jij, dan zou de hockeywereld er heel anders uitzien', zei hij. Dat heb ik maar uitgelegd als een compliment.''

Of is dat nu juist zijn `probleem'? Booij is dan wel ,,een van de fitste spelers'' en bovendien op meerdere posities inzetbaar, hij lijkt ook te lief voor de topsport. Waarom geen voorbeeld nemen aan het venijn dat zijn twee jaar jongere zus, international Minke, aan de dag legt? ,,Wat is te lief? Minke holt met een rooie boei over het veld, ik niet. Maar dat wil niet zeggen dat mijn inzet niet deugt. Integendeel zelfs. Maar ik ben van nature een rustige en evenwichtige jongen. Ik blijf liever mezelf dan dat ik op een geforceerde manier iets of iemand ga imiteren. Dat is niet mijn stijl.''

Zijn voortijdige afscheid is des te pijnlijker omdat Booij omwille van zijn olympische droom begin dit jaar ontslag nam bij KPMG, het organisatie-adviesbureau waar hij in dienst was als consultant fusies en overnames. ,,Dat was een weloverwogen keuze, in het belang van de sport en dus van `Athene'. Joost feliciteerde me toen ik de knoop had doorgehakt.'' Maar belazerd voelt Booij zich ruim een halfjaar later niet. ,,Ik sta in voor mijn eigen beslissingen.''

Onder druk van de opgevoerde trainingsintensiteit besloot Booij vorig jaar al minder te gaan werken. ,,Van honderd naar vijftig procent, omdat werk en sport elkaar in de weg zaten. Ik moest wat doen, want als je zelfs tussen de trainingen door nog wordt gebeld over een of andere fusie, dan komt dat je prestaties op het veld niet ten goede. Bovendien was ik regelmatig tot diep in de nacht bezig, en vaak ook nog eens in het weekeinde. Dat kon zo niet langer.''

Nu is hij dus international af en ook nog eens werkloos. Maar zorgen zegt Booij zich niet te maken. Goed, het economische tij zit niet mee, maar: ,,Ik ben geen starter meer op de arbeidsmarkt, heb een goede opleiding (financiële bedrijfskunde, red.) op zak en 4,5 jaar werkervaring. Ik ga komend weekeinde met een gerust hart op vakantie.''